Beeld jezelf een dystopische film in, die zich in de nabije toekomst in onze maatschappij afspeelt. Bewakers in uniform patrouilleren 's nachts in de halflege straten van het centrum, op jacht naar immigranten, criminelen en zwervers. Degenen die ze in handen krijgen, worden hard aangepakt. Wat een fantasievol Hollywood-idee lijkt, is in het Griekenland van vandaag werkelijkheid.

's Nachts patrouilleren in het zwart geklede leden van de Holocaustontkennende neofascistische beweging Gouden Dageraad in de straten. De beweging kreeg tijdens de laatste verkiezingen 7 procent van de stemmen, en er wordt gezegd dat 50 procent van de Atheense politie hen steunt. Tijdens hun patrouilles slaan ze alle immigranten die ze kunnen vinden in elkaar: Afghanen, Pakistani's, Algerijnen. Dit is de manier waarop Europa in het voorjaar van 2012 wordt verdedigd.

De gewelddadigheid van de bescherming

Het probleem van de bescherming van de Europese beschaving tegen de dreiging van immigranten is dat de gewelddadigheid van die bescherming een grotere bedreiging voor de 'beschaving' vormt dan welk aantal moslims dan ook. Met vriendelijke beschermers als deze, heeft Europa geen vijanden nodig.

Honderd jaar geleden bracht G.K. Chesterton onder woorden in welke impasse critici van religie kunnen raken: “Zij die beginnen de Kerk te bestrijden in het belang van vrijheid en menselijkheid, zullen uiteindelijk zover komen dat ze vrijheid en menselijkheid zullen verwerpen zolang ze de Kerk maar mogen bestrijden... Secularisten hebben geen goddelijke zaken vernietigd, maar seculiere zaken, als dat een troost voor ze is.

Veel liberale strijders zijn zo gebrand op het bestrijden van antidemocratisch fundamentalisme dat ze vrijheid en democratie uiteindelijk opgeven zolang ze maar terreur mogen bestrijden. Waar de 'terroristen' bereid zijn deze wereld te verwoesten omdat ze een andere god liefhebben, zijn onze bestrijders van het terrorisme bereid democratie te verwoesten omdat ze moslims haten.

Sommigen van hen zijn zo dol op menselijke waardigheid dat ze bereid zijn marteling te legaliseren om het te kunnen verdedigen. Het is een omkering van het proces waarbij fanatieke verdedigers van een religie beginnen met het aanvallen van een moderne seculiere cultuur en ermee eindigen hun eigen religieuze gedachtegoed op te offeren in hun geestdrift om alle aspecten van het door hen zo gehate secularisme uit te roeien.

Slechts een bijproduct van de bedreiging

Maar de Griekse aanhangers van de anti-immigratiebeweging vormen niet het grootste gevaar: ze zijn slechts een bijproduct van de werkelijke bedreiging, het bezuinigingsbeleid dat de oorzaak vormt van de hachelijke situatie waarin Griekenland verkeert. De volgende ronde van de Griekse verkiezingen vindt plaats op 17 juni. Het Europese establishment waarschuwt ons dat deze verkiezingen cruciaal zijn: niet alleen het lot van Griekenland staat op het spel, maar misschien wel dat van heel Europa.

Eén resultaat – dat volgens hen het juiste is – zou ervoor zorgen dat het pijnlijke maar noodzakelijke herstelproces door middel van bezuinigingen doorgaat. Het alternatief – als de extreemlinkse partij Syriza wint – zou het startsein geven voor chaos, en het einde van de (Europese) wereld zoals we die kennen.

De onheilsprofeten hebben gelijk, maar niet op de manier die zij bedoelden. Critici van onze huidige democratische organisatie klagen dat verkiezingen geen werkelijke keuze bieden. In plaats daarvan hebben we de keuze tussen een centrumrechtse en centrumlinkse partij waarvan de programma's nauwelijks van elkaar te onderscheiden zijn.

Op 17 juni zal er een echte keuze zijn: het establishment (Nieuwe Democratie en PASOK) aan de ene kant, Syriza aan de andere kant. En, zoals gewoonlijk het geval is wanneer er een echte keuze geboden wordt, is het establishment in paniek: volgens hen zal er chaos, armoede en geweld volgen als de verkeerde keuze wordt gemaakt. Alleen al de mogelijkheid van een overwinning van Syriza zou ervoor gezorgd hebben dat de markten rilden van angst.

Syriza geeft stem aan zij die de gekte verwerpen

Het zijn goede dagen voor ideologische verpersoonlijking: markten praten alsof zij personen zijn, en geven uitdrukking aan hun 'zorgen' over wat er zal gebeuren als de verkiezingen niet zorgen voor een regering met een mandaat om het EU-IMF-programma van fiscale bezuinigingen en structurele hervormingen voort te zetten. De Griekse burgers hebben geen tijd om zich zorgen te maken over deze vooruitzichten: zij hebben al genoeg om zich druk over te maken in hun dagelijkse leven. Dat is langzamerhand ellendiger dan we in Europa decennialang hebben gezien.

