De top die op de militaire basis van de Navo in Butmir werd gehouden [zie de inzet hieronder] is er wel het beste bewijs van dat de Amerikanen hebben besloten het stabiliseringsproces in de regio voort te zetten en vaart te zetten achter de toetreding tot de Navo en de Europese Unie, nadat ze eerder de onderhandelingen over de toetreding van Kroatië tot de Europese Unie vlot hadden getrokken. Kroatië is al hard op weg om lidstaat van de Europese Unie te worden en Servië zou binnenkort dezelfde weg kunnen inslaan. Wat betreft Bosnië-Herzegovina kunnen we alleen maar vaststellen dat dit land 14 jaar achterloopt. De Akkoorden van Dayton hebben weliswaar een einde gemaakt aan de oorlog in Bosnië-Herzegovina, maar het land heeft de kans gemist om zich op de vrede voor te bereiden. Washington heeft ingezien dat dit waarschijnlijk de laatste kans was om te voorkomen dat Bosnië-Herzegovina uit elkaar valt.

De Verenigde Staten en de Europese Unie hebben de handen ineen geslagen. Om de lieve vrede te bewaren heeft Washington er uiteindelijk van afgezien om Clifford Bond, voormalig ambassadeur van de VS in Sarajevo, te benoemen op de post van speciale verslaggever om de veranderingen in de grondwet aan te brengen die noodzakelijk zijn voor toetreding van Bosnië tot de Europese Unie, omdat Brussel zich tegen deze benoeming had gekant. Maar het verschil in aanpak springt in het oog. Carl Bildt, hoofd van de Zweedse diplomatieke dienst en de eerste Hoge Vertegenwoordiger van de VN in Bosnië van 1995 tot 1997, is van oordeel dat het Bureau van de Hoge Vertegenwoordiger (OHR) zijn langste tijd heeft gehad, terwijl de Amerikanen menen dat de plaatselijke politici alleen met behulp van een buitenlandse gouverneur met elkaar op één lijn kunnen komen.

Amerikanen hebben weer de touwtjes in handen

Hoewel Bosnië-Herzegovina, net als de gehele regio van de westelijke Balkan, formeel onder voogdij van de Europese Uniestaat, zijn het toch weer de Amerikanen die de touwtjes in handen hebben. Zonder de Verenigde Staten zijn ingrijpende hervormingen in Bosnië-Herzegovina moeilijk voorstelbaar.

In de complexe situatie van de Balkanlanden kan het minste of geringste probleem aanleiding geven tot nieuwe denkbeeldige situaties die ernstige conflicten kunnen veroorzaken. We hoeven maar het bizarre conflict in herinnering te roepen waarin Slovenië gebiedsdelen van Kroatië opeiste. Hoewel slechts weinig buitenstaanders dit geschil konden begrijpen, is het uitbreidingsproces van Europa hierdoor een jaar lang in een impasse gekomen.

In Bosnië-Herzegovina proberen de Amerikanen het proces van het uiteenvallen van de Balkanlanden een halt toe te roepen, hoewel ze moeite hebben om hun Servische partners te overtuigen omdat ze achter het separatisme van de Kosovo-Albanezen staan.

Beul van Srebrenica kan vrij door de EU reizen

Hoewel de EU zeer begaan is met de stabiliteit in de omringende landen, is zij niet in staat gebleken om een oplossing te vinden voor de conflicten in de Balkanlanden. Haar beleid hinkt op twee gedachten en dat kan tot onverwachte resultaten leiden. De versoepeling van de visumverplichtingen voor Balkanlanden is het beste voorbeeld hiervan. Zo kan de afschaffing van visa voor Servische burgers, maar niet voor die van Bosnië-Herzegovina, een paradoxale situatie creëren. Met een Servisch paspoort op zak kan de beul van Srebrenica, Ratko Mladic, zonder visum door de Europese Unie reizen, terwijl zijn slachtoffers die mogelijkheid niet hebben, in tegenstelling tot de Bosnische Serviërs die recht hebben op een dubbele nationaliteit.

Om die reden is Amerika weer terug in de Balkan. Maar het is niet meer het Amerika van Bush dat zich van gespierde taal bedient. Vandaag de dag is het de “soft power” van Barack Obama, die de nadruk legt op de Europese principes van onderhandeling, samenwerking, compromissen en consensus. Maar de politici in de Balkanlanden begrijpen die taal niet, wat verklaart waarom de poging om Bosnië in Butmir te reconstrueren in zekere zin is mislukt. Er blijven nog twee mogelijkheden over: of de lokale politici zijn verplicht om hun politieke betoog te wijzigen of ze gaan inzien dat “soft power” soms kracht inhoudt.