Nicolas Sarkozy heeft nu, nauwelijks twee jaar voor de presidentsverkiezingen, besloten om veiligheid tot speerpunt van het politieke debat te maken. Zo hekelt hij illegale immigratie en de aanwezigheid van Roma in Frankrijk. Daarmee laat hij Frankrijk toetreden tot wat we de 'club der radicalen' kunnen noemen: landen waar het veiligheidsbeleid sterk wordt beïnvloed door extreemrechts.

Italië: illegale immigratie is voortaan een misdrijf

In Italië staat veiligheid gelijk aan de strijd tegen illegale immigratie. Hier is niet zozeer sprake van radicalisering als wel van banalisering. De Lega Nord, de volkspartij die tegen vreemdelingen is, vormt een van de pijlers van de coalitie onder leiding van Silvio Berlusconi en is bovendien de partij van de minister van Binnenlandse Zaken, Roberto Maroni. Deze partij heeft er een van de speerpunten van de regering van gemaakt. De minister is van mening dat hij praktisch een einde heeft gemaakt aan de illegale bootvluchtelingen langs de Italiaanse kusten door het akkoord dat met Libië werd gesloten (een afname van 88% tussen 1 augustus 2009 en 31 juli 2010). Daarbij trekt hij zich niets aan van de kritiek over het niet naleven van het asielrecht van vluchtelingen noch over het lot van de illegalen die zijn teruggestuurd naar Libië.

Hij gaat bovendien prat op de verscherping van de regels die door zijn partij gewenst was zoals de nieuwe immigratiewet die in augustus 2009 van kracht werd, waarbij illegale immigratie voortaan als misdrijf wordt beschouwd, en de verblijfsvergunning met puntensysteem die in februari werd ingevoerd.

Ruim 25% van de Zwitsers heeft xenofobe ideeën

In Nederland is Geert Wilders erin geslaagd een klimaat te scheppen waarin kwesties als onveiligheid, integratie van buitenlanders en de plaats van de islam door elkaar lopen. De toekomstige regering, waarschijnlijk een minderheidscoalitie van liberalen en christendemocraten met gedoogsteun van de partij van Wilders, heeft de strijd tegen de onveiligheid in haar programma opgenomen. Geert Wilders wil delinquenten van buitenlandse komaf naar hun land van herkomst laten terugsturen en belasting gaan heffen op het dragen van een islamitische hoofddoek [de zogenoemde kopvoddentaks].

In Zwitserland heeft de Volkspartij (SVP/UDC) sinds haar verkiezingswinst in 1999 er toe bijgedragen dat de discussie over veiligheid uit de taboesfeer is gehaald. De grootste partij van het land ziet in 'de buitenlander’ de vijand die de Zwitserse waarden en normen bedreigt, of het nu om vluchtelingen, grensarbeiders, radicale moslims of Roma gaat. Meer dan een kwart van de Zwitserse kiezers onderschrijft deze xenofobe ideeën, waarmee de traditionele rechtse partijen worden gedwongen om in dezelfde vijver te vissen.

Spanje: immigratie en criminaliteit niet op één hoop

In Duitsland is het veiligheidsbeleid geheel gewijd aan de strijd tegen het moslimterrorisme en tegen neonazi's. De wetgeving is sinds de aanslagen van 11 september 2001 voortdurend aangescherpt. In 2009 werd er in de Bondsdag gestemd over een zeer controversiële tekst, waarin werd bepaald dat iemand kan worden veroordeeld voor “het beramen” van een misdrijf. Toch worden, om historische redenen, aanvallen op specifieke etnische groepen over het algemeen door de publieke opinie veroordeeld. Alleen de NPD, de neonazipartij met een absolute minderheid (minder dan 2% van de stemmen op nationaal niveau) heeft zijn handelsmerk gemaakt van de aanval op buitenlanders. De partij wordt in politiek opzicht echter niet geloofwaardig geacht en wordt beschouwd als gevaar voor de democratie. Overigens is het mislukken van de integratie van de van oorsprong Turkse gemeenschap wel een regelmatig terugkerend onderwerp van gesprek in Duitsland.

In Spanje is de discussie over veiligheid traditioneel gericht op de strijd tegen het ETA-terrorisme. De socialistische regering van José-Luis Zapatero heeft daar een tweede speerpunt aan toegevoegd, dat vooral in de media speelt: geweld tegen vrouwen. Het veiligheidsbeleid is bovendien gericht op illegale immigratie. Eind 2008 is er binnen de Spaanse nationale politie een ‘team voor het uitzetten van buitenlandse delinquenten’ gevormd. In 2009 zijn 7.600 buitenlandse delinquenten Spanje uitgezet. Dankzij de wijziging van de wet op buitenlanders, die er in 2009 van kracht werd, is de maximale detentieduur voor illegale immigranten in opvangcentra verlengd van 40 tot 60 dagen. Maar met uitzondering van de Catalaanse ultrarechtse partij Plataforma per Catalunya, die in 2003 is opgericht, worden immigratie en criminaliteit in de Spaanse politiek niet op één hoop gegooid.

David Cameron wil de 4,2 miljoen camera's reguleren

De conservatieve Britse premier David Cameron wil een andere wending gaan geven aan de “police state” die de Labourpartij direct na de terroristische aanslagen van juli 2005 in Londen op poten heeft helpen zetten. Hij wil het gebruik van bewakingscamera's gaan reguleren – er hangen ongeveer 4,2 miljoen monitoren camera's in de Britse straten -, en het recht op demonstratie in ere herstellen, dat de afgelopen jaren werd onderdrukt. Tot slot zou de Great Repeal Bill de regels voor het bewaren van vingerafdrukken in het DNA-archief van het land moeten wijzigen in het voordeel van de privacy en individuele vrijheden.