Istanbul, een adembenemende stad. Maar ook een stad die het zwaar te verduren heeft. Dat is althans het gevoel van architect Korhan Gümüs: “Bij verkiezingen verliest dan weer de ene partij, dan weer de andere. Maar Istanbul delft elke keer het onderspit. Dat is al zo sinds het ontstaan van de republiek.” In feite gaat dit zelfs nog veel verder terug. Want waar je ook maar in de grond gaat graven, overal stuit je op overblijfselen uit de Romeinse en Byzantijnse tijd: 2500 jaar geschiedenis, laag na laag, vergeten en bedolven.

Maar de stad van de Ottomaanse sultans zou toch niet hetzelfde lot beschoren moeten zijn. De Turken wilden het erfgoed van hun voorouders maar wat graag beschermen, daarom heeft de Unesco de oude stad in 1985 opgenomen op de culturele Werelderfgoedlijst. Iedereen wordt geraakt door de betovering die van dit schiereiland, gelegen tussen de Zee van Marmara en de Gouden Hoorn, uitgaat als de silhouetten van de Blauwe Moskee en de Hagia Sofia, omlijst door een zwerm meeuwen, zich tegen het avondrood aftekenen. Het goede nieuws is dat noch de meeuwen, noch de minaretten met uitsterven bedreigd worden.

Maar de rest wel. Het oude stadscentrum zou zijn status van cultureel werelderfgoed kunnen verliezen om te worden opgenomen op de lijst van bedreigd werelderfgoed. En velen vinden stiekem dat Istanbul daar nog thuishoort ook. Maar voor de stadsbestuurders zou dat een grote afgang, een schandaal zijn omdat ze zich uitgerekend nu op de borst kloppen met de titel Culturele Hoofdstad van Europa van 2010 [samen met Pesc in Hongarije].

Gemeente stak geen poot uit voor Unescoproject

Om te begrijpen hoe het zo ver kon komen, moeten we even een wandeling maken door de wijken Fener en Balat, de zetel van het Grieks-orthodoxe patriarchaat. Hier woonden vroeger Armeniërs, Joden en Bulgaren. In deze charmante wijken wemelt het nog steeds van de traditionele houten huizen. Om die reden heeft de Unesco een programma gelanceerd om de wijk te beschermen. Maar onder de vlag van het gemeentebestuur van Fatih [waaronder beide wijken vallen] gaat niets zoals de organisatie voor erfgoedbescherming het zich had voorgesteld. Terwijl de Unesco haar geld en kennis ter beschikking stelde, stak de gemeente geen poot uit om het project van de grond te tillen, maar zette daarentegen alles op alles om het initiatief te saboteren. “Ze fluisterden de bewoners in dat het een geheim project van het Griekse patriarchaat zou zijn” aldus advocate Aysegül Kaya. “Ze zeiden dat het patriarchaat van Constantinopel de steun van de Unesco had gekregen om een tweede Vaticaan op te richten: een onafhankelijke religieuze staat”.

Absurd? Jazeker, maar deze staat heeft de gewoonte om paranoia te zaaien onder haar bewoners. De vertegenwoordigers van de Unesco klopten bij de gelukkige bewoners van de wijk aan met geld en stadsherstelprojecten, maar ze kwamen meer dan eens voor een dichte deur te staan. Daarna was het de beurt aan het gemeentebestuur via de AKP. Onder bedreiging van uitzetting werden bewoners door bemiddelaars onder druk gezet om hun huizen voor een appel en een ei te verkopen. Inmiddels zijn de autoriteiten begonnen met hun “stadsherstel”-projecten: de huizen worden gesloopt om plaats te maken voor nieuwe huizen “in Ottomaanse stijl”. Advocate Kaya heeft hier enkele jaren gewoond. “Ze zeggen dat de oude huizen niet voldoen aan de aardbevingsnormen. Dat slaat echt als een tang op een varken. Ze laten alleen de voorgevels staan. De wijk is één gigantisch vastgoedproject geworden. Honderden huizen zijn al van de aardbodem verdwenen. Het hele gebied binnen de stadswallen is ten prooi gevallen aan vriendjespolitiek en speculaties.

De staat vertikt het om deskundigen in te schakelen

Voor Korhan Gümüs is het gemeentebestuur bezig een levendige stadswijk om te vormen tot een Turks Disneyworld. Het gemeentebestuur had geen controle meer over het Unesco-project en heeft het daarom maar om zeep geholpen. “Het zou een modelproject geweest zijn. Een transparant model voor samenwerking met de buurtbewoners. Als dit initiatief geslaagd zou zijn, kon het een schitterend voorbeeld vormen voor andere projecten buiten de wijk. Dan zouden we hebben laten zien dat het over en uit is met politiek ‘op zijn Turks’. Ook om die reden was het project tot mislukken gedoemd.” Politiek ‘op zijn Turks’? “De staat vertikt het om deskundigen in te schakelen, om een beroep te doen op de intelligentsia van de maatschappij. Alles wordt op technocratische wijze geregeld. In plaats van architecten of stadsherstellers in de arm te nemen, richten ze hun pijlen op projectontwikkelaars. Gevolg: corruptie en onrechtvaardigheid. De autoriteiten vertegenwoordigen de belangen van de machthebbers, de ondernemingen”.

Sommigen, zoals de schrijver Murat Belge, verdenken de machthebbers ervan te hebben gekregen wat ze wilden: vrij spel om hun zakken te vullen en een visie op moderniteit uit te dragen die afkomstig is van het westerse denken uit de jaren zestig en zeventig. Maar ook bij de regering is paniek te bespeuren. De angst voor een blamage. “Achter de schermen oefent Turkije enorme druk uit op de Unesco,” verklaart Korhan Gümüs. Hoewel hij veel gevechten heeft verloren, gaat de architect niet bij de pakken neerzitten. Maar “iedere nederlaag laat elke keer iets meer zien dat wij ook kunnen winnen”. Istanbul geeft blijk van een bewonderenswaardige meegaandheid. In de tussentijd hebben de bulldozers het rijk alleen.