Het kostte hem weinig moeite om aan de gegevens te komen. Ze stonden voor zijn neus. Op het scherm van zijn computer bij de vestiging van HSBC in Genève waarachter hij de afgelopen zes maanden had doorgebracht om de gegevensbestanden met cliëntgegevens van een van de grootste banken ter wereld te verbeteren. Wat Hervé Falciani op die dag in oktober 2006 aanschouwde, was goud waard. Gegevens die werden beschermd door het onaantastbare Zwitserse bankgeheim. Miljoenenrekeningen die jarenlang waren gegroeid door onzichtbare transacties en geldstromen van twijfelachtige oorsprong die niet waren te achterhalen.

Wat de destijds 34-jarige computerdeskundige onder ogen kreeg, waren duizenden deposito's van buitenlandse bedrijven en particulieren die zich hier, buiten het bereik van hun respectievelijke regeringen, hadden gevestigd om de belasting te ontduiken. Een van de grootste fraudezaken ooit.

De volgende scène speelt zich bijna zes jaar later af, in de haven van Barcelona. Het is 1 juli 2012. Een schip brengt Falciani naar Spanje. Bij het controleren van de papieren van deze Monegask met zowel de Franse als de Italiaanse nationaliteit, getrouwd en vader van een zoon, gaan de alarmbellen rinkelen, want op Zwitsers initiatief is er een internationaal arrestatiebevel tegen hem van kracht. En dat terwijl dankij zijn informatie tot op dat moment in heel Europa duizenden belastingontduikers zijn ontmaskerd en rond de tien miljard euro aan onbetaalde belasting is ontdekt.

Bern beschouwt hem als een schurk. Een dief. Hij wordt gearresteerd en de federale rechtbank van Bellinzona wacht nu op zijn komst om hem te berechten voor het stelen van persoonsgegevens, inbreuk op het handelsgeheim en schending van het bankgeheim. Dat wil zeggen, als het Hooggerechtshof besluit hem uit te leveren.

Een waardevolle voortvluchtige

Tussen zijn ongelooflijke ontdekking en zijn arrestatie in Barcelona zijn zes intensieve jaren verlopen, waarin de computerdeskundige vanwege de informatie waarover hij beschikt veranderde in een waardevolle voortvluchtige. Een misdadiger die moet worden berecht en opgesloten volgens degenen die hem te gronde willen richten. Een held, een Robin Hood die bescherming verdient volgens degenen die van zijn kennis willen profiteren.

Wat er tussen zijn ontdekking en zijn arrestatie gebeurde, is het volgende. Nadat hij de waardevolle informatie in oktober 2006 had ontdekt, downloadde de in Monaco geboren Falciani dagelijks gegevens naar zijn MacBook. Ruim twee jaar lang. Systematisch. Niets ongewoons.Tot 20 maart 2008.

Op die dag liet Swissbanking, de overkoepelende organisatie van de bankensector, een alarm afgaan. Op 4 februari had een zekere Ruben Al-Chidiak zich op het kantoor van de Libanese Audi-bank in Beiroet gemeld en een bestand met gegevens van cliënten van diverse Zwitserse banken te koop aangeboden. Volgens Swissbank was die informatie verkregen door illegaal downloaden. Het Zwitserse bankgeheim, waar het land om bekend staat, was in gevaar.

De politie ontdekte dat Falciani schuilging achter de persoon van Ruben Al-Chidiak. Op 20 december 2008 werden hij en zijn vriendin aangehouden en verhoord. Vervolgens werd de computerspecialist weer op vrije voeten gesteld en een dag later vestigde hij zich in Castellar, het laatste Franse dorpje aan de Côte d'Azur vóór de Italiaanse grens.

Tussen de twee landen waarvan hij een paspoort heeft. Buiten het bereik van de klauwen van Bern, want Frankrijk noch Italië levert zijn onderdanen uit. Maar Bern laat niet los. Het wil het materiaal dat Falciani heeft gedownload en dat door het openbaar ministerie en HSBC als gestolen wordt beschouwd terug en laat een internationaal arrestatiebevel tegen hem uitgaan. In deze wanhopige vervolging begaat Zwitserland echter een grote vergissing; het vraagt Frankrijk huiszoeking te doen, de laptop in beslag te nemen en de bestanden op te sturen.

