Het idee ontstond in 2005 in Liverpool toen de havenstad, recordhouder op het gebied van werkloosheid en criminaliteit, werd aangewezen als culturele hoofdstad van Europa 2008. De stad van de Beatles besloot haar slechte reputatie om te buigen tot een kracht en Europese zustersteden aan zich te binden door middel van een niet alledaagse stedenband. De twee mannen die op dit idee kwamen waren Bob Scott, projectleider in 2008, die meer Europa aan zijn programma wilde toevoegen, en Franco Bianchini. Voor deze academicus uit Toscane met woonplaats Liverpool is de lotsverbondenheid tussen de steden onderling zonneklaar: ze hebben te maken met dezelfde handicaps, dezelfde louche charme en dezelfde buitensporige reputatie.

In een poging het netwerk meer body te geven werd Istanbul benaderd, niet alleen met het oog op het feit dat het een van de culturele hoofdsteden van Europa in 2010 zou worden, maar vooral ook omdat de stad een brug vormt tussen continenten en godsdiensten en aan de buitengrens van het officiële Europa staat. Bremen, de havenstad die door Hamburg wordt overvleugeld, sloot zich op haar beurt ook aan en vervolgens kwam Gdansk het nieuwe Europa vertegenwoordigen.

Een geveol van miskenning, van onbegrip

Zijn deze zes steden dan echt zo ongeliefd? Waarschijnlijk gaat achter deze basisgedachte vooral een gevoel van miskenning, van onbegrip, schuil. Laten we Marseille als voorbeeld nemen. Hoe kun je een Franse stad zijn als ieder ander wanneer je onafhankelijk bent geweest (tussen 1592 en 1596), met geweld bent ingenomen door Lodewijk XIV, die de kanonnen van zijn forten op de stad richtte in plaats van op zee; een naamloze stad was in 1794 vanwege overmatig verzet, in 1936 onder staatstoezicht werd gesteld, na de brand in de Nouvelles Galeries, die had onthuld dat de stad stelselmatig door de gemeente was geplunderd? Alessi Dell’Umbria verklaart in zijn boek Histoire universelle de Marseille de ontwikkeling van de stad met deze voortdurende zoektocht naar onafhankelijkheid. En hoe zit het met Napels? Een van de oudste steden in Europa, vleugellam geraakt door alle invloeden, waar de laatste tijd nog maar weinig over wordt gesproken, alleen in verband met zijn afvalbergen of de bedreigingen van de Camorra tegen schrijver Roberto Saviano.

Of Liverpool? Wie kan er een monument in die stad noemen? Een politicus? De stad wordt overheerst door de Beatles en de Reds, zoals Marseille wordt gedomineerd door filmregisseur Pagnol en de plaatselijke voetbalclub, Olympique Marseille. En Bremen wordt bijvoorbeeld altijd, onvermijdelijk, vergeleken met het rijke Hamburg. Gdansk tot slot is voortdurend op zoek naar een eigen identiteit die door de achtereenvolgende regeringen wordt betwist… Istanbul is een witte raaf onder deze steden. Veel inwoners van deze landen minachten deze steden in binnenlands ballingschap. Ze zijn altijd alleen maar hun eigen hoofdstad geweest.

Uit impopulaire steden komen de eisen en de prikkels

Paradoxaal genoeg hebben deze impopulaire steden toch een bepaalde aantrekkingskracht. De Parijse geprivilegieerden, die in contact wil komen met 'echte mensen', gaat met de TGV naar Marseille. En het aura van de televisieserie ‘Plus belle la vie' (die speelt in een café in Marseille) is gewild bij de kleintjes. Bremen heeft een van de populairste universiteiten van Duitsland. Napels aanvaardt zijn eigen motto (‘Eerst Napels zien, dan sterven’). Istanbul geeft gestalte aan de moderne tijd op de grens tussen Europa en Turkije, een land dat nog grotendeels uit platteland bestaat. Franco Bianchini, destijds student stadsvernieuwing, heeft deze combinatie van aantrekkingskracht en weerzin in Napels aan den lijve ondervonden. In de huidige tijd, waarin wordt nagedacht over de identiteit, gooien deze marginale steden de boel weliswaar flink in de war, maar ze zorgen tegelijkertijd ook voor een aanscherping van het debat. Bremen is overigens ook nog eens de kleinste deelstaat in Duitsland. Gdansk was ooit achtereenvolgens Duits, lid van de Duitse vereniging van Hansesteden, autonoom, Pools. Istanbul heette vroeger eerst Byzantium en later Constantinopel… Deze steden zijn volop in beweging, balanceren voortdurend op de rand van een crisis en hebben hun eigen geschiedenis met een glimlach beleefd, maar ook met hoongelach, tevens een beleefde vorm van opstand.

De impopulaire steden zijn afschuwelijk, vies en onaangenaam en vormen de voedingsbodem voor een allesoverheersend milieu, soms folkloristisch, maar het zijn ook centra waar de eisen vandaan komen, de prikkels. In elk geval functioneert het netwerk in het veld beter dan via de instanties, maar eind 2008 is het opnieuw ingestort. Napels heeft zich teruggetrokken toen men daar merkte dat er weinig voordeel te behalen viel uit dit project. In Istanbul is het aanvankelijke enthousiasme verdwenen als gevolg van de voortdurende wijzigingen van het team dat verantwoordelijk was voor het programma 2010.

Liverpool heeft nog geprobeerd om het netwerk te laten opnemen in het culturele programma 2007 van de Europese Unie. Het voorstel daartoe werd echter tegen alle verwachtingen afgewezen. Tegenwoordig laat Bernard Latarjet, voorzitter van de commissie Marseille-Provence 2013, zich niet afschepen en het netwerk 'Cities on the Edge' blijft tijdens de werkzaamheden dan ook gewoon bestaan: “Liverpool heeft het stokje aan ons doorgegeven. We voelen ons moreel verplicht.” Hij is van plan om het netwerk in zuidelijke richting uit te breiden, met Tanger of Valencia, en de ‘Cities on the Edge’ nog een keer ter stemming voor te leggen in Brussel. “Het is een echt Europees project, dat beslist als voorbeeld dient. De afwijzing uit Brussel is dan ook volstrekt onbegrijpelijk. Wat willen ze nu nog meer ?” vraagt hij zich verbaasd af.

Een paar weken voordat Istanbul aan 2010 begon als culturele hoofdstad was het organiserend comité al driemaal gewijzigd qua samenstelling, terwijl het officiële programma ook nog steeds niet bekend was gemaakt. Zoals altijd: on the edge.