Het is een van de tragische zinsbegoochelingen van het menselijk ras dat we geloven in de onvermijdelijkheid van de vooruitgang. We kijken om ons heen en we lijken de glorieuze bevestiging te zien dat onze meedogenloze soort – de 'homo' – steeds meer sapiens wordt. We zien ijssalons en reageerbuisbabies en prachtige elektronische 'pads', waarop je kunt schilderen met je vingertoppen en – hemeltjelief – koffers met wieltjes! Denk er eens over na: we zijn erin geslaagd een mens op de maan te zetten, 35 jaar vóórdat we koffers met wieltjes uitvonden; en toch zijn die er nu. Ze hebben de oude koffers volledig vervangen, de koffers met handvat die je puffend het perron over moest slepen.

Zijn ze niet geweldig? Zonder deze koffers lijkt het leven onmogelijk, en ze zullen ongetwijfeld spoedig gezelschap krijgen van vele andere verbeteringen – zoals therapieën voor acne, elektrische auto's en elektrische koffers – zodat we gesterkt worden in ons bijgeloof dat de geschiedenis een zaak van eenrichtingsverkeer is, een eindeloos geklik voorwaarts naar het nirwana van een liberaal-democratische op de vrije markt georiënteerde broederschap van mensen. Is dat niet wat de geschiedenis ons leert, dat de mensheid bezig is aan een meedogenloze opmars?

In de richting van duisternis, vunzigheid en geweld

Integendeel: de geschiedenis leert ons dat het tij heel plotseling en onverklaarbaar kan keren, en dat de zaken een sprong achterwaarts kunnen nemen in de richting van duisternis, vunzigheid en verschrikkelijke geweld. De Romeinen hebben ons wegen, aquaducten, glas en sanitaire voorzieningen gegeven, en al die andere voordelen die ooit zo mooi zijn opgesomd door Monty Python; waarschijnlijk stonden ze op het punt de koffer met wieltjes uit te vinden, toen hun beschaving in de vijfde eeuw na Christus ten onder ging.

Hoe je er ook naar kijkt, deze ondergang was een catastrofe voor het menselijk ras. De mensen in Groot-Brittannië konden niet langer lezen of schrijven. De levensverwachting kelderde naar zo'n 32 jaar, en de bevolkingsomvang kromp. Veestapels werden kleiner. Het geheim van de vloerverwarming werd vergeten, en varkenshoeders met winterhanden en -voeten bouwden slonzige hutjes in de ruïnes van de villa's, waarbij ze hun tentpalen dwars door de mozaïeken heen sloegen. In de ooit zo bruisende Romeinse stad Londen vonden we (bijvoorbeeld) geen enkel spoor van menselijke bewoning meer, op een stuk mysterieuze zwarte aarde na dat een overblijfsel kon zijn van een vuur of van een primitieve vorm van landbouw.

Het heeft honderden jaren geduurd voor de bevolkingsomvang weer terug was op Romeins niveau. Als we denken dat zo'n ramp zich niet nog een keer kan voltrekken, zijn we niet alleen maar arrogant, maar vergeten we ook de lessen van het recente verleden. We hoeven niet eens te wijzen naar de lege tempels van de Azteken of de Inca's, of naar de bijenkorfachtige bouwsels van de verdwenen beschaving van het vroegere Zimbabwe. Kijk maar naar onze eigen tijd: het lot van het Europese jodendom, dat bijna werd uitgeroeid in de tijd van onze ouders en grootouders, in opdracht van een gekozen regering in wat ooit een van de meest beschaafde landen ter wereld was; of kijk maar naar de skyline van de moderne Duitse steden en treur om al die middeleeuwse gebouwen die tot puin werden gebombardeerd in een oncontroleerbare cyclus van wraak. Ja, als de zaken achteruit gaan kan dat snel gebeuren. Technologie, vrijheid, democratie, comfort – ze kunnen allemaal het raam uit worden gegooid. Hoe zelfgenoegzaam we ook mogen zijn, in de woorden van de dichter Geoffrey Hill heeft 'de tragedie ons in het vizier'. Nergens is dat duidelijker dan in het hedendaagse Griekenland.

