Het gevaarte is een vierkante doos van geplastificeerd karton voorzien van een prachtige zonsondergang. Met deze "Wine kit" kan de consument thuis zelf wijn maken met behulp van vijf zakjes toverpoeder die naast gedroogd druivenconcentraat, bentoniet, disulfaat en kaliumsorbaat, fixeermiddelen bevatten die niet nader benoemd worden. Het complexe proces neemt twintig dagen in beslag en vereist een heel precieze vochtigheidsgraad en temperatuur. Als u het helemaal goed doet, is het resultaat dertig flessen Bacchusnectar voor veertig euro plus verzendkosten.

Het pakket bevat ook "elegante etiketten" waarop verzekerd wordt dat deze flessen "Barolo" [Italiaanse rode wijnsoort] bevatten. Inderdaad: Barolo, maar dan in poedervorm. Een naam die geen enkele binding meer heeft met zijn afkomst. Het is zelfs zo erg dat er witte Barolo geproefd kan worden.

Minister van Landbouw Luca Zaia schaart het product zeer beslist onder wat hij "het rariteitenkabinet" noemt: afwijkende producten die toch voldoen aan de Europese normen, en waarmee het geduld van de Italiaanse consument op de proef wordt gesteld. La Coldiretti – [een machtige landbouwfederatie] heeft in een hotel in Brussel een mini-tentoonstelling over deze rariteiten ingericht: kazen zonder melk, biologische landbouwproducten die besmet zijn met genetisch gemodificeerde ingrediënten, kip waarvan we niet weten waar het vandaan komt, sinaasappelsap zonder sinaasappels. "Al deze producten belanden in de boodschappentas van een huisvrouw zonder dat ze daar erg in heeft – stelt Sergio Marini, voorzitter van de landbouworganisatie. De grootwinkelbedrijven profiteren van de onduidelijke informatieverstrekking".

Aan het Europese hof, waarvan de hofhouding nog steeds uitdijt, lijkt de huidige tendens – nationale belangen boven Europese stellen – geen grenzen meer te kennen. Wijn zonder wijn? In Duitsland en andere noordelijke landen is het al jaren gebruikelijk om wijn te maken van appels, frambozen en bessen. Op hun binnenlandse markten heten die producten "wijn" en deze landen hebben er voor gevochten om ze te mogen blijven produceren en zelfs om ze te mogen verkopen in het buitenland. Italië heeft zich hiertegen verzet, maar heeft zich erbij moeten neerleggen toen de onvermijdelijke stemming over een groot aantal landbouwkwesties met een nipte meerderheid van 14 stemmen (landen uit Noord- en Oost-Europa) tegen 13 (landen rond de Middellandse Zee) in hun nadeel bleek uit te vallen. We kunnen alleen maar hopen dat de consument de etiketten leest en zich niet laat beduvelen, maar Coldiretti en de minister lijken daar niet erg van overtuigd.

Bij de Europese Raad in Brussel zijn het altijd de sterkste lobby's die winnen: die van Duitsland, Frankrijk en Scandinavië. Italië overtuigt bijna nooit, hoewel dat land zowel kwalitatief gezien als op prijsniveau veel beter presteert, en tradities weet te waarborgen. Berlijn verdedigt met hand en tand de belangen van de grote Duitse veehouderijen en immense landbouwgronden. In Italië beschikken boeren slechts over kleine lapjes grond en de ontginning van de Europese rechten staat er nog in de kinderschoenen. Bovendien is men er nog niet verlost is van de vervloeking die de overheid in de jaren '80 over zich uitriep door een slechte deal te sluiten voor melkquota in ruil voor steun aan de staalindustrie. Het resultaat daarvan kennen we allemaal...

Marini wil dat we 'Brussel' dicht op zijn huid zitten om ons te beschermen tegen valstrikken. Bijvoorbeeld tegen degenen die achter de afschaffing van standaard- en minimumafmetingen voor groente en fruit zitten, waardoor we het risico lopen dat de markt overspoeld wordt door afvalproducten tegen dumpprijzen. Of tegen de goedkeuring die er sinds januari is, om tot 10% caseïne bij de bereiding van kaas te mogen gebruiken. Dat is prima. Maar we mogen hierbij niet uit het oog verliezen wat Europa heeft gedaan voor onze groene economie, te beginnen bij de bescherming van de gecontroleerde benamingen. Vanaf 1 juli aanstaande mag er een afkomstetiket geplakt worden op hoogwaardige olijfolie uit strikt omschreven geografische gebieden. Een overwinning voor de producenten. Net als alle andere gemeenschappen, laat de Europese zich nu eens van zijn beste kant en dan weer van zijn slechtste kant zien.