**De prachtige episode van de slag bij Waterloo in La Chartreuse de Parme [De kartuize van Parma], de tweede grote roman van Stendhal, bewees ons afgelopen week goede diensten om een gevoel te beschrijven dat ons steeds vaker bekruipt in de duizelingwekkende spiraal van de crisis. Alsof we ons in een enorme afvoerbuis bevinden en moeite hebben om te begrijpen wat er allemaal om ons heen gebeurt, hoe goed we ook naar de deskundigen luisteren. We staan niet in direct contact met onze leiders en vermoeden bovendien dat die evenmin een duidelijke visie op de gebeurtenissen hebben. Gedigitaliseerde chaos. Ieder van ons is een beetje zoals Fabrizio del Dongo, de jonge Italiaan die vocht in de slag bij Waterloo zonder dat hij wist waar het om draaide.

Deze week bracht wat licht in de duisternis. Het nieuws dat vrijdag uit Brussel kwam, heeft enige betekenis gegeven aan de grote verwarring die heerst sinds de dramatische verkiezingen in Griekenland, waarvan we ons trouwens al niets meer herinneren, want als het om nieuws gaat, is ons geheugen niet groter dan dat van een mug. Spanje en Italië kwamen in opstand tegen Duitsland en hebben drie maatregelen afgedwongen waarmee hun lijdensweg iets draaglijker wordt gemaakt. Spanje en Italië zijn op het laatste moment een bondgenootschap aangegaan – wat op het Europese schaakbord niet eerder is voorgekomen – om zo een vernedering te voorkomen die ernstige consequenties zou hebben gehad voor hun binnenlandse politiek. De twee landen hebben ontdekt dat ze samen gewicht in de schaal leggen in Europa.**

Het politieke systeem valt langzaam uit elkaar

Een aanzienlijke verlaging van de staatsschuld, waarmee is voorkomen dat de regering van Mario Monti zou vallen – er gaan geruchten dat de Italiaanse premier op de topconferentie in Brussel zelfs met ontslag heeft gedreigd – en dat in het najaar vervroegde verkiezingen gehouden zouden moeten worden. Ondanks de daadkracht van Monti en zijn kabinet van technocraten ligt het tijdstip in Italië uiterst gevoelig. Het politieke systeem valt langzaam uit elkaar: centrumrechts moet zich herstellen van het debakel met Berlusconi; centrumlinks (Partito Democratico) leidt in de peilingen maar heeft te kampen met een gebrek aan samenhang en uithoudingsvermogen; acteur Beppe Grillo, oprichter van de antipolitieke beweging Cinque Stelle [vijf sterren], haalt in sommige peilingen 20% van de stemmen; Berlusconi – zeer geïnteresseerd in het fenomeen Grillo – is uit zijn graf opgestaan en bepleit terugkeer naar de lire, en het Vaticaan bevindt zich op dit moment niet bepaald in een positie voor driehoeksallianties in deze barokke storm waarin alleen de eerbiedwaardige president van de Republiek, Giorgio Napolitano, overeind blijft. De Bundesnachrichtendienst, de Duitse inlichtingendienst die direct onder het kabinet van de bondskanselier valt, heeft Angela Merkel gedetailleerd geïnformeerd over de mogelijke risico's van een politiek onbeheersbaar Italië. Voeg daarbij relevante rapporten over de werkelijke kosten van een mogelijk uiteenvallen van de euro en iedereen begrijpt terstond waarom de Duitse bondskanselier vrijdagochtend in Brussel zo stuurs voor zich uit keek. Het touw stond strak en zo dicht bij de afgrond kon ook zij niet anders dan terugkrabbelen.

