Arabisch, een Europese taal als elke andere

Een Zweedse journaliste van Palestijnse afkomst reisde rond door Europa om in kaart te brengen hoe het er met de Arabische taal voor staat. Het resultaat zal menigeen verbazen…

Gepubliceerd op 11 november 2011 om 11:04

Nadia Jebril, een Zweedse journaliste van Palestijnse afkomst, zit weliswaar al tien jaar in het mediavak, maar was tot nu toe nooit in de gelegenheid om voor haar werk Arabisch te spreken. Vandaar dat ze op het idee kwam een tv-serie te maken “Rena rama arabiskan” [Arabisch in al zijn facetten]. Zo wilde ze in kaart brengen hoe het er met de Arabische taal voor staat in Europa – in Zweden, Denemarken, Groot-Brittannië, Frankrijk, Italië, op Malta, in Spanje, Bosnië en tot slot in Libanon.

We wilden meer te weten zien te komen over Arabisch als taal“, legt ze uit. Maar iedereen had het alleen maar over de islam en het Midden-Oosten, alsof we ons moesten beperken tot die klassieke onderwerpen”. Ze hield zichzelf voor: “Er zijn veel moslims onder ons en de meesten van hen spreken Arabisch. Maar we wonen allemaal hier! En we spreken niet hetzelfde Arabisch als in het Midden-Oosten, we doorspekken het met woorden van hier“.

“Mijn generatie vormt daarbij nog weer een aparte groep. We zijn opgegroeid in een omgeving die radicaal verschilt van het milieu waarin onze ouders opgroeiden. In heel Europa zijn er zoveel verschillende trajecten die in elkaar overlopen. Het is een nieuw fenomeen, maar niemand besteedt er ooit aandacht aan !” Deze frustratie inspireerde haar tot het maken van de tv-serie “Rena rama arabiskan”, waarin de vraag centraal staat: in hoeverre ben je in staat je met Arabisch te redden in Europa ?

In Frankrijk weigerden Arabische sprekende mensen de weg te wijzen

Nadia Jebril had al vastgesteld dat je je in Berlijn met Arabisch aardig verstaanbaar kunt maken. In de eerste aflevering reist ze dwars door Zweden met een bord in de hand met daarop de vraag: “Spreekt u Arabisch?” Naarmate de serie vordert en ze haar heil ook buiten de Zweedse grenzen gaat zoeken, ontmoet ze mensen op straat, ondervraagt taalkundigen, schrijvers, cartoonisten en kunstenaars. De serie groeit al snel uit tot een olijke lesje hedendaags Europa, een portret dat veel verder voert dan alleen de Arabische taal.

Nadia Jebril vertelt aangenaam verrast te zijn door haar ervaringen in Zweden, waar ze mensen ontmoette die naast het Arabisch ook geïnteresseerd waren in andere zaken. Daarentegen was haar uitdaging in Denemarken, waar een heftig debat wordt gevoerd over de kwestie van meertaligheid en waar kinderen met Arabisch als moedertaal vertelden dat ze beter geen Arabisch konden spreken, bijzonder pittig. “Ze voegen het debat over taal daar samen met de rest, met als enig doel om uit te komen bij het onderwerp immigratie”, legt Nadia Jebril uit.

In Frankrijk ontmoette ze mensen die weliswaar Arabisch spraken, maar weigerden haar de weg te wijzen naar een CD-winkel. Ze beledigden haar en schreeuwden dat ze moest stoppen met filmen. Zelfs toen ze probeerde mensen te benaderen met haar bord, moest ze onverrichter zake terugkeren. Ze concludeert daaruit dat deze reactie ongetwijfeld toe te schrijven is aan de wijze waarop Arabisch sprekende mensen in de Franse media worden neergezet. Hoe dan ook, ze slaagde er uiteindelijk in een ontmoeting te regelen met Khaled, de koning van de raï [moderne Algerijnse popmuziek].

Arabische lente heeft aanzienlijke gevolgen gehad

Ze herinnert zich nog dat ze allebei werden geplaagd door nerveuze lachbuien. Khaled voelde zich niet helemaal op zijn gemak bij het idee om Arabisch te spreken en gebruikte veel Franse woorden in zijn antwoorden, waardoor Jebril de helft van wat hij vertelde niet eens verstond. Zelf werd ze nerveus van het idee om haar eigen Arabisch te spreken: een Palestijns dialect, doorspekt met Zweedse woorden als “brunsås” [bruine saus].

Nadia Jebril benadrukt nog maar eens dat de serie geen enkel politiek doel heeft, ook al dateren de opnames van voor de zomer, toen de Arabische Lente in Noord-Afrika op haar hoogtepunt was. Deze gebeurtenissen hebben aanzienlijke gevolgen gehad.

Tegenwoordig worden Arabieren niet langer beschouwd als slachtoffers of onderdrukkers, maar als mensen die net als ieder ander gewoon een goed leven willen leiden en bereid zijn om daarvoor de strijd aan te gaan. We kunnen vaststellen dat de nieuwsgierigheid weer aan terrein wint. Voor ons betekent het dat we weer met een opgeheven hoofd voort kunnen gaan. We lijken immers op de mensen die strijd hebben geleverd voor hun idealen.

Are you a news organisation, a business, an association or a foundation? Check out our bespoke editorial and translation services.

Ondersteun de onafhankelijke Europese journalistiek.

De Europese democratie heeft onafhankelijke media nodig. Voxeurop heeft u nodig. Sluit u bij ons aan!

Over hetzelfde onderwerp