België staat vanmorgen nog steeds overeind. Of in ieder geval de resten ervan. Zijn lijf is opgezwollen. Het land haalt adem, maar met horten en stoten, dankzij het kleine beetje lucht dat men hem tot volgende week donderdag heeft gegund. Het staat weer op en gaat de strijd weer aan, maar niet met hart en ziel. Kan er redelijkerwijs trouwens nog wel in worden geloofd? Het is buitengewoon ironisch te bedenken dat het duo Albert II-Leterme -een onwaarschijnlijk koppel van een koning aan het einde van zijn regeerperiode en een eerste minister die het communautaire vuur weer heeft doen oplaaien- het land te hulp snelt en verklaart dat de politieke crisis niet gelegen komt omdat deze het welzijn van de burgers bedreigt. Een boodschap als een laatste strohalm waarvan we ons vandaag af kunnen vragen hoeveel mensen, in het noorden van het land, zich hierin kunnen vinden.

Drie jaar geleden waren we stomverbaasd getuige van de historische stemming, Vlamingen tegen Franstaligen, waarbij de splitsing van BHV werd geëist. Een bepaald idee over België is die dag gestorven.

Gisteren stelden de verblufte burgers vast dat hun land, gedompeld in een onbeschrijfelijke en onbegrijpelijke chaos, bijna niet bestuurd leek te worden en bijna onbestuurbaar leek te zijn. Vandaar de vraag, na al deze maanden van eindeloze onderhandelingen, scheldpartijen over de taal en communautaire twisten: heeft België, in deze vorm, wel een kans?

Wat er gisteren gebeurde, is ernstig. De Vlaamse partijen hebben met een nog nooit vertoonde krachtmeting de parlementaire vergaderingen geïnstrumentaliseerd, door te proberen met hun meerderheid een stemming, die de minderheid niet wilde, over BHV op te dringen, op basis van zeer discutabele juridische argumenten. Wie zou ze tegenhouden? Konden ze wel tegengehouden worden? Een paar ogenblikken lang bestond er slechts een onmetelijk vacuüm om antwoord te geven op deze vragen. Een machtsvacuüm. Er zijn landen waar deze momenten van aarzeling door het leger gebruikt worden om een staatsgreep te plegen. Daar horen wij gelukkig niet bij. Maar wij hebben ook onze kwelgeesten. Ze hebben de gedaante aangenomen van een groep rechts-extremisten die de Vlaamse Leeuw zingen midden in de Kamer, staand, triomfantelijk, zonder dat iemand hen de toegang tot deze symbolische plaats van de federale democratie kan ontzeggen, zonder dat iemand hun heiligschennis kan stoppen. Dit moment zorgt voor koude rillingen. De smet die ze werpen op het imago van het land is schandelijk. Het gaat hier natuurlijk om een gebaar van een groep fanatiekelingen maar niemand kon gisteren nalaten dit als symbolisch voor dit land te zien, dat door opeenvolgende crises uiteindelijk daar uit zou kunnen komen waar het Vlaams Belang [extreemrechts] en de N-VA [centrumrechts] het willen hebben.

De vraag dringt zich op.

Heeft het nog zin dit land, waarvan niemand weet of de volgende verkiezingen wettelijk zullen zijn, te handhaven? En waar onbelemmerd de wet van de meerderheid wordt opgelegd?

Heeft het nog zin een land te handhaven waar geen mannen en vrouwen meer zijn, of systemen, die in staat zijn compromissen, hoe beperkt ook, te vormen die noodzakelijk zijn voor de voortzetting van België?

Heeft het nog zin om, zoals Jean-Luc Dehaene zei, te willen samenleven, het eens te willen worden, te willen samenwerken met mensen met dermate tegengestelde overtuigingen?

Heeft het nog zin om maandenlang strijd te voeren over arrondissementen, woningwetten en benoemingen van burgemeesters zonder ooit een uitweg te vinden?

Heeft het nog zin om compromissen te sluiten die een maand later weer op losse schroeven worden gezet, om een federale staat met handen en voeten overeind te houden (belangenconflicten, alarmbellen, mijnenvegers [zoals Dehaene in het dossier BHV], verkennende formateurs [bij ingewikkelde regeringsformaties], enz.)?

Er zullen vanmorgen Vlamingen zijn die zeggen dat het allemaal de schuld is van de Franstaligen die nooit iets willen toegeven en de Vlamingen niet serieus nemen. Er zullen Franstaligen zijn die zeggen dat het allemaal de schuld is van de Vlamingen die de Franstaligen tot buiten Vlaanderen willen verdrijven. Maar als er geen Vlamingen en Franstaligen meer zijn om te zwijgen en een akkoord te sluiten waarmee het land dit probleem te boven kan komen en de weg te bereiden voor een gemeenschappelijke toekomst, dan moeten we echt de realiteit onder ogen durven zien en onszelf de vraag stellen: heeft België nog bestaansrecht? En de gevolgen van de gestelde daden aanvaarden. Dan moeten we het er niet meer over hebben en het accepteren. Op het gevaar af de Vlaamse nationalisten gelijk te geven? Ja, want zij hebben dan gewonnen.

Heeft dit land nog wel zin? Wij denken nog steeds van wel. Maar deze mening is alleen maar wat waard als we voldoende talrijk zijn om in dat idee te geloven, eraan te werken, ervoor te zorgen dat het kan bestaan. Als de ernstige crisis die gisteren is ontstaan blijft voortduren, is dat het teken dat deze wil er niet meer is. Dat was gisteren helaas het gevoel dat overheerste.

© Le Soir. Alle rechten voorbehouden. info@copiepresse.be