De kloof is breder geworden

**“De kloof is breder geworden en Italië staat opnieuw aan de rand van de afgrond”. Deze uitspraak van de Italiaanse premier drie weken geleden, vlak voor de dramatische verkiezingen in Griekenland, vormt de verklaring voor wat zich in Brussel afspeelde. Waardoor is die kloof breder geworden? Door de herkapitaliseringsproblemen van het Spaanse Bankia. Door de nog altijd bestaande algemene argwaan dat de problemen in Spanje veel groter zijn dan de huidige en de vorige regering de afgelopen zeven maanden hebben willen toegeven. Door grote argwaan in sommige kringen in de Londense City. In tegenstelling tot Italië heeft Spanje echter niet te kampen met een wankel parlement. De regering heeft een absolute meerderheid van 186 zetels en nog bijna vier jaar te gaan. Dat is de belangrijkste troef van Mariano Rajoy.

Rajoy bevindt zich in een minder precaire situatie dan Monti, maar officieel ingrijpen in de economie zou hem aanzienlijke schade kunnen toebrengen. Voor Monti ging het er in Brussel om te overleven, voor Rajoy ging het om zijn toekomst. Een bondgenootschap tussen beiden was onvermijdelijk. In de 48 uur voorafgaande aan de topconferentie hebben Monti en Rajoy drie keer met elkaar gesproken.**

Geen mannen in uniform naar Rome en Madrid

**Wat rest, zijn de kleine lettertjes. Van de drie in Brussel aangenomen maatregelen is de meest concrete het schrappen van de voorwaarden die schuldeisers stelden aan herkapitalisering van de bank, met alle nadelige gevolgen vandien voor beleggers in Spaanse staatsobligaties. Theoretisch is de rode draad die het ontstekingsmechanisme van de lening verbond met de explosieve lading van de risicopremie doorgesneden.

De beide andere maatregelen vergen meer tijd. Herkapitalisering van de banken zonder rekening te houden met de staatsschuld is afhankelijk van de snelheid waarmee de Europese Centrale Bank de bevoegdheid krijgt om controle uit te oefenen en toezicht te houden op het hele banksysteem in de Europese Unie. Grote woorden. Controle en toezicht vanuit Frankfurt over het hele Europese banksysteem (met uitzondering van Groot-Brittannië natuurlijk). Een in hoge mate afstaan van soevereiniteit die door Londen met afgrijzen wordt bekeken. Voor de derde maatregel, het opkopen van staatsobligaties met een deel van het geld uit de beide Europese noodfondsen, zijn een aantal memoranda nodig. Er komen geen mannen in uniform naar Rome en Madrid, maar wel worden allerlei controleclausules ingebouwd, die Duitsland en zijn bondgenoten ongetwijfeld zo hard mogelijk zullen proberen te maken, als schadeloosstelling voor de klap die hen in Brussel is uitgedeeld. Over een jaar zijn er verkiezingen in Duitsland.**

Terug in een nieuw Westfalen

**De gebeurtenissen van de afgelopen week maken het Waterloo van Stendhal wat minder verwarrend. En deze verhelderende kijk brengt ons bij een andere historische gebeurtenis, die zeker niet minder belangrijk was dan de slag die het definitieve einde van Napoleon inluidde, namelijk Westfalen 1648. De opeenvolgende verdragen die leidden tot de Vrede van Westfalen betekenden geleidelijk het einde van het vroegere Europese imperium met Rome als middelpunt: het Germaanse mozaïek van het Heilige Roomse Rijk, de Paus en het onder schulden bedolven en aan de overkant van de oceaan zo machtige Spaanse keizerrijk. Westfalen opende de deuren naar een nieuwe nationale soevereiniteit, die werd belichaamd door het Frankrijk van kardinaal Mazarin. Er ontstond een Europa van nationale staten, wat door de Franse Revolutie nog werd versterkt.

Misschien zijn we zonder het te weten terug in een nieuw Westfalen. De raderen van de nationale soevereiniteit beginnen de andere kant op te draaien. Om de euro in stand te houden moeten bevoegdheden worden afgestaan aan een centraal gezag. Westfalen II. Italië en Spanje kunnen niet anders dan dat accepteren. De grote vraag is hoe Frankrijk, kwintessens van de nationale staat, zich zal opstellen. Het zal niet lang meer duren voor de schim van kardinaal Mazarin de meubels in het Elysée begint te verplaatsen. (En Westfalen was een proces dat ruim dertig jaar duurde).**