Daarbuiten ligt Slowakije. Mevrouw Ludl heeft daar alleen geen weet van, vanwege haar dementie – of misschien moet je in dit geval wel zeggen: dankzij haar dementie. Het is nu ruim een maand geleden dat haar zoon en haar schoondochter de oude dame in hun kampeerauto hebben gezet en naar Zlatna na Ostrove zijn gereden, een plaats bij de Hongaarse grens. Haar nieuwe thuis is zevenhonderd kilometer verwijderd van haar oorspronkelijke woonplaats in Beieren, de rit duurde een hele dag. Een verzorgingstehuis in Duitsland zou te duur zijn geweest. Dat zegt althans haar zoon, die daar een speelgoedwinkel heeft.

De ‘laatste reis voert’ steeds meer Duitse bejaarden naar een rusthuis in het buitenland. In landen als Slowakije, Tsjechië en Hongarije, maar ook in Spanje en Thailand is er een groeiend aantal inrichtingen, dat zich speciaal op West-Europese klanten richt en vaak zelfs Duitse bedrijfsleiders heeft. Ze hebben gemeen dat de zorg er veel goedkoper is dan in Duitse verpleeghuizen. Want in Duitsland stijgen de kosten – ‘Pflegestufe 3’ [24-uurs zorg, red.] bedraagt ongeveer 2900 euro [per maand, red.].

Vergeten in het buitenland

Ondertussen gaan de pensioenen achteruit, waardoor het aantal bejaarden dat de kosten zelf niet meer kan opbrengen stijgt. Volgens nog niet officieel bekendgemaakte gegevens van het Duitse bureau voor de statistiek steeg in 2010 het aantal mensen dat een beroep moest doen op een speciale uitkering voor ouderen van 392 duizend naar 411 duizend – een toename van zo'n vijf procent. Beslissend is echter iets anders: bij het ter beschikking stellen van deze uitkering kan de staat ook de kinderen financieel aanspreken en hen een deel van de verpleegkosten in rekening brengen. Vaak luidt de conclusie dan: op naar Oost-Europa.

Op een ‘lelijke’ manier verwoord zou je kunnen stellen dat steeds meer Duitsers hun ouders om financiële redenen naar het buitenland sturen en vervolgens vergeten. Als je de kinderen zelf echter naar hun motieven vraagt, zeggen velen – zoals de zoon van mevrouw Ludl: “Slechter dan in Duitsland kan mijn moeder het hier niet krijgen”.

Nostalgie overheerst

De verpleeginrichting waar de oude dame nu woont, werd pas een paar maanden geleden geopend. Het moderne gebouw met meerdere verdiepingen is een vreemde eend in de bijt in het arme boerendorp: groene, keurig gemaaide gazonnetjes, verlichte aquaria met kleurige vissen en ultramoderne liften. In de kamer van mevrouw Ludl overheerst daarentegen de nostalgie: aan de muur heeft haar zoon ingelijste zwartwitfoto's gehangen. Ze staat er zelf op, als jonge vrouw, naast lang geleden gestorven familieleden. In het midden hangt een foto van de kantoorartikelenzaak in haar woonplaats, die ze jarenlang heeft gehad. “Nu is mijn winkel daar ergens buiten, maar ik kan er niet meer heen”, zegt ze, terwijl ze weemoedig uit het raam staart.

Tot ze de reis naar Zlatna na Ostrove ondernam, werd ze bijna zes jaar in Duitsland verpleegd. Eerst in een Beiers tehuis, waar ze werd volgestopt met psychofarmaceutische middelen. Al snel herkende ze haar eigen zoon niet meer en kon ze niet meer lopen. En dat voor 3.100 euro per maand! Vervolgens heeft haar schoondochter zich om haar bekommerd. Maar toen de vrouw met haar witte krulhaar geleidelijk aan haar verstand verloor, dreigde de schoondochter haar man dat ze haar koffer zou pakken en bij hem weg zou lopen. Het echtpaar ging op zoek naar alternatieven. Op het internet vonden ze een Duitse bemiddelaar.

De man, die Duitse bejaarden in Oost-Europa onderbrengt, heet Artur Frank. Hij helpt Duitse en Oostenrijkse ouderen die verpleging nodig hebben. De inrichtingen waarvoor hij als bemiddelaar optreedt, houden er een “zeer correcte Duitse standaard” op na, zegt hij.

Ook anderen denken dat Duitsers in het buitenland goedkoper verpleegd kunnen worden. Er zijn verzorgingshuizen voor Duitsers op Lanzarote en Gran Canaria, in Polen en op het Spaanse vasteland. Vooral Spanje zou door de hoge werkloosheid een voor de hand liggende partner kunnen zijn om Duitse bejaarden die verpleging behoeven op te nemen, aldus Günter Danner, lobbyist van de Duitse verzekeraars in Brussel.

Vergoeding door het ziekenfonds

Dat hebben de ziekenfondsen blijkbaar ook onderkend. Tot nu toe is verpleging in het buitenland een privé-aangelegenheid. De ziekenfondsen nemen de kosten voor de tehuizen niet voor hun rekening, ze keren slechts een verplegingsvergoeding uit. Maar dat zou kunnen veranderen. De overkoepelende organisatie van Duitse ziekenfondsen laat weten dat het thema van de verpleeginstellingen in het buitenland steeds weer opnieuw op de agenda staat. Het Europees recht zou rechtstreekse overeenkomsten echter onmogelijk maken, en ook de sociale wetgeving in Duitsland beperkt de bewegingsvrijheid van de ziekenfondsen.

Voor de zoon van mevrouw Ludl is de regeling nu al lonend, hoewel het ziekenfonds voor haar slechts ongeveer de helft betaalt van wat ze in een Duits verzorgingstehuis zou moeten betalen. De verpleging in Zlatna na Ostrove kost inclusief eten zo'n 1.100 Euro. Daardoor hoeven ze, na ontvangst van de verplegingsvergoeding van 700 euro, nog maar 400 euro zelf te betalen. Daarvoor is de AOW van mevrouw Ludl beschikbaar. Het zou voor het Duitse sociale stelsel niet slecht zijn als er met buitenlandse inrichtingen afspraken gemaakt zouden kunnen worden. Want in andere landen zijn de loonkosten van de verplegers veel lager.

Zij hebben niet zo'n tijdsgevoel

En lagere lonen voor de verplegers betekenen lagere premies voor de slinkende beroepsbevolking: in het jaar 2050 zal volgens prognoses iedere vijftiende Duitser behoefte hebben aan verpleging.

Veel Duitse verpleeginrichtingen zijn bang voor de internationale concurrentie. En blijkbaar terecht, als je de zoon van mevrouw Ludl het mediterrane klimaat in Slowakije of de vriendelijke mensen daar hoort ophemelen: hij wil voortaan iedere twee tot drie maanden met zijn vrouw een bezoekje komen brengen. Hij gelooft niet dat hij zijn moeder heeft ‘afgeschoven’: “Mensen die aan dementie lijden hebben niet zo'n tijdsgevoel als wij. Ze hebben niet in de gaten of ze om de drie dagen of om de twee maanden bezoek krijgen”. Belangrijker is: “Als ik en mijn vrouw komen, is het bezoek voor haar heel fijn.