Een journalist van The Guardian, Paul Lewis, is de meest recente van een lange reeks s'churken' die zijn aangehouden en verhoord wegens ronddolen op particulier terrein. Lewis werd door de politie aangehouden en gefouilleerd krachtens artikel 44 van de Britse terrorismewet voor het nemen van foto’s van Norman Foster’s Gherkin, een van Londen’s bezienswaardige gebouwen.

Dit soort controle en bewaking van onschuldige activiteiten, waarvoor niet bepaald antiterroristenwetten nodig zijn, gebeurt overal in Groot-Brittannië als gevolg van het toenemende particuliere eigendom en beheer van steden. Liverpool One, dat 34 straten in het hart van Liverpool overspant, is het eigendom van Grosvenor, het vastgoedbedrijf van de Hertog van Westminster, dat de volledige locatie van de gemeente voor 250 jaar heeft geleasd, inclusief straten en openbare ruimten. Delen van Bristol en Leicester en Stratford City, wat het grootste nieuwbouwproject in Londen belooft te worden, zijn in handen en worden beheerd door vastgoedbedrijven. Met z’n 70 hectare wordt Stratford City – een van de belangrijkste locaties voor de Olympische Spelen van 2012 – een particuliere stad binnen een stad.

Steriele, streng beveiligde enclaves

Politici en ontwikkelaars wijzen erop dat mensen van dit soort plekken houden en er in groten getale komen shoppen. Maar ze zetten ook vraagtekens bij het soort openbaar leven, cultuur en democratie dat in de Britse steden de afgelopen 150 jaar vanzelfsprekend is geweest. Een heleboel ogenschijnlijk onschuldige activiteiten – skateboarden, rollerbladen en op sommige plaatsten zelfs eten – worden stelselmatig verboden, evenals filmen en, natuurlijk, fotograferen. En ook bedelen, dakloos zijn, politieke pamfletten uitdelen en politieke demonstraties houden. In plaats van de diversiteit van de hoofdstraten creëren we steriele, streng beveiligde enclaves, bewaakt door particuliere bedrijven en CCTV. In plaats van ons veiliger te doen voelen benadrukt de beveiliging het alom aanwezige gevaar, dat de angst voor misdaad aanwakkert.

Maar weinig mensen zijn echter bewust van de letterlijk ondergrondse veranderingen. Algemeen wordt aangenomen dat de straten altijd openbaar zijn geweest en dat ook zullen blijven. Maar ook in het begin van de 19e eeuw waren steden als Londen eigendom van een kleine groep particuliere huisbazen, voornamelijk hertogen en graven. Tot hun bezit hoorden een paar van de mooiste Georgische en vroeg Victoriaanse pleinen, maar wat we tegenwoordig niet zien zijn de particuliere beveiligingsbedrijven, die door de vastgoedeigenaars worden ingehuurd om de mensen die er niet horen te weren, en de talloze hekken, slagbomen en palen.

Vastgoedbedrijven nemen hele districten over

Naar aanleiding van groeiende openbare verontwaardiging, die gelijke tred hield met de opkomst van lokale democratie en zijn weerslag vond in twee parlementaire onderzoeken, ging het beheer van de straten over in handen van de lokale overheden. Sindsdien is het gebruikelijk dat lokale overheden straten en openbare ruimten ‘adopteren’, hetgeen betekent dat ze ze beheren, of ze nu eigenaar zijn of niet. Deze ontwikkeling wordt nu omgekeerd en vastgoedbedrijven nemen het beheer van hele districten over. Fotografen zijn de eersten die daar wat van merken maar lang niet de enigen. Kan er nog iets worden gedaan om het tij te keren nu de mensen zich bewust worden van de gevolgen van deze enclaves? Er is een nieuw denkraam nodig.

De ironie wil dat het hoofdkwartier van de Greater London Authority, de zetel van het democratisch bestuur in Londen, zich in More London bevindt, nog zo’n enclave in particuliere handen. Vorige maand sprak burgemeester Boris Johnson zich echter officieel uit tegen particulier beheer van straten en openbare ruimten. De burgemeester heeft grote macht op het gebied van stedenbouw en kan gemeentes opdracht geven nieuwe bouwplannen te weigeren die niet aan deze criteria voldoen. Gezien het feit dat bij vrijwel alle nieuwe bouwprojecten het beheer van straten geruisloos in particuliere handen overgaat, is dit een significant beleid.