Een langdurig werkloze in Napels, een tienermoeder in Saksen-Anhalt, een voortijdig schoolverlater in Lelystad en een depressieve bankzitter in Vilnius. Allemaal kwetsbare jongeren die ver van de arbeidsmarkt staan. En door de aanhoudende crisis raken ze nog verder verwijderd van werkend Europa.

De cijfers over toenemende jeugdwerkloosheid zijn schokkend. Maar in de berekeningen tellen we doorgaans alleen de jongeren mee die klaar zijn om te werken en dit graag willen. Er is ook een enorme groep die zó gedemotiveerd is dat ze zich van de arbeidsmarkt afkeert.” Aan de telefoon spreekt Massimiliano Mascherini van de Europese Stichting tot verbetering van de levens- en arbeidsomstandigheden [Eurofound, red.], een agentschap van de EU. Hij onderzocht jeugd die niet werkt, geen opleiding volgt en geen stage loopt. Daarbij keek hij naar de achtergrond en het gedrag van deze 'thuiszitters' en wat ze Europa kosten.

De resultaten zijn verontrustend. Er zijn veertien miljoen jongeren die thuiszitten in Europa, 15,4 procent van de jongeren van 15 tot 29 jaar. Sommige zijn vrijwillig werkloos of aan het reizen, maar het merendeel is er slechter aan toe. “Ze hebben weinig vertrouwen in instituties en de medemens; ze zijn sociaal en politiek geïsoleerd. Ook hebben ze een grotere kans terecht te komen in het criminele circuit”, zegt Mascherini.

Bankhangen, sociaal isolement en eenzaamheid

In Brussel worden de ontwikkelingen rondom de thuiszitters bezorgd gevolgd, want de problemen zijn kostbaar. Mascherini heeft uitgerekend dat de jongeren de lidstaten in 2011 153 miljard euro kostten, terwijl dat in 2008 nog 119 miljard was. En dat is nog een conservatieve berekening, want alleen de uitgaven aan sociale diensten zijn meegerekend. De kosten van bijvoorbeeld criminaliteit en gezondheidszorg niet.

Ton Eimers, directeur Kenniscentrum Beroepsonderwijs Arbeidsmarkt (KBA) kent de probleemgroep goed. “Meestal zijn het jongeren met een handicap, leerachterstand en/of moeilijke thuissituatie.” De Nijmeegse socioloog is te spreken over het onderzoek. “Het beschrijft vroegtijdig schoolverlaten en werkloosheid als uitingen van hetzelfde soort probleem: jongeren die de aansluiting met de maatschappij dreigen te missen. In tijden van crisis nemen de problemen van deze groep toe.

Opvallend is dat de jongeren in verschillende delen van Europa anders met hun situatie omgaan. In de Angelsaksische landen, Midden-, en Oost-Europa zijn thuiszitters passief. Ze zijn teleurgesteld in de maatschappij en instituties en hebben het gevoel dat niemand ze wil helpen. De reactie hierop is dat ze zich afsluiten. De groep vindt politiek minder belangrijk, een groot deel gaat niet stemmen. Bankhangen, sociaal isolement en eenzaamheid zijn de trefwoorden.

Passieve en actieve ontevredenheid

In de mediterrane landen is de probleemcategorie juist politiek actief. Mascherini: “Niet voor niets zie je in Spanje en Griekenland dat de jeugd bereid is de straat op te gaan. Ze voelen zich niet vertegenwoordigd in de politiek en verzetten zich daartegen. Ze hebben een hang naar radicalisme. Als er in die landen een extremistisch blok ontstaat, is de kans groot dat deze een grote achterban bij deze jongeren vindt.

Hoewel Spanje telkens genoemd wordt als het land met de grootste werkloosheid, is de situatie in Italië en Bulgarije zorgwekkender, zegt Mascherini. “Spanjaarden hebben relatief goede opleidingen en veel werkervaring. De jeugdwerkloosheid daar komt direct voort uit de crisis. In Bulgarije en Italië zijn de problemen structureler. Opleidingen sluiten niet aan op de markt. In Italië zitten jongeren al jaren thuis, waardoor de situatie nijpender is.

Het verschil tussen passieve en actieve ontevredenheid verklaart socioloog Eimers liever op een andere manier. “Ik denk dat frustratie eerder in boosheid omslaat in het zuiden van Europa omdat de aantallen groter zijn. Als in Nijmegen ineens 40 procent jeugdwerkloosheid was, zou de jeugd ook op de barricades gaan. Maar als je een van de weinigen bent, ga je je eerder zitten schamen op de bank.

De enige regio in Europa waar de thuiszitters zich volgens het onderzoek koest zullen houden, is Scandinavië. Mascherini: “Daar zijn alle jongeren even betrokken bij de maatschappij en politiek, werkloos of niet, schoolverlaters of niet. Sowieso doen landen als Zweden en Denemarken het goed. Er is daar nauwelijks een kloof tussen opleidingen en de arbeidsmarkt. Het verschil met Bulgarije en Italië kan niet groter.

Drugshandel en tienerzwangerschappen

En Nederland? Een voorbeeldland, vindt Mascherini. “Weinig structurele problemen en veel projecten en goede begeleiding, ook al stijgt het aantal probleemgevallen door de crisis.” Hennie van Meerkerk vindt dit beeld te rooskleurig. Ze is voorzitter van het college van bestuur van Scalda, een mbo in Zeeland ook voor vroegere voortijdig schoolverlaters die werkloos zijn geworden, en spreekt van een 'nieuwe categorie jongeren met meervoudige problemen': “Veel hebben psychologische problemen, depressies en ze komen vaak in aanraking met justitie.

Criminaliteit is een terechte zorg, aldus Mascherini. Uit zijn onderzoek blijkt dat deze jongeren gevoelig zijn voor verslavingen. “Dit kan een oorzaak zijn van schooluitval of werkloosheid, maar ook een gevolg. Bij jongeren die lang thuiszitten zie je depressies, waar verslavingen aan alcohol en drugs uit voort kunnen komen. Via hun drugsverslaving komen velen terecht in de drugshandel. Bij meisjes komen veel tienerzwangerschappen voor.

Van Meerkerk: “Er worden nauwelijks nog vaste aanstellingen vergeven. Juist de jongeren die zich niet goed kunnen uitdrukken of een moeilijke jeugd hebben gehad, zijn hiervan de klos.” Eimers beaamt dit. “Het aantal is hier misschien niet zo groot als in Spanje of Italië, maar de harde kern van onze probleemjongeren wordt door de crisis groter en je ziet de problemen die ze zullen gaan hebben op de werkvloer op school al aankomen. Er zou beter samengewerkt moeten worden tussen gemeenten, UVW en leerplichtbureaus. Je kunt niet wachten tot het misgaat.