De film 'The Iron Lady' over het leven van Margaret Thatcher zou een leeftijdswaarschuwing moeten krijgen. Want alleen mensen van vijftig jaar en ouder zullen waarschijnlijk in staat zijn om deze film over de krasse oude dame en de omstandigheden van de politieke arena in die tijd te begrijpen. De neergang zette op niet mis te verstane en wrede wijze in op een novemberavond in 1990 in Parijs, toen de destijds 65-jarige Margaret Thatcher vriend en vijand verraste door haar politieke carrière in de wilgen te hangen.

Achter de aankondiging van haar aftreden ging namelijk nog een bijkomend belangrijk feit schuil. De journalisten die indertijd naar Parijs waren getogen, waren daar in eerste instantie voor de eerste top van de CVSE (Conferentie over veiligheid en samenwerking in Europa) sinds de val van de Muur. De top liet zien dat er geen plaats meer was voor het ‘bekrompen Britse nationalisme’ van Margaret Thatcher in het nieuwe postcommunistische Europa. Zelfs Groot-Brittannië wilde Europees worden.

Tijdens een rede op een bijeenkomst van het Britse verbond van vakverenigingen, twee jaar voor de val van de IJzeren Dame, beloofde de voorzitter van de Europese Commissie, Jacques Delors, een sociaal Europa dat zou opkomen voor de rechten van de vakbonden en volledige werkgelegenheid zou garanderen. De vakbondsstrijders stonden als één man op om een 'Frère Jacques' [de Franse versie van Vader Jacob, red.] in te zetten ter meerdere eer en glorie van hun redder. Tijdens de eerste vijf jaar van het voorzitterschap van Jacques Delors werden binnen de Europese Unie twaalf miljoen banen geschapen. Eurofilie was in die tijd een vanzelfsprekend sentiment.

Liedje voor Van Rompuy

Welk liedje zouden de Europese vakbondsfederaties nu aanheffen als ze Herman Van Rompuy, de huidige voorzitter van de EU, zouden willen toezingen? Wellicht een liedje van zijn landgenoot Jacques Brel, bijvoorbeeld 'On n’oublie rien'. Vandaag de dag telt de Unie 17 miljoen werklozen.

Vorige week hebben de vakbondsorganisaties in heel Europa geprotesteerd tegen het begrotingspact van de EU, waarin forse bezuinigingen op sociaal gebied worden bepleit en tegelijkertijd de rechten en vrijheden van burgers worden ingeperkt. Daardoor draagt Europa de sociale ideologie van de verzorgingsstaat ten grave, waarvoor zowel de christendemocraten als de sociaal-democraten – de twee grootste Europese partijen – zich nu juist ingespannen hadden.

Via het stabiliteitspact wil de EU Thatchers concept van de economie aan alle lidstaten opleggen. Maar we moeten niet vergeten dat de Britse bevolking zich via een democratisch referendum positief had uitgesproken over het autoritaire kapitalisme van de voormalige Britse regeringsleider, terwijl de EU besluiten neemt zonder dat deze enige vorm van democratische legitimiteit of volkslegitimiteit genieten. De hoge instanties van de EU willen in de eerste plaats en boven alles de euro redden – de munteenheid die symbool staat voor de economische dwaasheid en politieke arrogantie die Europa verscheurt tussen de rijke regio’s en de rest die tot armoede veroordeeld is.

Europees topspecialist op het gebied van de menswetenschappen en docent Fritz Wilhelm Scharpf vraagt zich af of er achter de hervormingen van de Economische en Monetaire Unie niet een of ander geheim plan schuilgaat. Hij beschrijft een Europese ideologie waarin privatisering van de economie, afzwakking van het vakverenigingswezen en vermarkting op het gebied van gezondheid en onderwijs worden gestimuleerd.

Dwingende regels door de financiële markten vastgelegd

Op economisch vlak streeft hij stabiliteit en inflatiebeheersing na. Volledige werkgelegenheid is echter naar de achtergrond verdwenen. De Europese regeringen hebben geen andere keuze dan zich aan disciplinaire economische maatregels te onderwerpen, ongeacht wat de gevolgen hiervan op sociaal gebied zijn. Deze dwingende regels zijn door – en ten gunste van – de financiële markten vastgelegd. In het vervallen auditorium van de London School of Economics waar Scharpf onlangs een toespraak hield, waarschuwde hij voor de afbrokkeling van de democratie binnen de Unie: “Democratische legitimiteit veronderstelt de mogelijkheid om weloverwogen politieke keuzes te maken.”

De legitimiteit van democratisch gekozen regeringen kan hierdoor in gevaar komen, in het bijzonder in landen die nog maar kort geleden een democratie hebben verworven. “Kandidaten te over: Hongarije, Griekenland, Portugal, Spanje, Italië. In deze landen kan de opstand zowel uit rechtspopulisme als uit links voortkomen. En op dit moment is het helaas de opstand van rechts, gestoeld op xenofobie, die wijdverbreid opgang maakt. De anticrisismaatregelen wakkeren dergelijke primaire reacties alleen maar aan en maskeren de idee van Europees burgerschap. In plaats daarvan steken vooroordelen de kop op: de luie Grieken tegenover de krijgshaftige Duitsers en de corrupte Zuid-Europeanen tegenover de nauwgezette Calvinisten van het Noorden.”

Toen Margaret Thatcher de vergaderzalen van de Europese Unie betrad, had zij de gewoonte om de blik van haar Europese collega’s met haar priemende ogen te fixeren om vervolgens uit te roepen: “Ik wil mijn geld terug!”. Die ideologie is terug van weggeweest. Met het enige verschil dat het tegenwoordig de banken zijn die hun eisen stellen.