In het noordelijke deel van Mitrovica [Kosovo] wappert een enorme Russische vlag. Vanaf de aanplakbiljetten op de muren van de stad werpen Slavische bondgenoten als de voormalige Servische minister-president Vojislav Kostunica, de Russische premier Vladimir Poetin, de Russische president Dimitri Medvedev, maar ook diens Oekraïense collega Victor Janoekovitsj en zijn Wit-Russische ambtgenoot Aleksandr Loekasjenko, een blik op de straat.

Het grootste deel van de stad, dat ten zuiden van de rivier de Ibar ligt, wordt net als de rest van Kosovo bewoond door Albanezen. Maar de invloed van de centrale overheid reikt niet tot in het noorden van Mitrovica [waar de Serviërs in de meerderheid zijn]. De poging van Pristina om zijn macht uit te breiden tot de grensposten ten noorden van de stad, langs de grens met Servië, heeft tot oproer geleid, met als gevolg dat de missie van de Europese Unie in Kosovo (Eulex) de controle over de grensposten tijdelijk heeft overgenomen.

Albanezen namen bloedig wraak op de Serviërs

De Servische demonstranten hebben barricades opgeworpen voor de grensovergangen die onder toezicht staan van Eulex. Hun actie zou niet alleen worden ingegeven door patriottische gevoelens maar ook door de angst om inkomsten uit de smokkelhandel kwijt te raken.

Het wekt geen verbazing dat de besprekingen tussen Serviërs en Kosovaren over de grenzen en hun wederzijdse betrekkingen, die op 21 november zijn hervat, geen enkel concreet resultaat hebben opgeleverd. Maar het lijkt erop dat de Serviërs in Mitrovica eigenlijk geen vertrouwen meer hebben in hun oude thuisland. Zij vrezen namelijk dat Brussel Servië ertoe zal verplichten de onafhankelijkheid van Kosovo te erkennen als voorwaarde voor toetreding tot de EU en dat Belgrado uiteindelijk voor die eis zal zwichten. Daarom proberen maar liefst 20.000 Serviërs uit Kosovo het Russische burgerschap te bemachtigen. En dat moeten er in de toekomst nog meer worden. Dan, zo verklaren de inwoners van Mitrovica, zal Rusland ons tegen de Albanezen beschermen.

Toen de Servische troepen zich in 1999 uit Kosovo hadden terugtrokken als gevolg van de NAVO-aanvallen, namen de Albanezen bloedig wraak op de plaatselijke Serviërs, die voor het merendeel beschutting hadden gezocht aan de noordkant van de grens. Degenen die zijn gebleven, voelen zich alleen veilig als ze door de internationale troepenmacht worden beschermd, waaraan ze desondanks een hekel hebben.

Moskou biedt de Serviërs van Mitrovica valse hoop

Moskou speelt handig in op het vertrouwen dat de Serviërs in de Russische veiligheidsparaplu hebben: "Wij begrijpen de beweegredenen van de Serviërs in Kosovo volkomen en bestuderen hun aanvragen zorgvuldig", verklaarde onlangs de Russische minister van Buitenlandse Zaken, Sergej Lavrov.

Blijkbaar maakt het niet uit dat volgens de Russische wet gegadigden voor de Russische nationaliteit in Rusland moeten wonen of voormalige burgers van de USSR moeten zijn. Het is dus formeel uitgesloten dat de Servische burgers van Mitrovica de Russische nationaliteit krijgen. Moskou is tegen de onafhankelijkheid van Kosovo en door de Serviërs aldaar valse hoop te bieden, tracht de Russische regering de situatie ter plaatse nog wat gecompliceerder te maken.

Maar in Mitrovica wijst men erop dat Rusland de bevolking van Abchazië en Ossetië eerst de Russische nationaliteit schonk, vervolgens Georgië de oorlog verklaarde en ten slotte beide regio's als onafhankelijke staten erkende. Dus wie weet zal op een dag de onafhankelijkheid van een Russische Republiek in Servisch Mitrovica worden uitgeroepen.

Dat is uiteraard niets anders dan een vergeefse droom, ofwel een nieuwe versie van het antwoord dat de Montenegrijnen (600.000 personen) enige tijd geleden gaven op de vraag: "Met zijn hoevelen bent u nu werkelijk?" "Samen met de Russen zijn we 140 miljoen mensen", zeiden ze. Maar Montenegro heeft verraad gepleegd: het heeft Kosovo erkend en wil lid worden van de EU. In Kosovo zul je niet snel Montenegrijnse vlaggen tegenkomen, in tegenstelling tot Servische vlaggen, die in overvloed aanwezig zijn. De Servische vlag is eigenlijk een omgekeerde Russische vlag en staat als het ware symbool voor de nutteloze aanvragen voor het Russische burgerschap van de Serviërs in Kosovo.

Elke grensaanpassing draagt de geur van bloed

Hoewel deze aanvragen van dwaasheid getuigen, drukken ze niettemin ook de authentieke wanhoop uit van een bevolkingsgroep die op een bepaald moment in de geschiedenis de rekening gepresenteerd heeft gekregen van alle misdaden die in zijn naam zijn begaan.

Het is waarschijnlijk rechtvaardiger dat Mitrovica bij Servië wordt gevoegd en Kosovo de districten Bujanovac en Preševo terugkrijgt, gebieden met een Albanese meerderheid die door Tito zijn veroverd. Maar niemand durft aan de grenzen van de Balkanlanden te tornen, want elke aanpassing daarvan draagt de geur van bloed met zich mee.

De inwoners van Mitrovica zullen er dus niet in slagen hun huidige paspoort met een Servische adelaar met twee koppen te behouden en evenmin een nieuw paspoort met de tweekoppige Russische adelaar verkrijgen. Ook zullen ze de Albanese tweekoppige adelaar niet in de maag gesplitst krijgen. De internationale gemeenschap heeft het officiële gebruik van dit embleem door de Albanezen in Kosovo verboden. Zij moeten genoegen nemen met een wapen met daarin de contouren van hun land, vergezeld van zes sterren, die de zes belangrijkste etnische groepen in het land symboliseren. De ster die bij de Serviërs hoort, is de tweede van links, of van rechts, afhankelijk van waar je begint te tellen. Die kleine ster past zowel goed bij hun zwakheid, aangezien er voor hen in Kosovo nog maar weinig overblijft, als bij hun nederlaag, die ze weigeren te erkennen.