**De afwaardering van de kredietstatus van Frankrijk door Standard & Poor's op vrijdag 13 januari kan in financieel opzicht worden bestempeld als een non-event, maar heeft in politiek opzicht een heuse schok teweeggebracht. Het is een non-event, omdat de grote investeerders – voor wie deze ratings in feite bestemd zijn – Frankrijk al een tijdje niet meer rekenden tot de meest betrouwbare landen van de belangrijke Europese soevereine staten. Zo moet Parijs voor leningen op de internationale markten bijvoorbeeld al maanden een hogere prijs betalen dan Berlijn.

Het verlies van de AAA-status, waar de markten reeds van uitgingen, is op zich geen economische ramp. Ten eerste heeft vooralsnog slechts een van de drie mondiale ratingbureaus besloten om Frankrijk te degraderen naar de tweede divisie. En ten tweede hoeft het verlies van de hoogste status niet noodzakelijkerwijs en niet direct tot rampspoed te leiden. De Verenigde Staten verloren hun triple-A-status in augustus vorig jaar, en zij kunnen nog altijd heel goedkoop lenen. Daarbij moet wel worden aangetekend, dat deze belangrijkste economische grootmacht vanwege de dollar over troeven beschikt die Frankrijk niet heeft.**

Afstraffing van het Franse beleid

**Het besluit van Standard & Poor’s zal evenwel gevolgen hebben voor de financieringskosten in Frankrijk: zowel de hogere als de lagere overheden zullen hun leningen duurder moeten betalen, waardoor het land in macro-economisch opzicht moeilijker te besturen valt. Frankrijk had een 10 als rapportcijfer; dat is nu nog maar een 9,5. Desondanks, en zoals de regering ook zegt, is Frankrijk nog altijd een betrouwbare waarde.

Hoewel dit besluit dus verwacht werd, heeft het in politiek opzicht een hevige schok teweeggebracht. Het is een meedogenloze afstraffing van het Franse economische beleid van de afgelopen jaren, met name dat van de Franse president, die het behoud van de triple-A-status tot voornaamste doel van zijn beleid had verheven. Nicolas Sarkozy heeft zich te laat gerealiseerd dat het noodzakelijk was het overheidstekort terug te dringen en de schuldenlast aan te pakken.**

Een scheidingslijn binnen Europa

**Maar de ergste gevolgen liggen op een ander vlak, namelijk in de scheidingslijn die zich door de besluiten van Standard & Poor's in Europa aftekent. Op dit moment is er binnen de eurozone duidelijk sprake van twee Europa´s. Aan de ene kant staat Noord-Europa: de landen die in hun overheidsrekeningen blijk geven van begrotingsdiscipline en die over een reël groeipotentieel beschikken. Van deze landen vormt Duitsland, dat niet is afgewaardeerd, de kern. En aan de andere kant zien we een Zuid-Europa: de landen die hiertoe behoren verkeren in grote financiële problemen, terwijl hun groeiperspectieven mager zijn. Frankrijk, dat gelijktijdig met Spanje en Italië werd afgewaardeerd, maakt voortaan deel uit van dit tweede Europa.

Hierdoor zal Parijs zwakker staan in de komende onderhandelingen met Berlijn. De ratingbureaus waren niet bepaald te spreken over de agressieve wijze waarop Nicolas Sarkozy zich tijdens de zogenaamde subprimecrisis tegenover hen had opgesteld. Mogelijk nemen zij nu enigszins revanche. Voor de linkse partijen is er weinig reden tot vreugde. Het zullen zware, zeer zware tijden worden voor de partij – van welke politieke kleur dan ook – die op 6 mei als winnaar uit de bus komt [bij de tweede ronde van de presidentsverkiezingen, red.]. En de euro zou weleens het voornaamste slachtoffer van dit alles kunnen worden.**