De eerste fout die de EU maakte is dat Griekenland tot de eurozone is toegelaten, zoals vooraanstaande Europese leiders inmiddels ook hebben toegegeven. Zeker nu we weten dat het land de overheidsfinanciën beter voorstelden dan ze waren. De tweede fout, en dit keer lag de oorzaak bij Duitsland, was dat de financiële problemen van Griekenland niet onmiddellijk werden opgelost, iets wat relatief eenvoudig zou zijn geweest aangezien het land niet meer dan twee procent van het Europese bbp vertegenwoordigt. Dat zou voorkomen hebben dat de crisis van de Griekse staatsschuld op de eurozone zou zijn overgeslagen.

De derde fout, en alweer ligt daarvan de oorzaak bij Duitsland, was de eis van een keiharde begrotingscorrectie voor Griekenland, zonder een Europees investeringsplan te hebben ter bevordering van de Griekse groei waaruit alleen maar economische malaise en het vrijwel volledig stopzetten van betalingen zijn voortgekomen. Het resultaat is dat wat een klein hanteerbaar probleem had moeten zijn, vergelijkbaar met dat van een willekeurige kleine staat uit de Amerikaanse federatie, is ontaard in een nieuwe economisch-financiële crisis die wereldwijde gevolgen kan hebben, zoals president Obama zelf toegeeft.

Een nieuwe recessie

Binnen enkele maanden zijn we van wantrouwen jegens de staatsschuld van de Europese periferielanden overgegaan op het wantrouwen van de Europese bankensector vanwege de omvang van de staatsfinancieringen die door hen zijn verstrekt. Dat laatste heeft geleid tot een nieuwe kredietcrisis, vergelijkbaar met die van 2008 na het faillissement van Lehman Brothers. Dit werkt verstikkend op de productieve economie, en staat op het punt een nieuwe recessie te veroorzaken.

De crisis rond de Frans-Belgische bank Dexia, die genationaliseerd moest worden, is de eerste reële waarschuwing na het advies van het IMF dat sinds augustus de noodzaak benadrukt om de Europese bancaire sector te herkapitaliseren. De EU is nog steeds niet in staat gebleken de akkoorden van 21 juli over de hulp aan Griekenland in de praktijk te brengen. Een hemeltergende traagheid die het groeiende wantrouwen jegens de eurozone verklaart.

Merkel, de werkelijke beheerder van de euro

Maar afgelopen weekend heeft de Duitse bondskanselier Angela Merkel, aan wie het werkelijke beheer van de euro kan worden toegerekend, eindelijk de koe bij de horens gevat: ze heeft beloofd bij te dragen aan de herkapitalisatie van de Europese bankensector en snelle en duurzame oplossingen in de komende weken door te voeren om de eurocrisis te bezweren. Die oplossingen zullen voornamelijk neerkomen op institutionele hervormingen. Al deze maatregelen dienen in de komende weken te worden uitgevoerd. De kanselier nam deze besluiten na haar ontmoeting met de Franse president Nicolas Sarkozy, met wie zij de ernst van de situatie besprak.

De nieuwe grote fout die Duitsland kan begaan, is het te laten bij een kapitaalinjectie in de Europese bankensector, in wezen in Frankrijk en Duitsland dus. De herkapitalisatie is belangrijk om een catastrofe te voorkomen maar zal de dieperliggende oorzaak voor de problemen in de eurozone niet wegnemen. Dat is de zwakke economische groei, die de staten ervan weerhoudt voldoende belastingopbrengsten te genereren om hun staatsschuld te verminderen. De enige effectieve oplossing zou zijn dat Duitsland, als grootste Europese economie, zijn binnenlandse vraag aanzwengelt en als een ware locomotief voor de groei van de andere EU-landen zorgt. Daarmee zou het vertrouwen in de hele eurozone worden hersteld, omdat de regio dan weer over voldoende belastinginkomsten zal beschikken om zijn schulden te betalen en daarmee de problemen in de bancaire sector zal oplossen. Alles wat niet die richting uitgaat – zoals de aangekondigde hervorming van verdragen, een langdurig en gecompliceerd proces – is geen levensvatbare oplossing.