Terwijl het Chinese regeringsvliegtuig traag afdaalde door het grijze wolkenpak boven Brussel, moet de Chinese vicepresident Xi Jinping zich vast hebben afgevraagd waarom hij hier zijn tijd komt verdoen. Geen olievoorraden. Geen reserves minerale ertsen. Geen strategisch overleg over economische stabiliteit en evenmin een partner om heikele kwesties zoals Iran of Noord-Korea mee te bespreken. Zelfs geen Europese topontmoeting. Dus wat was de idee van deze trip? Juist, een museumbezoek. Tiens, blijkbaar willen de Belgen ook een handel opzetten in diamant en ze hebben ook een haven. Welke naam moet ik daar onthouden? H-e-r-m-a-n V-a-n R-o-m-p-u-y, de president van België. Dit is hun nationale luchthaven? Die kan vast een goede Chinese aannemer gebruiken.

Moet je die wegen zien, we leggen er op dit moment betere aan in Congo. Hoeveel ministers hebben ze hier om de zaak te runnen? Zestig, is dat dan het fameuze geheim van "goed bestuur" in Europa? Hopen maar dat de keuken hier in orde is.

Het ontbreekt aan inhoud en consensus

Een dikke eeuw geleden gingen de Chinezen nog vanzelf op de knieën voor Belgische investeerders die uit waren op de natuurlijke rijkdommen of tegen flinke winsten infrastructuur uit de grond wilden stampen. Zelfs vandaag nog lijkt het alsof Europa meent China een lesje te moeten leren in economische ontwikkeling en politieke hervorming. Het wordt echter steeds duidelijker dat de rollen omgekeerd zijn. Europa is afgegleden in een dramatische perceptiecascade.

Terwijl de Chinezen aanvankelijk nog de verwachting koesterden dat Europa zich zou positioneren als een centrale speler op het wereldtoneel, blijken zij vandaag nog niet eens de moeite te doen om de Europese Unie te consulteren over belangrijke materie zoals nucleaire proliferatie, de stabiliteit in Afrika of de hervorming van internationale instellingen. Er bestaan diverse officiële dialogen tussen Europa en China, maar het ontbreekt aan inhoud en consensus. De reden daarvoor is niet dat de Volksrepubliek een strategisch partnerschap niet ziet zitten, maar dat Europa zelf niet in staat is een betekenisvolle rol te spelen.

Europa wordt niet beschouwd als één economisch blok

Dan maar mikken op economische samenwerking, meende Brussel. De Europese Unie is de belangrijkste exportmarkt voor China, alsook de belangrijkste bron van technologische expertise. Ook hier slaagt Europa er niet in om potentieel gewicht om te zetten in effectieve invloed. De 27 lidstaten proberen elkaar vliegen af te vangen en zelf zoveel mogelijk te profiteren van de Chinese groei. Terwijl de Europese Commissie de bevoegdheid heeft over handel in goederen, weigeren de 27 aan hetzelfde eind te trekken in onderhandelingen over een nieuwe economische samenwerking met China. De hoofdsteden houden vast aan hun exclusieve bevoegdheden inzake wetenschappelijk onderzoek en investeringen, waardoor Peking zowat een vrijgeleide krijgt om hen tegen elkaar uit te spelen. Europa wordt dus amper beschouwd als één economisch blok, maar nog belangrijker is dat China zich vragen stelt bij de toekomstperspectieven van de Europese economie.

Chinese experts en functionarissen klagen aan dat de EU niet in staat is om de economische crisis aan te pakken en dat ze nalaat te investeren in innovatie. De kenniseconomie komt nauwelijks van de grond doordat kortzichtige politici vasthouden aan werkzekerheid op korte termijn. Als gevolg van het uitblijven van ingrijpende economische hervormingen gaan de Chinezen er steeds meer vanuit dat Europa op termijn geen andere keuze zal hebben dan zich af te schermen van internationale concurrentie.

U meent wellicht dat Europa evenwel een belangrijk voorbeeld blijft inzake sociaal beleid en duurzame ontwikkeling. Onderzoek dat in voorbereiding is bij de Chinese Academie voor Sociale Wetenschappen (CASS)toont echter aan dat Europa onder beleidsmakers steeds minder gewaardeerd wordt voor deze beleidsdomeinen. Een belangrijke verklaring daarvoor is dat steeds meer Chinezen Europa bezoeken en de idealen met de realiteit kunnen vergelijken. Velen onder hen zijn, de Europese kritiek of het Chinese Tibetbeleid indachtig, onthutst over de etnische segregatie en de grootstedelijke verloedering.

Europa is op weg om zelf een museum te worden

Experts stellen zich ook de vraag of het Europese sociale model houdbaar is als de economie blijft sputteren. Ding Chun, een gerenommeerde professor uit Shanghai merkte onlangs op dat de cultuur van sociale zekerheid een rem zet op de sociale mobiliteit die nodig is om te hervormen. Meer nog, de welzijnsbeschaving verhindert de Europese bevolking om in te zien dat de bronnen van de welvaart droog staan.

Voor de Chinezen heeft Europa niet alleen mooie musea, het is op weg om zelf een museum te worden. Europa lijkt dus te worden uitgerangeerd als politieke, economische en normatieve speler, nog voor het machtsspel om de herverkaveling van de internationale order goed en wel begonnen is. Dat wil niet zeggen dat de nieuwe grootmachten zoals China geen interne problemen te wachten staan. Integendeel, China zelf zal uit een ander vaatje moeten gaan tappen, wil het zijn transitie op de rails houden. De economische drijfveren van het Chinese succes zijn onbetrouwbaar en de politieke modernisering slabakt. Het is echter deze onzekerheid die de nieuwe grootmachten zal dwingen om hun belangen zeer daadkrachtig te verdedigen en Europa zou moeten aanzetten om zelf beter te presteren.