Dergelijke voorspellingen worden vanzelf werkelijkheid. Ze veroorzaken paniek en laten de mogelijke gebeurtenissen waartegen ze waarschuwen, uitkomen. Als Syriza wint, zal het Europese establishment hopen dat de Grieken dan maar op de harde manier leren wat er gebeurt wanneer er geprobeerd wordt de vicieuze cirkel van wederzijdse medeplichtigheid tussen de Brusselse technocratie en anti-immigratiepopulisme te doorbreken. Dat is waarom Syriza-leider Alexis Tsipras in een recent interview duidelijk maakte dat wanneer Syriza wint, zijn eerste prioriteit bij het optreden tegen paniek zal liggen: “Mensen zullen hun angst overwinnen. Ze zullen niet bezwijken en niet worden gechanteerd.

Syriza heeft een bijna onmogelijke taak. Ze geven geen stem aan extreemlinkse 'gekte' maar aan de rede die zich verzet tegen de gekte van de marktideologie. Met hun bereidheid de macht over te nemen, hebben ze de linkse angst om te regeren, uitgebannen; ze hebben de moed om de puinhoop die anderen ervan maakten, op te ruimen. Ze zullen een formidabele combinatie van principe en pragmatisme aan de dag moeten leggen, van democratische inzet en de bereidheid om indien nodig snel en besluitvaardig op te treden.

Alleen nieuwe 'ketterij' kan Europa redden

Als ze ook maar een minimale kans van slagen willen hebben, dan zullen ze een uiterst Europese demonstratie van solidariteit nodig hebben: niet alleen moeten ze fatsoenlijk behandeld worden door ieder ander Europees land, maar ook zal er naar creatievere oplossingen gezocht moeten worden, zoals het promoten van solidariteitstoerisme deze zomer.

In zijn Notes towards the Definition of Culture, merkte T.S. Elliot op dat er momenten zijn waarop er alleen gekozen kan worden tussen ketterij en ongeloof, oftewel wanneer de enige manier om een religie levend te houden, een sektarische afsplitsing is. In deze positie zit Europa nu. Alleen nieuwe 'ketterij', op dit moment vertegenwoordigd door Syriza, kan redden wat het waard is gered te worden van de Europese erfenis: democratie, vertrouwen in de mensen, egalitaire solidariteit, enz. Het Europa waarmee we opgezadeld worden als Syriza eruit wordt gewerkt, is een 'Europa met Aziatische waarden', dat natuurlijk niets te maken heeft met Azië maar alles met de neiging van het moderne kapitalisme om de democratie maar op te schorten.

De keuze wordt gezien als een fout

Daarin ligt de paradox waarop het 'vrijelijk stemmen' in de democratische maatschappij kracht leunt: je bent vrij om te kiezen op voorwaarde dat je de juiste keuze maakt. En dat is waarom, wanneer er een onjuiste keuze wordt gemaakt (net als toen Ierland de EU-grondwet verwierp), de keuze wordt gezien als een fout, en het establishment onmiddellijk eist dat het 'democratische' proces wordt herhaald om de keuze te herstellen. Toen de Griekse premier Giorgos Papandreou eind vorig jaar een referendum over het Europese reddingsplan voorstelde, werd het referendum zelf verworpen als een foute keuze.

Er kunnen in de media twee hoofdversies onderscheiden worden van het verhaal over de Griekse crisis: het Duits-Europese verhaal (de Grieken zijn onverantwoordelijk, lui, hebben een gat in hun hand, ontduiken belastingen, moeten onder toezicht worden gesteld en er moet ze financiële discipline worden bijgebracht) en het Griekse verhaal (onze nationale soevereiniteit wordt bedreigd door de door Brussel opgelegde neoliberale technocratie).

Toen het onmogelijk werd de benarde toestand van het Griekse volk nog langer te negeren, ontstond er een derde versie: de Grieken worden daarin voorgesteld als humanitaire slachtoffers die dringend geholpen moeten worden, alsof het land getroffen werd door een oorlog of natuurramp. Hoewel alle drie de versies onjuist zijn, is de derde met afstand de meest weerzinwekkende. De Grieken zijn geen passieve slachtoffers. Ze zijn in oorlog met het Europese economische establishment, en wat ze nodig hebben is solidariteit bij hun strijd, omdat het ook onze strijd is.

Griekenland is geen uitzondering. Het is een van de belangrijkste testgebieden voor een nieuw sociaaleconomisch model dat mogelijk onbeperkt kan worden toegepast: een gedepolitiseerde technocratie waarin het bankiers en andere experts wordt toegestaan de democratie af te breken. Door Griekenland te verlossen van zijn zogenaamde redders, redden we Europa zelf ook.

Dit artikel werd als eerst gepubliceerd in the London Review of Books.