Burgemeester Jordi Hereu van Barcelona is razend. Vorige week, tijdens de slotzitting van de najaarsstudieconferentie van de Socialistische Catalaanse Partij (PSC), heeft hij zich kwaadgemaakt over "de campagne van diskrediet" waarvan de hoofdstad van Catalonië het slachtoffer zou zijn. Zonder namen te noemen haalde de burgemeester uit naar "degenen die bezig zijn de stad te ondergraven met een bombardement van desillusie". Wie zou het lef kunnen hebben om een aanval te doen op het zo positieve en dynamische imago van Barcelona, dit "merk" dat de afgelopen twee decennia met behulp van de beste internationale marketingtechnieken tot stand is gebracht?

De afgelopen jaren waren er alleen hier en daar wat protesten te horen, bedoeld om de euforie te relativeren en om erop te wijzen dat er een verschil bestaat tussen de mythe die naar buiten wordt gebracht en de werkelijkheid zoals die door de bevolking wordt beleefd. Zo deed de antropoloog Manuel Delgado in 2007 onderzoek naar "de misleiding en misère van het Barcelona-model" in zijn essay over La Ciudad mentirosa ("De leugenachtige stad", La Catarata). In 2008 analyseerde Joan Ramon Resina, hoogleraar Spaanse literatuur en cultuur aan de universiteit van Stanford, "de opkomst en ondergang van een stadsimago", in zijn boek La Vocacio de modernitat de Barcelona ("De roeping tot moderniteit van Barcelona", Galaxia Gutenberg).

Barcelona zou aan haar succes ten onder gaan

In de volksbuurten Poblenou en Sants zijn deze wetenschappelijke geschriften praktisch onbekend. Maar sinds een tijdje kunnen de inwoners van Barcelona niet om het voorpaginanieuws van de lokale pers heen, waarin eveneens gesproken wordt over misleiding, ellende en neergang. Barcelona zit in een dip, omdat de huidige gebeurtenissen een link leggen met het door Delgado en Resina genoemde gevaar dat de stad "aan haar succes ten onder zou kunnen gaan" nadat het als "een consumptieproduct" is gepromoot.

Het eerste schandaal barstte in september los, toen het dagblad El País schokkende foto's publiceerde. Daarop waren twee mannen te zien die – met de broek op hun enkels – open en bloot seksuele handelingen verrichten met prostituees. Niet in een of ander duister hoekje in een verre buitenwijk, maar onder de bogen van de markt La Boqueria, een toeristische trekpleister aan de Rambla, midden in het centrum van Barcelona.

De schokgolf die dit sensationele nieuwtje teweegbracht, blijft zich maar uitbreiden en werpt de gangbare opvatting omver van de Rambla als anderhalve kilometer lange wandelpromenade die jaarlijks door 78 miljoen mensen, waarvan de helft toeristen, wordt bezocht. Juist hier, aan de Rambla en in de aangrenzende straten van de wijk El Raval, heeft de prostitutiemaffia zich gevestigd. En juist hier, in het historische centrum Ciutat Vella, vonden ook de meeste van de 80.000 gevallen van zakkenrollen plaats, waarvan in 2008 aangifte werd gedaan. De Rambla, die gisteren nog het symbool was van Barcelona, als centrum van het goede leven en de jeugd, is vandaag, volgens het Spaanse dagblad La Vanguardia, "een typisch voorbeeld van de schadelijke gevolgen van een bepaald soort stedelijk succes dat verbonden is aan de evenementenstad".

Aanslag op imago van Barcelona van binnenuit

De krant betreurt het dat "de lokale bevolking zich terugtrekt uit deze publieke ruimte" als gevolg van het massatoerisme en de achteruitgang van de stad die dit met zich meebrengt.

Nu de Rambla in diskrediet is gebracht, roepen de plaatselijke kranten op tot mobilisatie, met name van de zijde van de culturele instellingen, om – dat zit er nu eenmaal ingebakken – "een Rambla-merk" te creëren. De burgemeester van zijn kant doet een oproep aan de ontevredenen: "Laat ze maar eens naar Ciutat Vella komen, dan kunnen ze zelf zien wat een strijd wij leveren om dit stadsdeel in ere te herstellen en er weer een voorbeeldig historisch centrum van te maken." Om de indirecte schade van een excessief toerisme te herstellen is het voldoende om even de handen uit de mouwen te steken. Maar de aanslag op het imago van Barcelona is ernstiger als deze van binnenuit komt.

Omvangrijke corruptiezaak

De tweede donderslag dit najaar was een schandaal dat het Palau de la Música Catalana op zijn grondvesten deed schudden. Dit concertgebouw voor vocale kunst is altijd een monument van Catalaanse trots geweest, voordat het op de werelderfgoedlijst van Unesco werd ingeschreven. De burgers waren dan ook geschokt over de arrestatie van de president van het Palau, Félix Millet, die ervan werd beschuldigd dat hij bij de renovatiewerkzaamheden van dit modernistische gebouw meer dan 10 miljoen euro had verduisterd. De instelling, die voor een groot deel afhankelijk is van overheidsfinanciering, de inzet van vrijwilligers en giften van de inwoners van Barcelona, blijkt centraal te staan bij malversaties die heel wat stof doen opwaaien.

Het gevoel van onbehagen is de afgelopen dagen alleen maar toegenomen, nadat op verzoek van de rechter Baltasar Garzon acht politici, ondernemers en hoge ambtenaren van Catalonië werden gearresteerd in verband met een omvangrijke corruptiezaak in de onroerendgoedsector. Deze 'transversale actie', zoals de lokale pers het noemt, bevestigt dat Barcelona en de regio Catalonië niet immuun zijn voor het corruptievirus dat door Spanje waart. Het is nu een feit: het virus is de grens overgestoken van wat de plaatselijke elite lange tijd 'de Catalaanse oase' noemde.