Op 14 januari zond het Stockholms Konserthus [de concerthal van Stockholm] voor het eerst via de satelliet een opera uit in filmzalen in heel Zweden. Voor dit eerste evenement was geen half werk verricht. De directeur van de concerthal, Stefan Forsberg, had namelijk de beroemde Zweedse operazangeres Malena Ernman uitgenodigd om het publiek te laten zingen, dat op die manier veranderde in het grootste zangkoor van Zweden.

Het Stockholms Konserthus was al snel tot de laatste plaats uitverkocht, maar het merendeel van de bezoekers van de opera was verspreid over een groot aantal bioscopen in het hele land. Op meer dan dertig locaties werd het concert aldus live via de satelliet uitgezonden, in high definition beeldkwaliteit en met Dolby Surround 5.1 sound.

Sinds vorige winter is de verspreiding van cultuur vanuit de grote steden naar bioscopen in kleinere plaatsen een feit: negen concerten die in de Metropolitan Opera in New York werden gegeven, zijn gelijktijdig in 83 Zweedse filmzalen vertoond, hetgeen een enorm succes was. Zozeer zelfs dat The Met nu een groter publiek heeft in Zweden dan in zijn thuisbasis, het prestigieuze operahuis in Manhattan. Zo werd de opera Carmen op 16 januari 2009 in Zweden voor een publiek van bijna 7.000 mensen vertoond, terwijl de Metropolitan slechts plaats biedt aan 3.800 mensen. In totaal zijn er in Zweden al 53.000 toegangskaarten verkocht voor het winterprogramma van de Metropolitan Opera.

20 euro voor een voorstelling

Ook de Koninklijke Opera van Stockholm lift mee op het succes van de satellietuitzendingen in de bioscopen. In het voorjaar van 2009 organiseerde het Folkets Hus [Volkshuis] een vertoning van de opera's Falstaff en Assepoester. Dit was zo'n groot succes, dat besloten is hier een vervolg aan te geven en dit jaar vier nieuwe producties in de bioscopen uit te brengen.

*“**De Koninklijke Opera van Stockholm biedt plaats aan ongeveer duizend mensen, maar in de bioscopen in de kleinere plaatsen waren dat er drie keer zoveel. Aangezien het onze missie is om de operacultuur onder de aandacht van een groter publiek te brengen, gaan wij hier dus mee door*”, vertelt Kurt Blomquist, technisch directeur van de Koninklijke Opera. Hierdoor kunnen de Zweden voortaan dus in kleine provinciestadjes genieten van voorstellingen die in allerlei wereldsteden worden gegeven, waarbij de toegangsprijzen alleszins redelijk zijn, namelijk gemiddeld 200 kronen [20 euro].

"Je ziet de artiesten in close-up"

De organisatie van deze voorstellingen is in handen van het Folkets Hus in Stockholm, dat de vertoning van culturele producties in bioscopen beschouwt als een nieuwe manier om de optredens algemeen toegankelijk te maken. “Het gaat erom cultuur binnen ieders bereik te brengen. Wij hebben een groot aantal evenementen uitgezonden: van popconcerten, zoals dat van Robbie Williams afgelopen zomer in Engeland, tot aan opera's uit New York", licht Rickard Gramfors toe, die verantwoordelijk is voor de uitzendingen in het Folkets Hus.

Onder de liefhebbers van de traditionele opera, waar je naar 'echte' stemmen gaat luisteren en niet naar een digitaal hoogstandje, lopen de meningen vanzelfsprekend uiteen. Maar sommigen zijn nu al enthousiast, zoals Anna-Lena Bengmark: “Ik ben een fervent operabezoekster. Ik woon concerten bij in Hamburg, Berlijn, Kopenhagen en Malmö, en ik ben al heel vaak naar de Metropolitan Opera in New York geweest. Ik vind het een fantastisch initiatief om opera's in bioscopen te vertonen. Het geluid is echt prima, je ziet de artiesten in close-up en in de pauze zijn er vaak goede interviews. Voor operaliefhebbers is dit echt een feest.