Het is nacht en een onopvallende wagen van de anti-criminaliteitsbrigade (BAC) rijdt voortdurend rondjes door de noordelijke wijken van Marseille. In iedere cité [woonwijk] speelt zich hetzelfde ritueel af. Zodra er een glimp zichtbaar is van de auto, weerklinkt van woonblok tot woonblok, van flat tot flat en van trappenhuis tot trappenhuis de waarschuwingskreet "Aaahh!". De wachtposten, knullen van hooguit vijftien jaar, houden scherp toezicht op de drugshandel. Soms escorteren een of twee bewoners op scooters het politievoertuig, totdat het de wijk verlaat. Cités als Font-Vert, Le Clos la Rose en La Castellane hebben allemaal met dit fenomeen te maken en zijn grotendeels rond de drugshandel georganiseerd.

Al drie jaar woedt er een bloedige drugsoorlog in deze wijken. Roland Gauze is hoofd van de gerechtelijke politie (GP) van Marseille. In zijn kantoor op het politiebureau, dat gevestigd is in het pand l'Evêché, maakt hij de balans op: "In 2010 telden wij in Marseille 54 moorden en pogingen tot moord; daarbij ging het in 17 gevallen om een criminele afrekening. In 2011 kwamen we uit op 38 moorden en moordpogingen, waarvan 20 afrekeningen."

Politie-agenten twijfelen zelf aan slagvaardigheid van hun superieuren

Het afgelopen jaar was dus iets minder gewelddadig dan 2010, maar werd gekenmerkt door een uiterst bloedige decembermaand. In vier weken tijd vielen er vijf doden. Vijf jonge mannen, onder wie een politieagent, kwamen door een kogelregen uit kalasjnikovs om het leven. De slachtoffers waren tussen de 18 en 38 jaar, en waren allemaal in mindere of meerdere mate bekend bij de politie vanwege hun betrokkenheid bij de drugshandel. "Het is zo makkelijk om geld te verdienen, dat ze er niet voor terugdeinzen om mensen dood te schieten", aldus Yves Robert, die vertegenwoordiger is van de SNOP, de belangrijkste politievakbond.

Tijdens de novemberrellen van 2005 die veel Franse steden overspoelden, bleef het in Marseille rustig. Volgens sommige bestuurders van de stad was dat te danken aan het feit dat de drugsdealers hun wijken onder controle hielden. Politieagenten zelf twijfelen daarom aan de slagvaardigheid van hun superieuren. "Er wordt niet ingegrepen", beweert een van hen.

"Een drugsorganisatie valt te vergelijken met een uitzendbureau"

De afgelopen twintig jaar is het aantal agenten bij de drugsbrigade van de departementale politie met de helft teruggelopen. "We hebben te maken met delinquenten die steeds jonger, steeds impulsiever en steeds onberekenbaarder zijn", constateert het hoofd van de GP, Roland Gauze. Iedere bende bestaat uit een stuk of tien jongeren, die tussen de 14 en 25 jaar oud zijn. Zij hebben een ´werkplan´, dat soms verdeeld is over meerdere verkooppunten, die zich onder aan de trappenhuizen in de flats bevinden. En bij ieder ´plan´ is sprake van een strakke organisatie en een strikte discipline. "Uiteindelijk gaat het om een heel traditioneel ondernemingsplan, dat enigszins te vergelijken valt met een uitzendbureau", aldus Claire Duport, een socioloog die al een paar jaar in de noordelijke wijken van Marseille werkt. Iedere ochtend verdeelt een baas het werk. Hij zet de mannen op hun post en ziet erop toe dat niemand in slaap valt of zich laat afleiden. Over het algemeen wordt de verkoop geregeld door twee ploegen, die elkaar dagelijks aflossen. Een of twee wachtposten, die ´chouffes´ [verspieders] worden genoemd, gaan op een afgesproken punt in de cité op de uitkijk staan en verroeren zich niet totdat ze worden afgelost.

