Als we over de menselijke vervolmaking dromen, over de trots en het geluk van de mensheid, kijken we naar de Middellandse Zee”, zei de Franse historicus George Duby gezegd. Ooit was dat misschien zo. Intussen zouden velen de 'Pigs,' zoals Portugal, Italië, Griekenland en Spanje respectloos worden genoemd, nog liever vandaag dan morgen kwijt zijn. In het zuiden hangt een soortgelijke 'los van Brussel'-stemming.

De Europese periferie, van Portugal via de Noord-Afrikaanse staten tot en met Griekenland, geldt als dreigingszone, bijna zoals het Oostblok dat was tijdens de Koude Oorlog. In het Zuiden, ooit een politieke windstreek die hemelse associaties opriep, plaatsen politici en de publieke opinie vandaag de dag de grootste veiligheidsrisico's: islamitische terreur, ineenstorting van de euro en vluchtelingenstromen.

“Mare nostrum” noemden de Romeinen op het hoogtepunt van hun imperiale heerschappij aan alle kusten van de Middellandse Zee 'hun' daardoor ontstane 'binnenzee,' die ze als zeemacht controleerden en economisch uitbuitten. “Onze zee” zou tegenwoordig moeten betekenen dat we het Zuiden – zonder imperiale neigingen en zonder een door kortetermijndenken beheerste gebruiksambitie – als historische kern van Europa willen rehabiliteren. En dat we daar een even actueel als toekomstgericht vredes- en ontwikkelingsproject van de grond willen tillen.

Arbeidsdeling en demografische bewegingen

Vier beleidsterreinen waarop het nodige moet gebeuren lijken mij om voorrang te strijden. Ze zijn ook goed met elkaar te rijmen. Het eerste is een energie-unie die Noordwest-Europa, het Middellandse Zeegebied en het ten zuiden van de Sahara liggende deel van Afrika omvat, een soort ‘Europese Kolen- en Staalgemeenschap’ van de huidige tijd, die een soortgelijke integratie van de hele regio zou kunnen bewerkstelligen als de oorspronkelijke EGKS dat in de jaren vijftig voor de eenwording van de Europese kernlanden heeft gedaan. Het oligopolie van de energiewinning in het Noorden zou daardoor evenzeer verouderd raken als de pensioenstelsels van het Zuiden.

Daarvoor is een herziening nodig van de economische arbeidsdeling en van de demografische bewegingen tussen Noord en Zuid: tientallen jaren lang werden agrarische en minerale grondstoffen uit het Zuiden verhandeld tegen dure en duurzame consumentenproducten en kapitaalgoederen uit het Noorden. Deze handelsstromen werden geflankeerd door een transnationale migratiebeweging, waarbij werkzoekende ‘gastarbeiders’ en bescherming zoekende vluchtelingen uit het Zuiden de wegen kruisten van zonminnende toeristen, vroeggepensioneerden en handelslieden uit het Noorden.

Onmenselijk vluchtelingenbeleid

Eerlijke handel, waardige arbeid voor iedereen en sociale gerechtigheid over de grenzen heen moeten in de plaats komen van deze sluipende onteigening van het Zuiden, waarvan uiteindelijk maar heel weinigen hebben geprofiteerd. Dit moet beginnen met een fundamentele herziening van het onmenselijke vluchtelingenbeleid van het Frontex-afschrikkingsregime, waarvan jaarlijks honderden bootvluchtelingen en illegale grensoverschrijders het slachtoffer worden. Het Noorden van Europa heeft immigranten nodig en zou hen welkom moeten heten. De Berlijnse Muur is in 1989 niet gevallen zodat hij in het Middellandse Zeegebied weer kon worden opgebouwd.

Er is eveneens een overgang mogelijk naar een economisch duurzaam en sociaal en milieuvriendelijk soort massatoerisme, dat moet veranderen van een bewusteloos zonnebaden in een respectvolle interculturele ontmoeting.

