De partij van Artur Mas heeft bij de vervroegde regionale verkiezingen van 25 november verlies geleden. En dat terwijl de Catalaanse regeringsleider had gehoopt een absolute meerderheid te behalen om een referendum te kunnen houden over de onafhankelijkheid van de regio. De uitslag versterkt de gevestigde orde.

Het is Spanje dat de Catalaanse verkiezingen heeft gewonnen. Of om het orthodoxer en nauwkeuriger uit te drukken: de Spaanse status quo heeft gewonnen. De bestaande orde heeft de overwinning behaald, ondanks een groeiende wanorde. Voor het eerst in lange tijd heeft de Spaanse gevestigde orde gewonnen. Het zal grote groepen in de Catalaanse samenleving die onafhankelijkheid nastreven, en die nog altijd een numerieke – en sentimentele – meerderheid vormen, moeite kosten om dat te begrijpen, te accepteren en te verwerken, maar de harde realiteit van de krachtsverhouding zal zich naarmate de dagen, weken en maanden verstrijken steeds meer opdringen. De ‘Alfapartij’ van de Spaanse middenklasse [naam waarmee de auteur de Spaanse regeringspartij Partido popular aanduidt, red.] blijft, ondanks de immense problemen waarvoor de crisis haar stelt, aan het roer.

Natuurlijk, het nieuwe *Parlament**** is in meerderheid voorstander van onafhankelijkheid, wat in de komende weken zou kunnen leiden tot een regeringscoalitie van nationalistische signatuur. Convergència i Unió (CiU) en Esquerra Republicana de Catalunya (ERC) hebben samen 71 afgevaardigden, ruim voldoende om een stabiele regering te vormen, met als voornaamste programmapunt het houden van een referendum over zelfbeschikking. En ondanks de gevoelige nederlaag heeft de CiU het tactische voordeel dat het ook een meerderheidsregering kan vormen met de socialisten (samen 70 afgevaardigden), en dat het zelfs zou kunnen onderhandelen met de PP (samen 69 zetels) over steun voor sommige onderwerpen. Hoe de nieuwe regering er ook uit gaat zien, niemand kan om de CiU heen, en mocht het parlement dwarsliggen, dan bestaat altijd nog de mogelijkheid om op betrekkelijk korte termijn nieuwe verkiezingen uit te schrijven .

De spil waar alles om draait

Hoewel ernstig aangeslagen blijft de CiU de pal de paller*, de spil waar alles om draait en de politieke partij waarop de in de steek gelaten Catalaanse middenklasse bij voorkeur haar stem uitbrengt. De CiU blijft de Partit de Catalunya.

De meerderheid van voorstanders van onafhankelijkheid is natuurlijk meer dan de som van beide eerstgenoemde partijen. En deze meerderheid blijft in brede zin overweldigend. Op korte termijn dreigt er voor de gevestigde orde in Catalonië niet echt gevaar. Er moet een stabiele regering worden gevormd, de begroting moet worden goedgekeurd en het enorme bestuursapparaat, dat afhankelijk is van de maandelijkse betalingen door het ministerie van Financiën in Madrid, moet draaiend worden gehouden.

Buitenlandse en dan vooral Britse kranten zullen de verkiezingsuitslag ongetwijfeld heel anders uitleggen dan de kranten in Madrid, die de Catalaanse politiek genadeloos op de hak zullen nemen. De Engelsen zullen benadrukken dat de voorstanders van onafhankelijkheid hebben gewonnen en onder invloed van de crisis een ruk naar links hebben gemaakt. In de Spaanse hoofdstad daarentegen zal de nederlaag van Artur Mas breed worden uitgemeten.

Catalonië is Nederland niet

Vanuit Europees perspectief is de eerste verklaring waarschijnlijk het meest realistisch, maar dat neemt niet weg dat Spanje de Catalaanse verkiezingen heeft gewonnen. De gevestigde orde heeft gewonnen. En dat de status quo heeft gewonnen, komt doordat die, ondanks zijn harde kanten en zijn schandelijke *kompromat**** [verwijzing naar berichten in El Mundo over vermeende Zwitserse bankrekeningen van familieleden van Artur Mas, red.] om de tegenstander bang te maken, objectief gezien veel sterker is en omdat de Catalaanse samenleving wensen van verschillende orde niet langer onder één noemer brengt. De Catalaanse voorstanders van onafhankelijkheid vormen nu een sentimentele meerderheid waarvan het politieke rendement veel te wensen overlaat. Catalonië is Nederland niet, dat in politiek opzicht ook zeer verdeeld is. Als binnen een paar weken de onderhandelingen voor een nieuwe regering beginnen, zal duidelijk worden hoe groot het enthousiasme is om deel uit te maken van een kabinet dat zich zware opofferingen moet getroosten.

Spanje heeft ontegenzeglijk een probleem: een diepe crisis en twee regionale parlementen, Baskenland en Catalonië, die onafhankelijkheid nastreven. Maar het probleem blijft beheersbaar: de Basken zullen geen dingen doen die het begrotingsoverschot door hun gunstige fueros [historische rechten die de regio zijn verleend, red.] serieus in gevaar zouden kunnen brengen, en dat Catalonië, dat worstelt met de sentimentele retoriek van het streven naar onafhankelijkheid, gaat veranderen in een wespennest. Spanje en de gevestigde orde hebben gewonnen.

* In het Catalaans