Voor het eerst in de geschiedenis van Slowakije heeft een politicus het algemeen aanvaarde idee dat het oplaaien van etnische spanningen politieke partijen, ongeacht of ze Hongaars of Slowaaks zijn, in de kaart speelt, flink onderuit gehaald. Desondanks is de strijd nog lang niet gestreden, want de recente verkiezingen in Hongarije en Slowakije [in april en juni] werden gekenmerkt door winst van de twee nationalistische machtsblokken. Aan de ene kant de Hongaarse minister-president Viktor Orbán, tevens de spreekbuis van de Hongaren die op Slowaaks grondgebied wonen, en aan de andere kant de Slowaakse politieke partijen die elkaar aftroeven met beloften om Orbán en zelfs de Hongaarse minderheid buitenspel te zetten.

Er werden verhitte debatten gevoerd over de bescherming van de nationale veiligheid en het Slowaakse parlement belegde de ene na de andere crisisvergadering naar aanleiding van de wet van Orbán over de dubbele nationaliteit [waarbij alle Hongaren die buiten Hongarije wonen een Hongaars paspoort krijgen]. De Slowaakse nationalist Ján Slota stookte het vuurtje nog eens op door de Hongaarse minderheid te bestempelen als “een tumor in de Slowaakse natie”.

Bugár heeft de vloek van de etnische haat weten op te heffen

Béla Bugár leek toen de enige te zijn die in het gezonde verstand van de kiezers leek te geloven. Hij besloot een nieuwe partij op te richten, Most-Híd. Deze Hongaars-Slowaakse partij is een project voor nationale verzoening. De naam zegt het al: beide woorden (most en híd) betekenen brug in het Slowaaks en Hongaars.

Bij de oprichting ervan [in juni 2009] leek dit Europese project, dat uniek in zijn soort was, meer op een soort intellectuele constructie, uitgevonden door een handjevol fanatieke idealisten die totaal geen kaas hadden gegeten van de realpolitik van Midden-Europa. En iedereen dacht dat het daarbij gebleven zou zijn, ware het niet dat Béla Bugár aan het hoofd ervan stond.

Deze pragmatisch overkomende man, die geen grote idealen verkondigt en zijn medeburgers alleen maar oproept om hun gezonde verstand te gebruiken, heeft met zijn nieuwe partij 8,2% van de stemmen behaald bij de parlementsverkiezingen van 12 juni [en 14 zetels in het Parlement]. Volgens schattingen is een kwart van de stemmen afkomstig van Slowaakse kiezers die niet tot de Hongaarse minderheid behoren. Dit is een volstrekt nieuw verschijnsel in de politieke geschiedenis van het land. Bugár is erin geslaagd de vloek van etnische haat op te heffen.

Hongaren in Slowakije voelen zich tweederangs burgers

Bugár heeft een lange weg moeten afleggen alvorens dit “unieke project” van de grond te kunnen tillen. In 1990 [net na de Fluwelen Revolutie waarbij het communistische regime zonder bloedvergieten omver werd geworpen] is deze [in 1958 geboren] conservatieve katholiek lid geworden van een Hongaarse christelijke partij, waarvan hij al snel de leider werd. Een van Bugárs verdiensten was om de toenmalige regering ervan te overtuigen een Hongaarse universiteit in Komárno [in het zuiden van Slowakije] op te richten.

Een democratisch regime is altijd de beste garantie voor een minderheid om te overleven. Bugár, inmiddels leider geworden van de Partij van de Hongaarse Coalitie (SMK), werpt zich op als een groot voorvechter van alle wetten met betrekking tot de rechten en vrijheden van de mens. In deze positie verwerft hij al snel de sympathie van de Slowaakse intellectuele elite.

Bugár [wiens partij deel uitmaakt van de nieuwe regeringscoalitie] is nu machtiger dan ooit. In Bratislava wordt deze man, die zich voordoet als een boer die het allerliefst op zijn aardappelveld werkt, geëerd als de visionair van de Hongaars-Slowaakse verzoening. Zelfs in Servië willen sommigen een multi-etnische partij oprichten naar het voorbeeld van Most-Híd. Maar Bugár weet heel goed dat er nog een lange weg te gaan is voordat er van een daadwerkelijke overwinning gesproken kan worden en voordat de Hongaarse minderheid in Slowakije eindelijk het gevoel krijgt dat ze geen tweederangs Slowaakse burgers zijn. Zo zegt hij: “We staan vandaag de dag nog maar aan het begin.