Tussen minder onderlinge afhankelijkheid en meer Europese integratie neigt de weegschaal over te hellen naar het eerste. Slaat de balans helemaal door? Zeker niet. Hoewel er geen enkele garantie is voor een Verenigde Staten van Europa, wil dit niet zeggen dat het door de eurocrisis ontketende intra-Europese conflict uitmondt in het uiteenvallen van de EU – of erger nog, een oorlogssituatie.

De urgentie van de problemen vereist een koelbloedige analyse in plaats van vooroordelen en opbeurende visies en het gebruik van de fantasie. Niet om het heden te verdraaien, maar om ons de toekomst voor te stellen. Bovenal moet elk project voor Europa via het publieke debat verlopen en via de consensus van de betrokken Europese volkeren.

Er kan geen Europa voor de Europeanen worden gemaakt. De Europeanen moeten zelf beslissen of en eventueel hoe ze Europa zullen vormgeven. Dat wil zeggen, een soevereine geopolitieke vorm. Een Europese democratische staat, met nader te bepalen grenzen en instellingen.

Democratie boet op twee niveaus aan legitimiteit in

Concreet gezegd moet de logica van de internationale verdragen worden overtroffen. Tot op heden zijn het de lidstaten die vaststellen wat de Europese Unie is en vooral niet is. Hiermee werken ze in de hand dat de democratie op twee niveaus aan legitimiteit inboet. Allereerst op nationaal niveau, waar het parlementaire systeem een historisch dieptepunt heeft bereikt, de legitimatie van regeringen steeds zwakker is en politieke partijen nog slechts een schaduw zijn van wat ze ooit waren. En ten tweede op communautair niveau, met een in diskrediet geraakte Europese Commissie die, in weerwil van spot, eruit probeert te zien als een uitvoerende macht, geflankeerd door een Europees Parlement dat wordt verkozen via nationale kieslijsten en dat nationale belangen verdedigt met bevoegdheden die mijlenver verwijderd liggen van de bevoegdheden die de westerse traditie aan wetgevende organen toekent.

Het zijn antidemocratische of ronduit racistische krachten die van een dergelijke conjunctuur profiteren en Europa als schrikbeeld gebruiken om stemmen en politiek gewin te verwerven.

Het Europese ideaal, dat werd uitgedacht op de puinhopen van de wereldoorlogen om vrede te garanderen, vooruitgang te bevorderen en vrijheid te vergroten, levert juist tegenovergestelde praktijken op. Nevenschade: Europa ondermijnt de waarden en onderwaardeert de goederen die het zou willen beschermen.

Goedkeuring van het volk is noodzakelijk

Om de breuk tussen onderlinge afhankelijkheid en Europese integratie te herstellen kunnen heel andere recepten worden uitgedacht. Maar om te kunnen functioneren is hoe dan ook de goedkeuring van het volk nodig. Het is tijd om de Europeanen te vragen of ze hun landen al dan niet willen verenigen. Via een referendum. Niet een van die vele nationale raadplegingen waarbij de kiezers van het ene of het andere land een onleesbaar en dan ook ongelezen verdrag moeten goedkeuren of verwerpen (waarbij ze in dit tweede geval net zo lang worden teruggeroepen tot de vereiste consensus is gegeven).

Nee, het moet een referendum zijn in de 27 (en vanaf volgend jaar 28) Europese lidstaten, dat gelijktijdig en volgens dezelfde regels in de hele communautaire ruimte plaatsvindt, met als enige vraag: “Wilt u wel of geen Europese staat die wordt gevormd door alle lidstaten van de Europese Unie of door enkele hiervan (gelieve aan te geven welke)?

Het is natuurlijk een adviserende stem. Maar het koor van honderden miljoenen Europeanen zou een krachtige, stimulerende invloed kunnen hebben op de keuzes van de nationale politieke leiders.

In elk geval zouden we eindelijk duidelijkheid scheppen over de Europese gezindheid van de Europeanen. Iets wat de eurofielen hebben gemeden als de pest. Het zou inmiddels echter duidelijk moeten zijn dat als we er ooit in zullen slagen Europa of een gedeelte ervan te verenigen om een democratische hoofdrolspeler te worden op het wereldtoneel, dat alleen kan gebeuren op de as van de Europese eenwordingsgedachte met zijn welgemeende paternalistische reflex en hoogst elitaire en ademocratische cultuur. Hieraan danken we immers het feit dat 55 jaar na de Verdragen van Rome we niet alleen Europa niet hebben verenigd, maar juist zijn dierlijke driften aanwakkeren terwijl we de liberale en democratische wortels van zijn naties vernietigen.

Dit artikel is een fragment uit 'L’Europa agli europei', dat verscheen in het rapport Nomos & Khaos 2012, van het Italiaanse onderzoeksinstituut Nomisma.