De lijst met namen begint te circuleren

Op 20 januari 2009 begeeft de onderofficier van justitie van Nice zich met een aantal politieagenten naar het huis waar Falciani en zijn gezin hun intrek hebben genomen. Tijdens het routineonderzoek doet hij een buitengewone vondst. Hij stuit op niet minder dan 130 duizend rekeningen van vermeende belastingontduikers.

Zijn superieur start zijn eigen onderzoek. Echter niet tegen Falciani maar tegen de vermeende fraudeurs. De informatie van de voormalige werknemer van HSBC in Genève begint te circuleren en veroorzaakt een diplomatieke crisis tussen Frankrijk en Zwitserland. Bern beschuldigt Parijs ervan op illegale wijze aan gestolen gegevens te zijn gekomen. De regering Sarkozy dreigt in een reactie Zwitserland op de zwarte lijst van belastingparadijzen van de OCDE te laten zetten.

In augustus 2009 krijgen de media lucht van de zaak. Eric Woerth, minister van Financiën in de regering Sarkozy, laat weten over een lijst te beschikken met drieduizend Zwitserse bankrekeningen, zonder te vertellen hoe hij daaraan komt. Woerth vraagt de rekeninghouders vrijwillig contact op te nemen met de belastingdienst en hun schuld te voldoen. Sindsdien hebben 4.200 mensen zich bij de belasting gemeld. Tot nu toe heeft Frankrijk 1,2 miljard euro aan onbetaalde belasting binnengehaald.

De paar namen die in de Franse pers opduiken, leiden tot een reeks schandalen. De meeste aandacht krijgt de zaak van Patrice de Maistre, financieel adviseur van Liliane Bettencourt, eigenaresse van het imperium L'Oréal, die ook het parfummerk Nina Ricci blijkt te hebben geërfd, en van Jean-Charles Marchiani, rechterhand van voormalig minister van Binnenlandse Zaken Charles Pasqua. Zwitserland blijft druk uitoefenen op Frankrijk om de computer van Falciani in handen te krijgen. Parijs wacht daarmee tot februari 2010. Eerst stuurt het openbaar ministerie kopieën van de bestanden aan alle landen waarmee het een fiscaal samenwerkingsverdrag heeft en die daarnaar hebben gevraagd.

De hoogste nabetaling in de Spaanse geschiedenis

Op 24 mei 2010 ligt de door Frankrijk gestuurde informatie bij de centrale vestiging van de Spaanse belastingdienst (AEAT) in Madrid. De vermeende fraudeurs worden geïdentificeerd en benaderd met het verzoek de nog verschuldigde belasting te voldoen op straffe van een boete. De gegevens van Falciani hebben in Spanje geleid tot de tot nu toe ‘hoogste nabetaling in de geschiedenis van de belastingdienst’. Het ontdekte bedrag is volgens niet-officiële bronnen inmiddels opgelopen tot ruim 6 miljard euro. Op de lijst staan de namen van machtige mannen als Emilio Botín, president van de regio Santander.

Ook de lijst die naar Italië is gestuurd vermeldt vermaarde belastingontduikers. Onder de 6.963 namen bevinden zich de modeontwerpers Valentino en Renato Balestra. In totaal is de Italiaanse belastingdienst door de rekeningen bij HSBC een bedrag van 570 miljoen euro misgelopen.

Het is tot op de dag van vandaag nog altijd een mysterie waarom Falciani al deze bestanden naar zijn computer heeft gedownload. Was hij van plan om met justitie samen te werken en aangifte te doen van het feit dat zijn bank meewerkte aan fraude, zoals hijzelf van meet af aan heeft verklaard, of wilde hij de informatie domweg voor een flink bedrag verkopen, zoals de Zwitserse justitie volhoudt? Beschikt Falciani over nog meer informatie? Blijft hij van belang voor onderzoek naar andere misdrijven?

Nog geen twee weken na zijn arrestatie publiceerde de subcommissie voor Binnenlandse Veiligheid van de Amerikaanse Senaat de resultaten van een onderzoek naar gebrek aan controle door HSBC bij het opsporen van witwasactiviteiten. Onder zijn vijanden – de Zwitserse justitie, een van de machtigste banken ter wereld en duizenden ontmaskerde belastingontduikers – zouden zich gevaarlijke misdadigers bevinden [Al Qaida en Mexicaanse drugskartels]. Hij is zich ervan bewust dat zijn kennis waardevol is. En dat hem niets anders rest dan de vlucht vooruit.