De Europese pers heeft uitgebreid aandacht besteed aan de veroordeling van oud-premier Julia Timosjenko, die op 11 oktober zeven jaar gevangenisstraf kreeg opgelegd. Het is waarschijnlijk de eerste keer sinds de zogenaamde 'Oranjerevolutie' dat het binnenlandse beleid van Oekraïne, een land met 45 miljoen inwoners, de voorpagina van de internationale actualiteit heeft gehaald.

De regeringen van de EU en de Verenigde Staten hebben een duidelijk standpunt ingenomen over deze rechterlijke uitspraak, maar vanuit de Oekraïense samenleving zelf komt maar weinig reactie. Het heeft geen zin president Viktor Janoekovitsj, die nu anderhalf jaar aan de macht is, de zwartepiet toe te spelen. Beter is het te erkennen dat wat er momenteel in Oekraïne gebeurt, een voorspelbaar en logisch gevolg is van de ontwikkelingen in dit land de afgelopen twintig jaar.

Het Oekraïense rechtsstelsel berust nog altijd op normen die uit het Sovjettijdperk stammen. Dat geeft eens te meer aan dat er talrijke hervormingen in het land moeten worden doorgevoerd. De Europese bevolking was zich niet bewust van de complexe binnenlandse situatie in Oekraïne toen de rechter zijn uitspraak deed. De veroordeling verraste de Oekraïense burgers echter niet. Zij zijn eraan gewend tegen een bureaucratisch systeem te vechten en op hun hoede te zijn, ongeacht wie het land regeert.

Verwachtingen niet waargemaakt

Na de 'Oranjerevolutie' (2004) hadden de Oekraïners hun hoop gevestigd op de partijen die toen de macht kregen. De verwachtingen werden uiteindelijk niet waargemaakt, wat tot apathie onder de bevolking heeft geleid. Tweemaal achtereen behaalden de 'Oranjepartijen' bij verkiezingen (in 2006 en 2007) de meerderheid in het parlement, maar het vertrouwen in deze partijen is door eindeloze ruzies en mislukte hervormingen volledig verdwenen.

Het voorbeeld van Oekraïne laat duidelijk zien hoe zinloos en irreëel het is democratie en een rechtsstaat op te bouwen in een land dat daar geen ervaring mee heeft, ook al betreft het een leergierig land dat altijd heeft opengestaan voor nieuwe ideeën. Ongetwijfeld ligt de verantwoordelijkheid vooral bij de Oekraïners zelf, maar we moeten de mogelijke buitenlandse invloed op de ontwikkeling van een land evenmin onderschatten.

Als de verschillende internationale organisaties geen substantiële bijdrage aan de hervormingen in Midden- en Oost-Europese landen hadden geleverd, zouden sommige van die landen waarschijnlijk nog steeds geen lid van de EU zijn. Deze situatie is niet nieuw: na de Tweede Wereldoorlog zouden de oude Europese landen zonder hulp van buitenaf of zonder hun betrokkenheid bij de opbouw van Europa evenmin hun problemen hebben kunnen oplossen.

Reeds halverwege de jaren negentig heeft Kiev besloten om zich bij Europa aan te sluiten. Een keuze die alle Oekraïense presidenten hebben ondersteund. Europa poogt de toenaderingen van Oekraïne al twintig jaar te temperen, omdat het land als een grijze zone of een cordon sanitaire [tegen Rusland, red.] wordt beschouwd. De uitbreiding naar het oosten werd gevolgd door de bouw van een nieuwe muur die ophoudt vóór Oekraïne.

Belangrijke doorbraak

Nu pas is er sprake van een belangrijke doorbraak in de betrekkingen tussen de EU en Oekraïne: het Associatieverdrag, waarvan de technische aspecten op 20 oktober zijn afgerond en dat binnen nu en het eind van het jaar kan resulteren in een vrijhandelszone, zal Oekraïne definitief bevrijden van de impasse waarin het land na het Sovjettijdperk was geraakt.

Nu Julia Timosjenko is veroordeeld, moeten de Oekraïne en de Europese Unie kiezen. Uitstel of stopzetting van de onderhandelingen of het opleggen van sancties zou Oekraïne nog meer isoleren. Dat zou een voortzetting betekenen van de vertragingstactiek die Brussel tot op heden heeft gehanteerd. Om een eind aan deze kritieke situatie te maken, moeten beide partijen rechtstreeks met elkaar blijven praten en op zoek gaan naar compromissen.

Hierbij kunnen de nieuwe lidstaten, zoals Estland dat de realiteit van het post-Sovjettijdperk en de moeizame transitie naar een nieuw systeem veel beter begrijpt, een rol spelen. Tallinn ondersteunt allang de toetreding van Oekraïne tot de EU. En de oprichting van het Centrum van het Oostelijk Partnerschap, waarin Estland zijn ervaringen met ambtenaren van de partnerlanden deelt, vormt een bemoedigend teken. Al deze kleine stappen, die in de toekomst in aantal moeten toenemen, behoren tot de doeltreffendste middelen om Oekraïne meer op de lijn van de andere EU-lidstaten te krijgen. Pogingen om de Oekraïne te isoleren zullen een tegenovergesteld effect hebben.