De Europese publieke opinie heeft zulke perspectieven tot nu toe zo veel mogelijk genegeerd en vrijwel geen andere scenario's ontwikkeld dan die van de 'Grexit,' de uittreed-optie voor Griekenland of de andere 'Pigs.' De karikatuur van het Middellandse Zeegebied als zorgenkind, gevarenzone en uittreedkandidaat is sterker geworden. Ook de Arabische Lente van 2011 werd in het Noorden niet met open armen ontvangen noch daadkrachtig ondersteund. Omdat daaruit in Tunesië, Libië en Egypte islamitische regeringen zijn ontstaan, denkt men in de Europese burcht, net als in de staat Israel, bevestigd te zijn in de inschatting van de Arabische Herfst als een veiligheidsrisico. De stabiliteit gaat altijd nog vóór de vrijheid.

Zowel kernlanden als vitale periferie

De hierboven als voorbeelden genoemde terreinen van een energie-unie, eerlijke handel, 'soft tourism' en een interculturele leergemeenschap (er zijn er nog meer denkbaar) kunnen zich daarentegen tot een alternatief ontwikkelingspad verenigen, dat het Noorden ook goed van pas zou komen.

Zo'n 'Hercules-plan' moet samengaan met de institutionele ontwikkeling van de hele Europese Unie. Niet alleen de 'probleemlanden' boeten aan soevereiniteit in, ook Duitsland zal in de toekomst een land van het verenigde Europa zijn. Duitsland kan ook niet meer – in een verbond met Frankrijk of niet – het leiderschap opeisen.

Zulke overwegingen zouden niet alleen in Parijs en Londen (of in Londen en Warschau) impopulair zijn, als men louter de nationale staten en de daarmee verbonden volkssoevereiniteit zou relativeren en niet tegelijkertijd voor een structuur zou zorgen die hen in een subsidiair en federaal opgetrokken 'bondsstaat' een nieuw soort ruimte zou geven. Tot een verenigd Europa behoren zowel sterke kernlanden als een vitale periferie, verbonden door subregionale federale verbanden.

De kiemen voor dergelijke verbanden zijn de informele Oostzee-Unie van de Baltische en Scandinavische staten, Polen en Duitsland, de Alpen-Adriatische Unie (met Oostenrijk, Italië en Slovenië) en de Balkan-Unie, of het geprivilegieerde bondgenootschap van de Europese Unie met Rusland en Turkije, en zelfs de vernieuwde Mediterrane Unie, die als blauwdruk kan dienen voor een federatieve en subregionale ordening van Europa, tot buiten de grenzen van de huidige Europese Unie aan toe.

Minder provinciaal “Europa van de regio's”

Het “Europa van de regio's” was tot nu toe een term voor de taalkundig-culturele veelvoud van het continent en de rechten van de etnische minderheden in de diverse nationale staten. Dit zou moeten uitmonden in een of andere vorm van regionale autonomie. Vandaag de dag moet een “Europa van de regio's” minder provinciaal van aard zijn, maar eerder een los bijeengeraapt verband van subregionale verbanden, dat naast de parlementen en de organisaties van de civiele samenleving een in Brussel gevestigde 'superstaat' van repliek kan dienen en supranationale besluiten een democratische legitimering kan verschaffen.

Alleen langs deze weg van vallen en opstaan, middenin het tumult van de crisis, kunnen een gediversifieerde Europese samenleving en publieke opinie, een echt Europees burgerschap en een supranationale souverein ontstaan, die ook op het wereldtoneel een rol kan spelen. Een Europa, dat een politiek alternatief biedt voor het grondstoffenimperialisme van de Chinese autocratie, voor de ideologische zelfvernietiging van de zich in een neergaande spiraal bevindende supermachten Amerika en Rusland, voor de desastreuze dominantie van de uit hun krachten gegroeide financiële machten en voor de toenemende dreiging van politieke terroristen uit mislukte staten.