Dit is nog beter dan St. Tropez,” riep de premier van Montenegro, Milo Djukanovic, uit toen hij een presentatie in ontvangst nam waarop jachten voor anker gingen in de door bergen omgeven baai aan de oostkust van de Adriatische Zee. Eigenlijk niet. Maar als het aan premier Djukanovic en een groep buitenlandse zakenlui ligt die hem hierin steunen, zou de haven van Tivat, waarvan nu net 20% af is, een nieuwe recreatieplek kunnen worden voor de superrijken en het voornaamste onderdeel van de dappere poging van het ministaatje Montenegro om zijn imago van corruptie te zuiveren, zodat het kan toetreden tot de Europese Unie.

Iedereen die 500.000 euro investeert kan staatsburger worden

Vorige week onthulde premier Djukanovic, die tevens voorzitter is van het agentschap dat investeringen in Montenegro moet promoten, een onderdeel van het plan om investeerders van over de hele wereld te lokken: iedereen die 500.000 euro of meer wil investeren kan ook staatsburger van Montenegro worden. “Dit is geen plek voor middelmatige investeringsprojecten,” zo vertelde premier Djukanovic in het Montenegrijns aan een menigte zakenlui en politieke leiders met vrouw en vriendinnen, allemaal aan de champagne, tijdens een feestelijke bijeenkomst op zaterdagavond ter gelegenheid van de oplevering van de eerste grote bouwfase van het havenproject. “Montenegro wordt een van de meest elitaire toeristische bestemmingen in de wereld,” zo zei hij.

Montenegro telt 670.000 inwoners, is ongeveer even groot als de Amerikaanse staat Connecticut [ongeveer de helf van de oppervlakte van België] en werd pas in 2006 onafhankelijk. Met zijn eindeloze bergen, die zo in de Adriatische Zee lijken te vallen, is Montenegro, zoals Lord Byron ooit zei, vooral "de fraaiste samensmelting van land en zee". “Het land staat te koop,” zei Vanja Calovic, die aan het hoofd staat van de corruptiewaakhond Mans, gelieerd aan Transparency International. “Montenegro verkoopt alles wat het heeft en ik weet gewoon niet wat het land daar zelf voor terugkrijgt.”

Inkomstenbelasting bedraagt slechts 9%

De regering van Djukanovic ontvangt investeerders in elk geval met open armen. De vennootschaps- en inkomstenbelasting bedragen elk 9% en zijn daarmee een van de laagste percentages in Europa. Bovendien verlaagde het parlement, in een poging om de weg te effenen voor het Tivat-project, de BTW voor onderdelen die met de haven te maken hadden van 17% naar 7%, een actie die het land op een berisping door de Europese Commissie wegens concurrentievervalsing kwam te staan. Het grootste bedrijf van het land, KAP, een aluminiumfabriek die de productie van ongeveer de helft van de export voor zijn rekening neemt, werd verkocht aan de Russische investeerder en miljardair Oleg Deripaska, die zelf een minderheidsaandeel in Porto Montenegro heeft. Deze deal uit 2005 geldt nog altijd als controversieel.

Voorstanders van de regering beweren dat kleine landen als Montenegro in een concurrerende markt voor investeringen alle zeilen moeten bijzetten om vreemd kapitaal aan te trekken. Maar velen zeggen dat de onbesuisde verkooptechniek van Djukanovic op zichzelf al een weerspiegeling is van een ongepaste vermenging van zakelijke en politieke aangelegenheden, waarmee de nadruk nog eens wordt gelegd op de mogelijkheden voor corruptie en louche zaken.

Djukanovic zou zijn maandinkomen van € 1.256 aanvullen

Premier Djukanovic verdient zelf slechts 1.256 euro per maand, zoals blijkt uit openbare publicaties, maar critici beweren al een tijd lang dat hij en andere parlementariërs hun lage salarissen via een web aan externe zakelijke belangen aanvullen. In 2006 trad Djukanovic tijdelijk af als premier, maar bleef aan als parlementslid en richtte een vastgoedinvesteringsmaatschappij op, hoewel hij de zakelijke belangen daarvan niet langer behartigt. Met zijn krachtige fysieke verschijning (1.90 meter lang) houdt Djukanovic het land in een ijzeren greep, en dat al sinds 1991, lang voordat het onafhankelijk was geworden. Hij heeft in die periode altijd wel een toppositie bekleed en is nu bezig aan zijn zesde termijn als premier.

Volgens het project dat rapporteert over georganiseerde criminaliteit en corruptie heeft Djukanovic toegegeven dat hij in de jaren 90 van de vorige eeuw, gedurende de oorlog die volgde op het uiteenvallen van Joegoslavië, betrokken is geweest bij het leiden van een bedrijf dat in sigaretten handelde, maar de beschuldiging dat hij illegaal bezig is geweest ontkent hij categorisch. De Europese Commissie, de uitvoerende macht van de EU, meldde in haar rapport in 2009 over de status van Montenegro met betrekking tot toetreding tot de Europese Unie dat "corruptie in vele sectoren nog altijd wijd verspreid is en dat het een serieus probleem blijft".

Vicepremier Igor Luksic zei dat de regering vooruitgang had geboekt in de strijd tegen corruptie en dat ze onlangs een actieplan had aangenomen in een poging om iets te doen aan de bezorgdheid van de EU. Toch is Montenegro geen gemakkelijk land om geld te verdienen, ondanks de rode loper die nu voor welvarende buitenlanders wordt uitgelegd. Naast de risico’s, die voor de meeste opkomende markten in Europa gelden, kan het land investeerders tot nadenken stemmen vanwege zijn bescheiden omvang en de hechte groep insiders.