**In mijn hele volwassen leven zag het Britse establishment de EU als min of meer incompetent en corrupt, maar toch zeker goedaardig en over het algemeen als een goede zaak in een zorgelijke wereld. Maar het wordt steeds moeilijker om deze houding te blijven volhouden nu de vennootschap der naties plotseling zeer kwaadaardig blijkt te zijn: een meedogenloze onderdrukker die geen enkele waarde hecht aan democratie, nationale identiteit en de levens van gewone mensen.

Het keerpunt zou deze week met de laatste ingreep van Brussel wel eens bereikt kunnen zijn: bureaucraten dreigen een heel land failliet te verklaren tenzij de oppositiepartijen beloven zich aan het door de EU opgestelde bezuinigingsplan te houden.

Laten we het Griekse probleem eens vanuit het juiste perspectief bekijken. De Grote Depressie die het Verenigd Koninkrijk in de dertiger jaren doormaakte, is deel gaan uitmaken van onze nationale mythe. Het was het tijdperk van gaarkeukens en massale werkloosheid, voor eeuwig vastgelegd in George Orwells prachtige romans.**

Crisis Griekenland twee keer zo erg als Grote Depressie jaren 30

**Toch bereikte de daling van de binnenlandse productiviteit tijdens die crisis, tussen hoogte- en dieptepunt, nooit meer dan 10 procent. In Griekenland is het bruto binnenlands product sinds 2008 al met ongeveer 13 procent gedaald, en zal volgens experts aan het eind van dit jaar met nog eens 7 procent gedaald zijn. In andere woorden: tegen Kerst zal Griekenlands crisis al twee keer dieper zijn dan de beruchte economische catastrofe waardoor Groot-Brittannië 80 jaar geleden getroffen werd.

En toch wijst alles erop dat de Europese elite er niet warm of koud van wordt. Eerder deze week waarschuwde Olli Rehn, topeconoom van de EU, voor “verwoestende gevolgen” als Griekenland failliet gaat. Uit de context van zijn woorden kan echter worden afgeleid dat hij niet zozeer dacht aan de verwoestende gevolgen voor de Grieken zelf, als wel aan die voor de rest van Europa. Hoewel de euro-elite er dus niet wakker van lijkt te liggen, is het leven in Griekenland, bakermat van de Europese beschaving, ondraaglijk geworden.

Al 100.000 bedrijven zijn failliet gegaan, en er vallen er steeds meer om. Het aantal zelfmoorden stijgt razendsnel en het aantal moorden is verdubbeld, nu tienduizenden mensen dakloos zijn geworden. Het leven op het platteland, waar de ruilhandel floreert, is draaglijk. In steden is het echter keihard, en voor minderheden, vooral Albanezen, die geen rechten hebben en die jarenlang het werk deden waar de Grieken hun neus voor ophaalden, is het ronduit beangstigend.**

Harteloosheid en onmenselijkheid van EU-commissarissen

Niet alleen gezinnen lijden, ook Griekse instellingen functioneren niet meer. In tegenstelling tot Groot-Brittannië tijdens de crisis van de jaren dertig, kan Griekenland niet terugkijken op eeuwen van een min of meer stabiele parlementaire democratie. Het is net een generatie geleden dat het land zich ontworstelde aan een militaire dictatuur, en nu er in delen van het land wetteloosheid heerst, komen er weer duistere krachten opzetten. Alleen al in het afgelopen najaar konden extremistische partijen rekenen op 30 procent van de stemmen. Nu staan de harde kern van links en die van rechts op ongeveer 50 procent, en dat cijfer neemt nog steeds toe. Daarbij moet gezegd worden dat deze democratische ontgoocheling nog werd aangewakkerd door de bemoeizucht van de EU, en vooral door hun aanstelling van Lucas Papademos als marionetpremier.

Afgelopen jaar werd ik scherp bekritiseerd en zelfs door een zeer onvriendelijke producer verwijderd uit een Newsnight-studio, toen ik Amadeu Altafaj-Tardio, woordvoerder van de Europese Unie, “die idioot uit Brussel” noemde. Goedbedoelende personen proberen me er sindsdien op alle manieren te van overtuigen dat de heer Altafaj-Tardio een intelligente en aardige man is. Ik heb geen gegronde redenen om daaraan te twijfelen, en er mag bovendien niet worden vergeten dat hij slechts de spreekbuis en betaalde huurling is van de heer Rehn, Commissaris voor Economische en monetaire zaken.

Maar terugkijkend is het duidelijk dat mijn opmerkingen veel te vriendelijk waren en ik zou mezelf nader en met meer nadruk willen toelichten. Dwaasheid is natuurlijk een groot deel van het probleem in Brussel, waar veel van de beoordelingsfouten en het ontbreken van basisvaardigheden in de afgelopen jaren aan kunnen worden toegeschreven. Maar wat daar met kop en schouders bovenuit steekt, zijn de absolute harteloosheid en onmenselijkheid van EU-commissarissen zoals de heer Rehn, die een regime domineren waarmee een land wordt vernietigd dat ooit trots, beroemd en redelijk functionerend was.

Thatcher was barmhartiger en pragmatischer dan Olli Rehn

Ik ben oud genoeg om mij hun retoriek te herinneren toen Margaret Thatcher haar monetaristische beleid doordreef in antwoord op de recessie van de vroege jaren tachtig. De Britse premier werd verweten dat het haar volledig aan compassie en menselijkheid ontbrak. Toch was het verlies aan economische productiviteit tijdens de recessie van 1979-1982 slechts 6 procent, minder dan een derde van de omvang van de depressie die de ongelukkige Grieken nu voor hun kiezen krijgen. De werkloosheid piekte met 10,8 procent, iets meer dan de helft van waar de Grieken nu op zitten.

De realiteit is dat Margaret Thatcher een veel barmhartigere en pragmatische figuur was dan Amadeu Altafaj-Tardio’s baas Olli Rehn en zijn weerzinwekkende maten. Zij zou in het kielzog van een economisch dogma nooit een hele natie hebben vernietigd.

Het is niet langer moreel houdbaar dat Groot-Brittannië de Europese eenheidsmunt steunt, een rampzalig experiment dat zoveel menselijke vernietiging op zo’n omvangrijke schaal met zich meebrengt. Nog afgezien van allerlei andere bedenkingen, is menselijkheid alleen al voldoende reden voor David Cameron om met Brussel te breken en eindelijk aan de redding van Griekenland te beginnen.