"Wat de Mayakalender ook zegt, de toekomst ligt volledig in handen van Berlijn." Zo eindigde mijn laatste colum vorig jaar. Dat leek een voorspelling, maar was het niet. Er waren namelijk twee volkomen tegenstrijdige uitkomsten mogelijk. Bovendien onthulde ik niets wat we niet al wisten, want we hadden al geruime tijd door dat alle wegen naar Berlijn leiden (met een tussenstop in Frankfurt, zetel van de Europese Centrale Bank). Dat ik die uitspraak nu weer aanhaal, is om ons eraan te herinneren hoe dicht we bij de afgrond waren en zo beter te laten begrijpen waar we nu staan.

In 2011 heeft een dodelijke combinatie van aarzelingen, vooroordelen, bijziendheid, gebrek aan leiderschap, verdeeldheid tussen landen en ergerlijke traagheid van de Europese instellingen een ernstige economische crisis veranderd in een existentiële crisis waarin het voortbestaan van de euro op het spel stond. De Europese Centrale Bank heeft de markt in extremis overspoeld met liquide middelen, waarmee de problemen tijdelijk werden verzacht maar niet opgelost.

De Duitse bondskanselier Angela Merkel, zich bewust van de ernst van de crisis, heeft weliswaar in november 2011 publiekelijk toegegeven dat "als de euro omvalt, Europa omvalt", maar uit wat ze deed kreeg niemand de indruk dat ze vastbesloten was dit te voorkomen. Dat verklaart waarom sommige financiers in de eerste helft van dit jaar zijn opgehouden te speculeren over het voortbestaan van de euro en hebben ingezet op de ondergang ervan.

Draghi, Man van het Jaar

Toen bleek dat de financiële markten de schulden die in euro's waren gemaakt begonnen uit te drukken in nationale valuta, alsof ze alvast vooruitliepen op de dag dat de euro zou instorten, vond de Europese Centrale Bank het tijd worden om in actie te komen. En de Duitse regering had daarmee eindelijk het argument in handen dat ze nodig had om degenen over de streep te trekken die in Duitsland nog steeds vonden dat Spanje en Italië hun eigen boontjes maar moesten doppen en anders uit de euro moesten stappen.

In juni verklaarde Mario Draghi nadrukkelijk dat hij "alles zal doen wat nodig is, en geloof me, dat zal genoeg zijn", waarna hij die verklaring in september kracht bijzette door een begin te maken met het terugkopen van schulden. Waarmee maar gezegd wil zijn dat hij de titel van Man van het Jaar van de Financial Times ruimschoots heeft verdiend. Vanaf dat moment wist iedere financier die had willen speculeren op het instorten van de euro dat hij bij voorbaat kansloos was.

Zoals echter vaak wordt beweerd gaat achter een intelligente man vaak een vrouw schuil (op de achtergrond en onverwacht). Angela Merkel heeft na maandenlang te hebben geaarzeld en zelfs het scepticisme in eigen land te hebben gevoed met haar ongelukkige uitspraken over Zuid-Europa, uiteindelijk besloten de Bundesbank, die tegen de maatregelen is, te trotseren en de strengste vleugel binnen haar eigen partij, die elk compromis over zowel staats- als particliere (banken) schulden afwijst, te negeren.

In de eerste plaats heeft ze ingestemd met de redding van de Spaanse banken en de interventie door de ECB om de druk op de Spaanse en Italiaanse risicopremies te verlichten, en in de tweede plaats met onderhandelingen over een bankenunie. Daarmee is tussen juni en september 2012 de euro gered. Dat is het goede nieuws dit jaar.

Verontwaardiging over traagheid keert terug

Het slechte nieuws is dat ook al zijn de euro en daarmee de eurolanden gered (het eventuele vertrek van Griekenland lijkt na maanden van speculeren geheel van de agenda te zijn verdwenen), de toekomst uiterst gecompliceerd blijft. Dat blijkt wel uit wat er is gebeurd met de plannen voor een bankenunie, die op de achtereenvolgende topconferenties naar beneden zijn bijgesteld, vertraagd, uitgesteld en beknot, en het er in de Europese politiek nu de grote onzekerheid is opgeheven weer aan toegaat als vanouds. De verontwaardiging over traagheid, bijziendheid en gebrek aan politieke moed keert terug, want ook al weten we nu allemaal wat er moet gebeuren, het blijkt moeilijk uit te leggen waarom er dan niets wordt gedaan.

Intussen grijpt Angela Merkel, die zich een paar dagen als een echte leider heeft gedragen, weer terug op kleingeestigheden die haar worden ingegeven door de binnenlandse agenda, die wordt gedomineerd door de komende verkiezingen [september 2013, red.]. Alsof ze ons eraan wil herinneren dat vlinders het grootste deel van hun leven niet meer dan een lelijke, onbeduidende pop zijn en ons met hun gefladder en hun kleuren slechts korte tijd weten te betoveren.

2013 zal een overgangsjaar zijn, waarin we enerzijds het gevoel zullen hebben aan de ondergang te zijn ontsnapt, zoals blijkt uit de verlaging van de risicopremie en het besluit van de [Spaanse, red.] regering om geen financiële steun te vragen, maar anderzijds niet kunnen ontkennen dat het hervormingsbeleid geen enkel effect sorteert en er van buitenaf geen stimulans zal komen om de economische groei aan te jagen en banen te scheppen. We leven nog, maar wel in de woestijn en met nauwelijks water.