Het verzet van Bulgarije [op 11 december, tijdens een Raad van de EU-ministers van Buitenlandse Zaken, red.] tegen het prikken van een begindatum van de EU-toetredingsonderhandelingen van Macedonië, is koren op de molen voor de anti-Bulgaarse gelederen in Skopje [de hoofdstad van Macedonië, red.]. Ze hebben tot nu toe geen enkele gelegenheid voorbij laten gaan om hun nationalistische propaganda aan de man te brengen, maar nu hebben ze eindelijk een gewichtig argument in handen om die lijn voort te zetten: Sofia heeft namelijk op het hoogste niveau verklaard dat Bulgarije geen steun geeft aan het voorstel om buurland Macedonië een belangrijke stap naar toetreding tot de Europese familie te laten doen.

De hoop dat dit stellige bezwaar van Bulgarije het omgekeerde effect zal hebben – namelijk een verzwakking van de standpunten van degenen die in Skopje goed nabuurschap tegenwerken – is niet echt realistisch. Veel mensen denken namelijk dat de huidige Macedonische regering er niet zozeer op uit is om een datum voor de onderhandelingen te krijgen, als wel om met een beschuldigende vinger te kunnen wijzen naar degenen die verantwoordelijk zijn voor hun mislukte pogingen: de ´kwade buurlanden´ Bulgarije en Griekenland.

Absurde ruzies doen economie stagneren

Maar hadden de autoriteiten in Sofia eigenlijk wel een keus? Konden zij, ondanks de Macedonische provocaties, wel steun geven aan – en zelfs lobbyen voor – de toetreding van Macedonië, net als Polen dat heeft gedaan voor de Baltische staten, Griekenland voor Cyprus en nu Roemenië voor Moldavië? Het antwoord op die vraag is helaas ´nee´. Als zij dat hadden gedaan, dan zouden ze het doelwit zijn geworden van onze eigen nationalisten, die voortdurend aandringen op het aftreden van de minister van Buitenlandse Zaken, Nikolaï Mladenov, vanwege zijn ´welwillendheid´ tegenover landen als Macedonië, Servië en Turkije.

In hun ijver om de aandacht van de publieke opinie af te leiden van de echte problemen, door zich te focussen op de relatie met de buurlanden, hebben de nationaal-populisten van Skopje – hoe paradoxaal dat ook mag lijken – uitstekende bondgenoten gevonden in Bulgarije. Ik doel daarmee op de zogenaamde ´commentatoren van dienst´ inzake Macedonische kwesties – een handjevol prominenten die zich hebben opgeworpen als deskundigen en die meestal door de media worden ingeschakeld om commentaar te geven op de betrekkingen tussen de beide landen. Ik ben geen liefhebber van complottheorieën, maar toevallig zijn deze mensen niet alleen bekend vanwege hun belangstelling voor Macedonië, maar ook omdat ze allemaal voor de geheime dienst van het communistische Bulgarije hebben gewerkt.

Net als dat de aanstichters in Skopje erin geslaagd zijn een groot deel van de bevolking tegen Bulgarije op te zetten, zo hebben deze commentatoren ervoor gezorgd dat de meerderheid van de Bulgaren spottend, en zelfs vijandig, tegenover de Europese aspiraties van de Macedoniërs staat. En dat is nog wel het ergste. Want het zijn deze zelfde Bulgaren en Macedoniërs die de meeste schade ondervinden van deze slechte relatie. Deze absurde ruzies leiden tot stagnatie in de economische betrekkingen en tot het stopzetten van belangrijke gemeenschappelijke projecten die het leven van de mensen écht zouden kunnen veranderen, zoals de aanleg van een spoorlijn tussen Sofia en Skopje.

Oorlogen liggen nog vers in het geheugen

Als Macedonië en Bulgarije willen dat hun relatie echt verbetert, dan moeten zij zich dus richten op deze gemeenschappelijke projecten. Die kunnen ervoor zorgen dat de mensen die aan weerskanten van de grens leven, de “vruchten van hun werk” zullen plukken en “elkaar weer als broeders zullen liefhebben”, zoals de dichter Nikola Vaptsarov [1909-1942, een van de helden in de strijd tegen het fascisme in Bulgarije, red.] het uitdrukte. Zijn nagelaten werk zou eerder een reden voor toenadering moeten zijn dan voor verdeeldheid, zoals onlangs nog het geval was [net als bij andere Bulgaarse historische en literaire persoonlijkheden, maakt Skopje er aanspraak op dat Vaptsarov van Macedonische afkomst is, red.].

En tot slot zou het goed zijn als de Macedoniërs en de Bulgaren – in plaats van zich uit te putten in wederzijdse beschuldigingen – zich eens zouden indenken, al was het maar even, hoe men in Europa aankijkt tegen hun onderlinge strijd. De Europeanen beschouwen het als een ´typische Balkan-ruzie´, een kwalificatie waarin helaas veel verwijt schuilt, want de oorlogen die leidden tot broedermoord en die ons schiereiland hebben verwoest, liggen iedereen nog vers in het geheugen.

Op de lange termijn heeft geen van beide landen er baat bij dat deze situatie voortduurt. En hoe eerder de Bulgaren en de Macedoniërs zich realiseren dat ze wegzakken in een impasse, hoe beter dit voor hun Europese toekomst zal zijn. Wij kunnen dus maar beter druk uitoefenen om de twistpunten vóór maart 2013 op te lossen, zodat Macedonië eindelijk een datum krijgt voor de start van de onderhandelingen met Brussel, en Bulgarije een oprechte bondgenoot wordt op het Europese pad van Macedonië.