Vastbesloten de zaken alleen maar erger te maken

Iedere dag lezen we over nieuwe gruwelen: over ooit trotse bourgeois-families die in de rij moeten staan voor brood, over mensen die pijn lijden omdat de regering geen geld meer heeft om hun medicijnen tegen kanker te betalen. De pensioenen worden gekort, de levensstandaard daalt, de werkloosheid stijgt, en het zelfmoordpercentage is nu het hoogste van de hele Europese Unie – terwijl het ooit een van de laagste was.

Hoe je het ook wendt of keert, we zien een heel land een langzame economische en politieke vernedering ondergaan; en wat ook de gevolgen zullen zijn van de verkiezingen van afgelopen zondag, we lijken vastbesloten de zaken er alleen maar erger op te maken. Er is geen plan voor een eventueel vertrek van Griekenland uit de euro, of in ieder geval niets dat daar op lijkt. Geen Europese leider durft te opperen dat dit wel eens mogelijk zou kunnen zijn, omdat het een ontheiliging zou zijn van de religie van een 'Steeds Nauwere Unie'. In plaats daarvan moeten we allemaal meedoen aan een plan om een begrotingsunie te creëren die (als het al iets zou voorstellen) alleen maar de fundamenten van de westerse democratie zou ondermijnen.

Dit voorwaarts-marcherende concept van de geschiedenis – het idee van een onverbiddelijke politieke en economische vooruitgang – is in feite iets heel moderns. Vroeger was het zeer gebruikelijk om te spreken van verloren gegane gouden tijdperken of vergeten republikeinse deugden of paradijselijke idylles. Pas de afgelopen paar honderd jaar zijn de mensen overgestapt op de 'liberale' interpretatie, en oppervlakkig gezien kun je ze hun optimisme nog vergeven ook. We zijn getuige geweest van de vrouwenemancipatie, de uitbreiding van het kiesrecht naar alle volwassenen, de aanvaarding van het principe dat er geen belasting mag worden geheven als er geen sprake is van een ordentelijke vertegenwoordiging, en het algemeen verbreide inzicht dat mensen op democratische wijze over hun eigen lot moeten kunnen beschikken.

Bereid de democratie op te offeren

En kijk nu eens naar wat er in Griekenland wordt voorgesteld. Terwille van het bijeenhouden van de euro zijn we bereid de democratie te offeren in het land waar zij notabene is geboren. Wat stelt het nog voor als een Griekse kiezer voor een economisch programma stemt, als de besluiten over dat programma in Brussel – of feitelijk in Duitsland – worden genomen? Wat is de betekenis van de Griekse vrijheid, de vrijheid waar Lord Byron nog voor heeft gevochten, als Griekenland weer gevangen wordt in een soort Ottomaanse afhankelijkheid?

Het zal niet werken. Als de zaken zich zo blijven ontwikkelen als nu, zullen we alleen maar steeds meer ellende en steeds meer wrok zien, en zal de kans steeds groter worden dat het hele bouwsel in vlammen zal opgaan. Griekenland zal ooit weer vrij zijn – in de zin dat ik het nog steeds waarschijnlijker acht dat wie er ook aan de macht komt in Athene, die uiteindelijk een manier zal vinden om de concurrentiekracht te herstellen door devaluatie en een vertrek uit de euro – om deze eenvoudige reden: dat het vertrouwen van de markt in het Griekse lidmaatschap van de eurozone niet meer te herstellen is.

Zonder oplossing, zonder duidelijkheid, ben ik bang dat het lijden zal aanhouden. De beste weg voorwaarts zou een ordelijke tweedeling zijn in een oude eurozone en een nieuwe eurozone voor de periferielanden. Met iedere maand uitstel zorgen we ervoor dat het herstel van de wereldeconomie vertraging oploopt, terwijl de overeengekomen oplossing – een begrotingsunie en een politieke unie – het continent zal veroordelen tot een democratische variant op de 'Dark Ages'.