Tot midden jaren vijftig kon je het hakenkruis nog zien, dat was uitgehakt in de rots die boven het kasteel van Hohenems uittorent. De nazi’s in dit stadje in Vorarlberg, in de westpunt van Oostenrijk, wilden vanaf het moment dat ze aan de macht kwamen in 1938 laten zien dat het afgelopen was met de ”joodse overheersing” : de gebundelde krachten van de Alpen en het nationaal-socialisme zouden de buitenlandse uitwassen die daar al sinds drie eeuwen gevestigd waren, wel even wegjagen.

Vandaag de dag weet het gros van de 15.000 inwoners niet dat de ”Marktstraat” vroeger de ”Straat van Christenen” heette, en dat de huidige ”Zwitserse Weg”, waarlangs mooie huizen staan, de ”Straat van Israëlieten” heette. De textielfabriek van de gebroeders Rosenthal, de pioniers van het bedrukte katoen, is al lang dicht. De grote joodse families van Hohenems, die verspreid waren tot aan Alexandrië en Constantinopel zijn nog slechts een herinnering.

De vrees van een deel van de bevolking heeft nu een andere oorsprong. ”Het probleem bestaat vooral uit de Turkse immigranten”, legt Horst Obwegeser (47) uit. Hij staat aan het hoofd van een elektriciteitsbedrijf en is leider van de lokale fractie van de Oostenrijkse Vrijheidspartij, de FPÖ, de belangrijkste kracht van populistisch rechts. ”We willen geen klein Istanboel worden”, zegt hij.

De FPÖ kan op 22,6% van de stemmen rekenen in Hohenems

Dit angstige en bedreigende betoog (ouders die het Duits verwaarlozen moeten worden ”gestraft”, degenen met een taalachterstand moeten naar ”speciale scholen” worden gestuurd) vindt weerklank. Bij de gemeenteverkiezingen van 14 maart, heeft de FPÖ in Hohenems 22,66% van de stemmen binnen gehaald (9,79% meer dan in 2005). Bij de landelijke verkiezingen van 2008 behaalde de partij 17,5% van het totaal en deze schommelt in de peilingen sindsdien rond de 20%.

Het minuscule Vorarlberg ligt aan de Bodensee, dat grenst met Duitsland; het is de meest welvarende deelstaat van Oostenrijk, de zetel van de fine fleur van het bedrijfsleven. In dit bevoorrechte gebied, waar de alomtegenwoordigheid van de bergen deel uitmaakt van de collectieve identiteit, gedijt deze xenofobe retoriek goed.

Het is bijna onmogelijk om het succes van het anti-minarettenreferendum dat in Zwitserland werd georganiseerd door de partij van Christoph Blocher (wiens communicatiebureau voor de FPÖ werkt) niet in verband te zien met de incidenten die Liechtenstein hebben opgeschud. De pers in Vaduz [hoofdstad Liechtenstein] vermoedt dat een extremistische groep molotovcocktail-cocktails naar binnen heeft gegooid bij een Turks restaurant en gebouwen waar immigranten wonen. In een bus heeft een jongere een Turkse scholier op het hoofd geslagen met een fles. Eind 2008 hebben neonazi's uit Liechtenstein en Zwitserland opgeroepen tot een georganiseerde vechtpartij met Turken, waarbij twee ernstig gewonden zijn gevallen. Dat is niet niks voor een land met 35.800 inwoners.

Het Westen voor de christenen” is een van de favoriete motto’s van de FPÖ

Het Westen voor de christenen” is een van de favoriete motto’s van de FPÖ, die zich druk maakt over het feit dat de Islam de tweede religie van Oostenrijk is geworden, met 500.000 gelovigen. Net als in Karinthië, het domein van de populistische Jörg Haider, heeft Vorarlberg in 2008 een wet aangenomen waardoor de bouw kan worden geweigerd van projecten ”die niet conform de lokale gebruiken zijn”. Met andere woorden: minaretten.

Het Joodse Museum van Hohenems heeft de FPÖ van repliek gediend door twee symposia te organiseren. Ze hadden plaats net voor de landelijke verkiezingen, in september 2008, en voor de regionale verkiezingen in Vorarlberg in 2009 en droegen een provocerende titel : ”Hoe een minaret te bouwen die conform de lokale gebruiken is ?” De directeur van het museum, de Duitse Hanno Loewy, is door een leider van de FPÖ uitgemaakt voor een ”uit Amerika verbannen jood”.

De Turkse gemeesnchap zal intergeren, net als de Italiaanse gastarbeiders

Ik doe niets anders dan de opdracht uitvoeren waarmee het museum sinds zijn opening in 1991 is belast”, verdedigt Loewy zich. ”Ook al bestaat het risico dat mensen worden gekwetst, het gaat erom een bijdrage te leveren aan een multiculturele samenleving ”. Obwegeser op zijn beurt noemt dit een ”Überfremdung”, een ”verbuitenlandsing die de maatschappelijke rust verstoort”. ”In speeltuinen”, zegt hij, ”zijn 60% van de kinderen afkomstig uit immigrantengezinnen”, bij hen ligt het geboortecijfer hoger dan bij gezinnen die van oorsprong Oostenrijks zijn.

Vorarlberg telt 30.000 inwoners van Turkse afkomst. ”Wij vormen 16% van de totale bevolking van de deelstaat, maar 25% van de schoolgaande bevolking”, legt Attila Dincer uit, het hoofd van het Turkse platform in Vorarlberg, waar zo’n twaalf organisaties bij zijn aangesloten. Er zijn bijna 600 bedrijven die door Turken worden geleid, voegt hij eraan toe, die 4.000 werknemers in dienst hebben. Tijdens een ontmoeting die is georganiseerd door het joodse museum spreekt Dincer in het Engels met de ambassadeur van de Verenigde Staten in Oostenrijk. Een blik op de vriendelijke Dincer volstaat om het potentieel van deze gemeenschap aan te voelen die zal integreren in Vorarlberg, net zoals vroeger de Italiaanse gastarbeiders.

Dat dit niet zonder slag of stoot zal gaan, moge duidelijk zijn. In 2005 stonden zeven kandidaten van buitenlandse afkomst op de kieslijsten van de kleine deelstaat. Afgelopen 14 maart waren het er 76 en de nieuwe Oostenrijkse burgers hebben op zichtbare wijze hun stempel weten te drukken op deze verkiezingen dankzij de voorkeurstemmen die ze konden uitbrengen . ”Met dit tempo zullen we hier binnenkort een Turkse burgemeester hebben!”, waarschuwt Obwegeser. Hoe het ook zij, Vorarlberg zal in elk geval al een islamitisch kerkhof krijgen, net naast het oude joodse kerkhof in Hohenems.