Iedere dag is het weer hetzelfde beeld. Mannen in strakke pakken en met ernstige gezichten lopen snel door een draaideur heen, zoeken hun weg in een onbekend gebouw en verdwijnen in het donker. Deze taferelen spelen zich af in Athene. Het zijn de onderhandelaars van het IIF (het internationale genootschap van banken) en de Griekse regering, die elkaar iedere dag opnieuw spreken om over de kwijtschelding van een deel van de Griekse staatsschuld te beraadslagen. Banken en hedgefondsen moeten vrijwillig afzien van 100 miljard euro. Dat hebben ze onder druk van de Europese regeringen op de EU-top van oktober 2011 toegezegd.

Het klonk overtuigend, maar de zaak is nog lang niet in kannen en kruiken. De 'helpers' zitten nu zelf in de val: de Europeanen en het IMF hebben van de kwijtschelding een voorwaarde gemaakt voor hun steun aan een tweede reddingspakket voor Griekenland, ter waarde van 130 miljard euro, waarmee het land tot 2020 uit de voeten zou moeten kunnen. Maar als de crediteuren geen akkoord sluiten met de Griekse regering, komt er geen steunpakket, en gaat het land failliet.

Het blijkt een grote fout te zijn geweest particuliere financieringsinstellingen te willen laten meebetalen aan de kosten van de crisis. Dat beginnen de 'helpers,' vooral de bij deze kwestie intensief betrokken Duitse regering, inmiddels ook te beseffen. Wat in deze zaak theoretisch juist is, werd zó amateuristisch aangepakt, dat zelfs Berlijn 'substantiële nevenschade' opliep. In Brussel legt een diplomaat van de Europese Unie uit wat dit inhoudt: "De ontwikkelingen hebben zich tegen ons gekeerd, omdat beleggers weigeren nog langer Europese staatsobligaties met een lange looptijd te kopen, uitgezonderd Duitse". De man is goed thuis in Griekse aangelegenheden. Hij zegt dat hij nu "voor het eerst het reële gevaar ziet dat we onbewust de controle verliezen over wat er in Griekenland gebeurt".

Hulpprogramma's moesten steeds worden bijgesteld

De catastrofe met de particuliere schuldeisers is niet de enige val waarin de 'helpers' van Griekenland zijn getrapt. Ze hebben van het begin af aan alle benodigde hulpbedragen te laag ingeschat; ze moesten hun programma's telkens bijstellen, wat vervolgens bij alle betrokkenen weer tot onzekerheid en ergernis heeft geleid. Bij de Griekse burgers, die van een lager salaris hogere belastingen moesten betalen. Bij de beleggers, die er met het oog op het miserabele investeringsklimaat voor terugschrikken nog maar één cent in het vroegere vakantieparadijs te steken – waardoor ook bijna niemand nog een van de te koop staande staatsbedrijven wil hebben. En tenslotte bij de burgers van Europa, die de indruk hebben dat alles steeds slechter gaat, ondanks de miljarden euro's die zij ter beschikking hebben gesteld.

De hoge diplomaat van de Europese Unie noemt deze mix van gevoelens "uiterst explosief". Er doen verhalen de ronde over ambtenaren van het Griekse ministerie van Financiën, wier salaris in 2011 met 40 procent werd gekort, en dat nog wel met terugwerkende kracht. Het personeel ging in het vierde kwartaal van 2011 niet alleen met veertig procent minder salaris naar huis, maar werd daarbovenop ook nog eens geconfronteerd met kortingen achteraf over de eerste drie kwartalen van dat jaar. Werknemers leggen hun bankafschriften op tafel en vragen vertwijfeld waarvan ze moeten leven.

De doelen van het hervormingsprogramma waren onrealistisch

En dan is er nog het vraagstuk rond de belastingen. De Fransen zijn samen met hun Griekse collega's begonnen een registratienetwerk voor de belastinginning op te bouwen, dat het hele land omspant. Als je snel bent, lukt je dat in twee jaar tijd. Want alles moet in Europa eerst worden aanbesteed. Er is een aanbestedingstermijn, er is een selectieprocedure, er is een biedprocedure, dan weer een aanbestedingsprocedure en daarna pas de vergunning. Vervolgens moet alles worden besteld, gekocht en geïnstalleerd, en moeten de medewerkers op cursus. De Grieken kunnen dus ondanks alle goede bedoelingen niet nu al op geordende wijze hun belastingen innen. Volgens de hoge diplomaat bestaat het probleem eruit dat de doelen van het spaar- en hervormingsprogramma onrealistisch waren. Nu is iedereen verbaasd dat het de Grieken niet lukt.

Daardoor komt nu opnieuw de Griekenland-valkuil in beeld. Als de 'helpers' zich aan hun zelfgemaakte richtlijnen houden, mogen ze de Grieken geen geld meer geven. Maar willen ze dat echt wel, nu het voor het eerst sinds vele jaren eindelijk een beetje beter gaat?

Het klonk alsof Angela Merkel de Grieken wilde bestraffen

De grootste fout hebben de 'helpers' inmiddels echter gecorrigeerd: de hoge rente. In mei 2010 wilde de Duitse regering nog aan de noodhulp voor Griekenland verdienen. De Grieken moesten voor hun kredieten de gebruikelijke marktrente betalen, of zelfs nog ietsje meer. Het klonk alsof bondskanselier Angela Merkel de Grieken enigszins wilde bestraffen voor alle ergernissen en de schuldenberg, en dat zij tegelijkertijd de burgers thuis wilde geruststellen. Een jaar later moest Berlijn erkennen dat een rentetarief, waaraan de Duitse regering verdient, ertoe zou bijdragen Athene nog verder in het verderf te storten.

Vanwege de rentevoet zijn nu ook de onderhandelingen met de particuliere schuldeisers vastgelopen. Zij spelen poker om rentepromillages, waarmee miljarden euro's zijn gemoeid. Vorige week vrijdag zeiden bankiers en politici slechts 'millimeters' van een akkoord verwijderd te zijn. Maar toen vertrok Charles Dallara, hoofdonderhandelaar namens de banken, zonder de laatste paar millimeter te zijn opgeschoven. Hij eiste nog iets extra's: een politieke toezegging dat er na de kwijtschelding van de Griekse schulden geen nieuw beroep meer op de particuliere schuldeisers zou worden gedaan. Daar kan alleen de huidige topconferentie van de Europese Unie uitsluitsel over geven.