Ik weet niet of het vroegere hoofdkantoor van het Institut Pasteur in Brussel u iets zegt. Zeer waarschijnlijk niet. Dit kleine paleis, op een steenworp afstand van het Europese Kwartier, komt niet voor in de stadsgidsen van Brussel. Voor toeristen heeft het namelijk weinig waarde. Tegenwoordig is de Vertegenwoordiging van Beieren in de Europese Unie in dit pand gevestigd – officieel “de Vertegenwoordiging van de vrije staat Beieren” geheten.

Waar houdt dit organisme zich mee bezig sinds zijn oprichting in 1994? Het behartigt de belangen van de inwoners van Beieren bij de Europese instellingen, of ze nu autofabrikanten zijn of veehouders. En dat is eerder regel dan uitzondering. Brussel telt meer dan 300 vertegenwoordigingen; het zijn een soort van ambassades van verscheidene Europese regio’s, van Schotland tot Catalonië en van Veneto tot Transdanubië in Hongarije. Hun verdiensten sturen ze naar hun regionale thuisbasis, wat zich vertaalt in een beter leven voor hun inwoners. Brussel is de grote onderhandelingstafel van de wereld. “Think globally, act locally” is een van de succesrecepten van de wereld van vandaag.

Wij [de Roemenen] houden zich verre van dit spel, ook al hebben wel een paar bescheiden bureautjes voor regionale ontwikkeling het licht gezien. Maar er is één belangrijk ding waaraan het hen ontbreekt: motivatie. Ze hebben niet de lokale vaderlandsliefde waarmee bijvoorbeeld een eigenaar van een chambre d’hôte in Garmisch-Partenkirchen vol trots zegt dat hij bovenal Beiers is. Wij Roemenen hebben hooguit een stelletje ambtenaren uit een handvol graafschappen die nog uit het Ceauşescutijdperk stammen en die toevallig samengevoegd zijn in zogenaamde ontwikkelingsregio’s, die willekeurig door politici zijn uitgetekend.

Helaas lijden we in dit land aan een idioot complex dat ons ervan weerhoudt in te zien dat we nog steeds sterke regionale identiteiten hebben. En helaas heeft de uitspraak van het Gerechtshof in Den Haag bij ons het perverse effect dat we nog lang kunnen wachten op een eerlijk debat over dit onderwerp. Hysterische taferelen zijn het gevolg. Zo zien we de Europarlementariër [en vicevoorzitter van het Europees Parlement] Laszlo Tökes en president Traian Băsescu op een populistische manier over elkaar heen buitelen over autonomie voor Transsylvanë [een regio in Roemenië waar Hongaren in de meerderheid zijn]. De Hongaarse premier Viktor Orbán slaat dit ironisch glimlachend – of misschien tevreden glimlachend – gade. [Deze drie politici woonden een conferentie over Oost-Europa bij op 24 juli]. En dat terwijl er in honderden regionale vertegenwoordigingen in Brussel wél hard wordt gewerkt en tastbare resultaten worden behaald.