Op 6 november 2012, de verjaardag van de Slag bij Lützen [pyrrusoverwinning van de protestantse Zweden op de katholieke Habsburgers in 1632 tijdens de Dertigjarige Oorlog, red.], stuurden de nieuwe chef van de culturele pagina’s van Svenska Dagbladet, Martin Jönsson, en de nieuwe chef van de literaire rubriek, Lina Kalmteg, een brief aan mij en andere medewerkers van de cultuurrubriek, van wie er een aantal zeer bekend en door de wol geverfd zijn.

In deze brief stond dat de krant voortaan geen boekrecensies meer zou plaatsen, omdat wij aan de vooravond van een nieuw tijdperk staan en er zeer veel freelance cultuurjournalisten zijn. De afdeling Cultuur wilde graag “een afgeslankte groep vormen waarmee [ze ging] samenwerken om nieuws op literair gebied deels in een andere vorm te gieten”. Wegens bezuinigingen had de directie van de krant besloten om het budget voor recensies te verlagen en voortaan meer te focussen op de cultuurpagina’s lifestyle, media en andere lichtere content.

Intellectuele ambities naar beneden bijstellen

Dat cultuurmedewerkers van Svenska Dagbladet de laan uit zijn gestuurd, is geen zaak die op zichzelf staat. Het is een wijdverbreid gevolg van de internationale crisis in de perswereld. Om het hoofd te kunnen bieden aan de concurrentie van de online pers en andere virtuele media, voelen de directeuren van de kranten zich genoodzaakt, hoewel dit nauwelijks gerechtvaardigd is, om hun intellectuele ambities naar beneden bij te stellen om zo een breder lezerspubliek te trekken.

Resultaat: cultuurmedewerkers worden ontslagen of op een zijspoor gezet en vervangen door journalisten van wie wordt verwacht dat zij culturele actualiteiten in nieuwsartikeltjes gieten of zelfs op een “tabloidachtige” manier brengen, in de vorm van lifestylereportages en andere voorgekauwde artikelen die even snel worden geconsumeerd in de bus of metro. Het verschijnsel waarmee het Svenska Dagbladet vandaag de dag te kampen heeft, doet zich al langer gelden binnen Dagens Nyheter, Göteborgs-Posten en andere bladen over de hele wereld.

Tegelijkertijd kan het gezien worden als de laatste fase van een lange 'klassenstrijd' tussen twee categorieën medewerkers van dagbladen. De ene groep bestaat uit gediplomeerde journalisten die hun sporen hebben verdiend bij redacties van televisiejournaals en tijdschriften – historisch gezien een 'lagere klasse', die nu de macht over de cultuurpagina’s heeft overgenomen. De andere categorie wordt gevormd door cultuurmedewerkers die afkomstig zijn uit de academische wereld of het literaire bastion – historisch gezien een 'hogere klasse', die momenteel echter door de dagbladpers van haar plaats wordt gestoten.

Radicale koerswijziging

De echte neergang van de cultuurpagina’s is pas echt begonnen rond het jaar 2000. Bijna alle grote dagbladen kregen hier op dezelfde manier mee te kampen, toen lezers hun abonnementen op papieren kranten opzegden om deze gratis in elektronische vorm te lezen op internet. Lange tijd konden de cultuurpagina’s van het Svenska Dagbladet de dans ontspringen, ondanks de financiële problemen van het dagblad, met name dankzij een trouwe schare medewerkers en lezers uit de goedopgeleide middenklasse.

Maar de nieuwe eigenaar van de krant, [de Noorse groep] Schibsted, eiste drastische bezuinigingen en een radicale koerswijziging. Mats Svegfors en Peter Luthersson, twee intellectuelen van de krant die belangrijke functies bekleedden, zijn opgestapt en vervangen door medewerkers met een journalistieke achtergrond die meer gericht zijn op marketing.

Wat zullen de gevolgen van deze veranderingen voor de abonnementen zijn? Een jonge en gemotiveerde freelance journalist is goedkoop en het is misschien mogelijk om op korte termijn geld te besparen of zelfs om hier en daar wat lezers binnen te halen van de jonge generatie die, mogen we hopen, de nieuwe koers van het dagblad zal waarderen, die meer is gericht op lifestyle en waarbij dus meer aandacht zal worden besteed aan mode, interieur, reizen, ontspanning en literaire best-sellers.

Hoogopgeleiden zeggen hun abonnementen op

Maar dat is tegelijkertijd een riskante keuze, want de hoogopgeleiden, die tot op heden een trouw lezerspubliek vormden, beginnen hun abonnementen op te zeggen. Ook is het zeer waarschijnlijk dat het leeuwendeel van de jonge liefhebbers van de lifestylerubrieken de papieren versie van de krant voortaan links zullen laten liggen om in de onlinepers en andere elektronische media op zoek te gaan naar de informatie die zij willen. Dit proces bevindt zich al in een vergevorderd stadium. Aan de andere kant zullen de veeleisende lezers uit het academische milieu hun toevlucht nemen tot intellectuele tijdschriften.

Vermaarde cultuurjournalisten zullen er waarschijnlijk wel in slagen om het hoofd boven water te houden, zelfs als dagbladen als Dagens Nyheter en Svenska Dagbladet niet meer beschikken over de middelen om een fatsoenlijke prijs te betalen voor hun artikelen. Een aantal van hen is nu al een eigen blog of website gestart waarmee ze de lezer kunnen bereiken. Op de lange termijn zouden ze waarschijnlijk ook een behoorlijk inkomen kunnen vergaren door te werken voor universiteiten, culturele stichtingen en uitgeverijen met intellectuele ambities.

De overname van de cultuurpagina’s door journalisten van de dagbladpers zal dus waarschijnlijk uitlopen op een pyrrusoverwinning. Het is aannemelijk dat deze journalisten, samen met de jonge freelancejournalisten, als eersten op straat zullen komen te staan, en niet de gepokte en gemazelde literaire critici en andere medewerkers die worden gezien als 'boegbeelden' in de wereld van de cultuur.

Lees hier de voorgaande artikelen uit deze serie :

El País, slachtoffer van grootheidswaanzin

De innige band tussen Franse regering en pers

Silicon Valley zal kranten niet de nek omdraaien