Ongekend hard heeft de crisis de architectenwereld getroffen. Tientallen bureaus zijn al ten onder gegaan. Veel bouwkundestudenten droomden er tot voor kort nog van om in het voetspoor van gevierde architecten als Rem Koolhaas en Ben van Berkel de wereld over te vliegen en unieke iconen te maken. Nu zijn ze al blij als ze überhaupt aan de slag komen.En dan wrijft directeur Ole Bouman van het Nederlands Architectuurinstituut (NAi) in Rotterdam de sector ook nog eens in dat juist architectuur voor een belangrijk deel de hand heeft gehad in de problemen die zich wereldwijd voordoen. "*Met gebouwen die zich niet bekommeren om hun bereikbaarheid, toegankelijkheid, maatschappelijk rendement, energieverbruik en om hun toekomstig beheer**.*”

Architecten houden zich liever bezig met 'vernuftige concepten'

Bouman poneert deze prikkelende stelling in het boek "Architectuur als noodzaak", dat fungeert als catalogus bij de gelijknamige tentoonstelling, die nu te zien is in het NAi. Het is evident, constateert hij, dat architectuur – achteraf gezien – voor een belangrijk deel schuld heeft aan de opeenstapeling van crises. Of het nu om verstopte wegen gaat, overvolle vliegvelden, megastallen, winkelcentra, no-go-areas of spooksteden. Het dubbelzinnige is overigens wel, erkent Bouman, dat deze beelden van de crisis nog niet zo lang geleden konden doorgaan voor beelden van het ongekende succes van de globalisering. De architectuur mag dan in de ogen van Bouman veel schuld hebben aan de huidige wereldwijde crisis, het zijn juist ook de architecten die oplossingen kunnen aandragen. Maar dan moet er wel iets veranderen binnen de vakgroep. Om te beginnen moeten architecten ophouden met de nu al bijna een eeuw durende, energievretende strijd tussen modern en traditioneel. Die gaat alleen maar over de uiterlijke vorm. Ook houden veel architecten zich liever bezig met ’vernuftige concepten’. In plaats daarvan zouden ze zich moeten richten op wat de maatschappij écht nodig heeft.

Om de branche op weg te helpen heeft het NAi een tentoonstelling samengesteld van een voorhoede van 25 architectenbureaus die er volgens Ole Bouman al langer – vóór de crisis – van doordrongen zijn dat architectuur een bredere maatschappelijke rol kan, zelfs moet spelen. En een bijdrage kan leveren aan het weerstaan van de crises rond voedsel, gezondheid, energie, ruimte, tijd, sociale samenhang en het huidige economische systeem.

De meeste van de door Bouman geselecteerde bureaus hebben gemeen dat ze niet zijn gespitst op het maken van gebouwen met imponerende gevels en spektakelarchitectuur. Het oplossen van maatschappelijke problemen is hun gemeenschappelijke noemer. Zo ziet Atelier Kempe en Thill het als een missie om de ingesleten opvatting te doorbreken dat sociale woningbouw saai, eenzijdig en armoedig is. En 2by4-architects richt zich op het bouwen van goedkope woningen boven bedrijfsloodsen. Door woningen te realiseren op bedrijventerreinen, kan ook de negatieve spiraal van leegloop, verpaupering en sociale onveiligheid worden doorbroken. Dat riekt al gauw naar roggebroodarchitectuur waar de duurzaamheid van afdruipt en die elke speelsheid of frivoliteit ontbeert. Maar dat is een misvatting. Op de tentoonstelling in het NAi barst het van de hoopgevende signalen dat de Nederlandse architectuur – in ieder geval deze voorhoede – nog steeds inventief is, ondanks de zware tijden.

Extra duinen met ondergrondse hotels bij IJmuiden met restwarmte van de Hoogovens

Nergens draaien deze ontwerpers de hand voor om: van CO2-neutrale tot energieproducerende gebouwen, van hoogwaardige architectuur voor lagere inkomensklassen tot een villa gemaakt van afval tot het ambitieuze plan Park Supermarkt waarin de Hollandse polders geschikt worden gemaakt voor recreatie en voedselproductie. Al even visionair is het ontwerp om extra duinen te maken met ondergrondse hotels bij IJmuiden, waarbij de restwarmte van de Hoogovens wordt gebruikt voor een heet waterbad in de open lucht.

Afgaand op de visie en overtuigingskracht van deze architecten komt het op den duur wel weer goed met de Nederlandse architectuur. En blijven architecten nodig om oplossingen aan te dragen voor de problemen die ze eerder zelf mede hebben veroorzaakt.