De laatste tijd komen we ze overal tegen in de Duitse straten: twee levensgrote glimlachende gezichten. De man kijkt goedig en hartelijk, de vrouw een beetje ondeugend. Kijk nou toch eens, hoe goed het met ons gaat en hoe tevreden wij de middelmatigheid vertegenwoordigen, lijken ze te zeggen We zouden net zo goed cafeïnevrije koffie kunnen aanprijzen of ieder ander product dat synoniem is voor levensvreugde en matiging, voor vertrouwen en comfort.

Niet-ingewijden kunnen nauwelijks zien dat het hier eigenlijk om verkiezingsposters gaat. En dat het daarbij ook nog eens om een land in crisis gaat, zou wel heel absurd lijken. Iedereen die in Duitsland in de verkiezingen geïnteresseerd is, kan niet anders dan zich de meer dan een eeuw oude Pruisische zin van een minister herinneren: “Kalmte is de eerste burgerplicht”. Intussen blijkt dat vooral de eerste plicht van politici te zijn geworden. Kalmte na de strijd, voor de strijd, tijdens de strijd?

Inmiddels is de wereld bijgekomen van de schok die de economische crisis veroorzaakte, hetgeen zonder twijfel het resultaat is van goed staatsmanschap. Maar onze reddende helden laten het er echter wel op lijken of een beetje ervaring uiteindelijk voldoende is om alle crises te boven te kunnen komen. Het zogenaamde tv-debat tussen de twee kanselierskandidaten [de christendemocraat Angela Merkel en de sociaaldemocraat Frank-Walter Steinmeier, red.] verloopt volgens precieze regels, als een menuet. Maar ook al voert op de voorgrond de controle de regie, op de achtergrond domineert de angst. De angst om uit zijn rol te vallen, om iets onbehoorlijks te zeggen, de angst voor iedere vorm van onvoorspelbaarheid. Het volkslied van Duitsland zou wel Don't worry, be happy kunnen zijn, gespeeld door een muziekdoosje.

'Off the record' zegt een minister: we mogen niet klagen over het ontbreken van pathos, over de futloosheid van de politieke beweging. Sinds de Tweede Wereldoorlog heeft al die wederzijdse controle en consensusdwang Duitsland zeker geen windeieren gelegd. Het federalisme, de vakbonden en verenigingen zorgen er allemaal voor dat alles zeer langzaam verloopt. Maar, vervolgt de minister, dat is nou juist wat de Duitsers willen. De grote inflatie van 1923, de rampzalige Weimarrepubliek en twee wereldoorlogen hebben er diep ingehakt. Je kunt daarom maar beter drie keer over alles nadenken. En schakel je gevoel daarbij alsjeblieft uit.

De Grote Coalitie is natuurlijk de belichaming van al deze deugden. Maar dat ze haar waarde bewezen heeft, wordt haar nu fataal. Na de eerste hulp van afgelopen herfst is de manier waarop de patiënt behandeld moet worden geen zaak meer van consensus maar van overtuiging.

In het systeem van de grote partijen wordt de ontwikkeling van specialisten op één bepaald gebied aangemoedigd, net als het vermogen om zo veel mogelijk in een bepaald profiel te passen. Hoge functionarissen kunnen niet langer meer betrapt worden op pathos of virtuositeit, noch op humor of een scherpe geest, gepassioneerde overtuigingen of brutale uitingen van individualiteit. In de zogenaamde politieke debatten doet men er duidelijk alles aan de kool en de geit te sparen (Een streng kapsel voor iedereen zodat het beeld van de verzorgingsstaat overeind blijft, een snufje ecologie maar natuurlijk ook gewoon economische groei, een beetje oorlog, maar dan per ongeluk veroorzaakt). Afgestemd op de onverschilligheid van de kiezers, die vooral niet mogen weten dat deze verkiezingen wel eens zouden kunnen leiden tot een 'nieuwe koers'.

Een zienswijze die wij overigens, niet zonder reden, niet delen.

Voor degenen die vandaag gaan stemmen, zijn de historische inflatie in de jaren twintig, de chaos tijdens de Weimarrepubliek en de nazi-tijd, allemaal verhalen uit de geschiedenisboeken. De enorm onrechtvaardige verdeling van welzijn en veiligheid, de vernietiging van de natuur, de verpaupering van hele regio's in de wereld en niet te vergeten de verwaarlozing en afstomping van Duitse kanslozen; dat is pas informatie die onrust veroorzaakt. Een onrust die nog gevoed wordt door de angst dat kleine, blijvende verbeteringen die koppig worden doorgezet, geen oplossing zijn voor het probleem. Bij de redding van Opel ging het niet aom het bedrijf alleen, maar stonden ook de belangen van ontelbare kleine en middelgrote ondernemingen op het spel. Zeker. Maar toch schuurt het: hebben auto's werkelijk de toekomst? Wanneer wordt er eindelijk eens een fundamentele discussie gevoerd over groei en milieu, de definitie van werk, over ieders aandeel aan de maatschappij? Als dat niet nu gebeurt, wanneer dan wel? En wanneer wordt die discussie gevoerd waar dat hoort: in het parlement en binnen de grote partijen?

Geen geëxperimenteer! De strenge Adenauer waarschuwde ons eind jaren vijftig al. Tegenwoordig horen we dezelfde slogan, maar nu uit een muziekdoosje. Het is echter hoog tijd voor een experiment. De grote banken doen alsof er niets gebeurd is. De poolkappen blijven smelten. Onderwijl treed de politiek op als informatiekantoor.

Het zit in de menselijke natuur om banger te zijn voor tasjesdieven dan voor het gat in de ozonlaag. Voor wat er overmorgen gebeurt, hebben we geen orgaan. Alleen het collectieve weten en het gezond verstand, die in daden worden omgezet, kunnen ons helpen. Dat is eigenlijk wat we politiek noemen.