Nu heel Europa Duits spreekt, raken we vertrouwd met het woord Schadenfreude, wat zoiets betekent als “leedvermaak”. Omdat het in vrijwel geen enkele andere taal letterlijk vertaald kan worden, wordt meestal de Duitse term gebruikt. Want het zal duidelijk zijn dat dit gevoel zich niet alleen tot de Duitsers beperkt. Sterker nog, het overheerst in het huidige sombere Europa. Recente verklaringen van Monti en Sarkozy laten wel zien dat het de anderen vrolijk stemt als het een land tegenzit. Kennelijk denken ze er hun eigen ellende mee te kunnen bezweren. Ook wij maken ons daar schuldig aan. Wie herinnert zich niet hoe opgelucht we waren toen de Italiaanse risicopremie hoger was dan de Spaanse, of toen we dachten dat de ellende in Griekenland ons voor de afgrond zou behoeden? We richten ons niet op onze onderlinge afhankelijkheid, op wat ons bindt, maar laten ons meeslepen door de neiging een narcistisch onderscheid te maken en door gevoelens in plaats van ons verstand.

Nationalistisch navelstaren neigt tot slachtofferschap

De negatieve gevoelens die we ten aanzien van Europa koesteren verhinderen ons logisch te reageren op een situatie als deze, namelijk zo efficiënt mogelijk samenwerken om naar een gezamenlijke oplossing te zoeken. Wat dat betreft was de reactie van Rajoy op de verklaringen van de hierboven genoemde leiders de enig juiste. Het gaat om de euro en met demonstraties moeten we voorzichtig zijn. Als iedereen zijn huiswerk doet, vinden we oplossingen waar we allemaal wat aan hebben. Daar zou aan toegevoegd kunnen worden dat we het wellicht niet altijd eens zijn over welke maatregelen moeten worden genomen en hoe die moeten worden uitgevoerd, maar we moeten ons niet overgeven aan emoties. Als in de politiek iets tot paniek leidt, dan is het wel je baseren op vage gevoelens als leedvermaak of het onverantwoordelijk aanwijzen van de schuldigen van alle kwaad. Kennelijk hebben we nog altijd zondebokken nodig om onze ellende te rechtvaardigen, iets wat haast als vanzelf opkomt wanneer we ons overgeven aan nationalistisch navelstaren, wat al gauw neigt naar slachtofferschap. Dat is een constante in onze Europese geschiedenis. In het verleden was het oorzaak van vrijwel alle oorlogen die op ons continent hebben gewoed, en nu dreigt het een belangrijk plan te doen mislukken. Misschien omdat het primaire, radicale reacties aanwakkert, zoals populistische leiders heel goed weten. Het is geen goed teken dat Marine Le Pen volgens opiniepeilingen veel Franse jongeren trekt of dat een deel van de politieke partijen zijn toevlucht neemt tot de Franse grandeur als belangrijkste thema voor de komende presidentsverkiezingen.

Tegenwicht tegen de onverschilligheid van de markten

In zekere zin is die emotionele weerstand verklaarbaar, al was het maar als tegenwicht tegen de onverschilligheid van de markten, die ongevoelig zijn voor wat ze in de samenleving aanrichten, en als uiting van machteloosheid tegenover de eenzijdigheid van wat als oplossingen wordt gepresenteerd. Verontwaardiging is onder de huidige omstandigheden meer dan gerechtvaardigd. Altijd nog beter dan het overheersende angstgevoel. Maar dergelijke gevoelens benemen ons wel het zicht op wat de beste aanpak zou zijn. Over het algemeen reageren we adequater als we onze belangen niet uit het oog verliezen en zo onze gevoelens weten te temperen. Niemand die zich in deze moeilijke tijden afvraagt wat die belangen zijn, namelijk meer Europa en minder solipsisme van de staat.

Precies het tegenovergestelde dus van de overheersende publieke opinie, die ook nog eens wordt opgehitst door onverantwoordelijke politici en een deel van de Europese media, die denken een belangrijke ader te hebben aangeboord met het onophoudelijk berichten over vermeende overtredingen van sommige landen of de doemscenario's van sommige opinieleiders. Een voorbeeld: een paar dagen geleden beweerde W. Münchauin Der Spiegel dat Spanje er op dit moment voorstaat zoals Griekenland twee jaar geleden. Daarmee legde hij de basis voor een self-fulfilling prophecy. Zo worden we blind voor een mogelijke uitweg uit de crisis. We krijgen niet méér Europa als we niet vastberaden afkoersen op de vorming van een volk van Europeanen, een doelstelling waarvan de verwezenlijking inmiddels al grote vertraging heeft opgelopen. Misschien laat het ons koud dat we er niet in slagen om voor Europa dezelfde gevoelens te koesteren als voor ons eigen land. Nooit eerder is echter zo duidelijk geweest dat we onze emoties in bedwang moeten houden en onze belangen voorop moeten stellen. Gevoelens en belangen, het echte leven!