Toen er in november vorig jaar een netwerk werd opgerold in Cité de la Visitation, werd er een notitieboekje in beslag genomen waarin de vergoedingen voor maaltijden onder werktijd nauwkeurig waren bijgehouden.

Alleenstaande vrouwen verstoppen drugs in hun huis

Daarnaast zijn er de ´rabatteurs´ [ronselaars], die je zou kunnen vergelijken met handelsvertegenwoordigers en die op klanten jagen. De ´ravitailleur´ [bevoorrader] houdt de voorraden op peil en verdient meer dan de anderen. De dealer of verkoper wordt ´charbonneur´ [kolenmijnwerker] genoemd.

Tot slot is er de ´nourrice´ [oppas], die niet bij de handel als zodanig betrokken is. Deze mensen laten zich nooit zien en hebben geen strafblad. Het zijn vaak vrouwen, alleenstaande vrouwen met kinderen, die geen vastigheid hebben en in grote armoede leven. In Marseille bestaat meer dan tien procent van de gezinnen uit eenoudergezinnen; dat is drie keer zoveel als elders in Frankrijk. In ruil voor een salaris dat hun helpt om de huur te betalen of de koelkast te vullen, verstoppen deze vrouwen verdovende middelen en soms grote geldbedragen in hun huis of kelder.

Maandsalarissen tussen de 1.500 en 10.000 euros

**Er zijn tientallen van deze netwerken. "Dat is niet in cijfers uit te drukken", zegt Roland Gauze voorzichtig. Iedereen zorgt ervoor dat hij zijn territorium en zijn marktaandeel verdedigt, met het geweer aan de voet. Het summum daarbij is de kalasjnikov, die duidelijk macht uitstraalt en in de plaats is gekomen van het luchtdrukgeweer van vroeger. Een kalasjnikov maakt lawaai en maakt indruk. Recente inbeslagnames hebben echter een einde gemaakt aan de mythe dat er via de Vieux-Port [Oude Haven] machinegeweren Marseille zouden binnenstromen. Vaak gaat het om oude wapens die al gebruikt zijn.

Bij invallen treffen de rechercheurs meestal dezelfde buit aan: enkele tientallen kilo´s cannabis, een paar duizend euro aan contant geld en een aantal vuurwapens. In Cité de la Visitation lopen de maandsalarissen uiteen van 5.000 euro voor de minst betaalden (de wachtposten) tot 10.000 euro voor de ´charbonneur´. Maar vaak ligt het inkomen van de bendeleden onder de 1.500 euro per maand, zelfs voor de dealer. "Veel jongeren verdienen inderdaad heel weinig geld, maar het zijn opscheppers", legt Claire Duport uit.

Gezien de aanzuigende werking van de drugshandel hebben maatschappelijk werkers steeds meer moeite om de jongeren een alternatief te bieden. Gezegd moet worden dat de problemen in Marseille zich opstapelen: het werkloosheidspercentage is er hoog, een kwart van de beroepsbevolking heeft geen diploma, en een derde van de inwoners moet rondkomen met minder dan 832 euro per maand (de armoedegrens).**

Een verkooppunt met een omzet van 15.000 euro per dag

"Het probleem kan nooit door de politie alleen worden opgelost", erkent agent Jean-Louis Martini, die de politievakbond Synergie Officiers in de regio leidt. Een jaar geleden rolden de mensen van de GP in Cité de la Busserine een doorsneenetwerk op, zoals er zo veel zijn. Vier dealers, allemaal rond de twintig. Bij de huiszoekingen namen de rechercheurs 25 kilo cannabis en 6.000 euro aan contant geld in beslag. Het verkooppunt van de bende was iedere dag van 12 uur ´s middags tot 12 uur ´s nachts geopend. Er kwamen bijna 300 klanten per dag, die een gemiddelde omzet van 15.000 euro opleverden. Vandaag de dag zijn de wachtposten weer terug in La Busserine. Er is een nieuw netwerk dat de handel heeft overgenomen. De ´charbonneur´ heeft zelfs een comfortabele leunstoel, voor de ingang van een van de flats. De cités van Marseille zitten kennelijk niet op ledigheid te wachten.