Ilegale handel: Moderne slaven vissen voor Europa

Mannen op een illegale vissersboot in onbeschermde wateren in West-Afrika, 2010.
Mannen op een illegale vissersboot in onbeschermde wateren in West-Afrika, 2010.
7 oktober 2010 – The Guardian (Londen)

Illegale vissersboten waarop menselijke arbeid in ontstellende omstandigheden wordt uitgebuit, varen in onbeschermde wateren in West-Afrika. Een milieuorganisatie heeft ontdekt dat een groot deel van hun vangst is bestemd voor de Europese markt.

Toen milieuactivisten een high-tech trawler uit Zuid-Korea langs de kust van West-Afrika volgden, waren zij eigenlijk op zoek naar bewijzen voor de illegale visserij van slinkende Afrikaanse visbestanden. Wat zij aantroffen, was van een heel andere aard: een extreme menselijke ontering die deed denken aan de slavernij, die al meer dan een eeuw geleden werd afgeschaft.

Het was afschuwelijk”, zei Duncan Copeland, een senior campagnevoerder bij de Stichting voor milieurechtvaardigheid (Environmental Justice Foundation, de EJF). “De mannen waren werkzaam in het visruim, zonder enige lucht of vorm van ventilatie, met temperaturen van 40 à 45 graden. Het was er roestig, vettig, heet en zweterig. Overal kropen kakkerlakken rond en hun voedsel werd bewaard in smerige bakken. Het enige waarmee ze zich konden wassen, was een pomp die zout water naar boven bracht. Ze stonken. Het was werkelijk hartverscheurend.

Naarmate hun onderzoek vorderde, vonden de medewerkers van de EJF het ene na het andere schip, waarvan sommige wel 40 jaar oud waren, verroest en in zeer afgetakelde toestand, waarmee illegaal werd gevist. Deze verboden handel brengt veel schade toe aan de visbestanden in de zee, die al zeer fragiel zijn, en menselijke arbeid wordt uitgebuit in schokkende omstandigheden. De betrokken schepen voeren allemaal onder Europese nummers, wat betekent dat er een vergunning is verleend voor invoer naar Europa en dat er theoretisch aan strenge hygiëne-eisen is voldaan.

Oude vis als loon

De 36 bemanningsleden van de boot waar Copeland aan boord ging, waren afkomstig uit China, Vietnam, Indonesië en Sierra Leone. Acht mannen deelden een klein, raamloos gedeelte in het visruim met vier kartonnen ‘stapelbedden’ op planken. Vier van hen legden zich toe op het sorteren en inpakken van vis voor de Europese markt, terwijl er vier sliepen. Zo werken ze om toerbeurt: wanneer de ene groep klaar is, kan de andere groep meteen hun plaats innemen.

De bemanningsleden uit Sierra Leone vertelden dat hun loon niet bestond uit geld, maar uit bakken met restanten vis die niet op de Europese markt kunnen worden verkocht. Ze zouden dit lokaal kunnen verkopen. Als iemand zich zou beklagen, zou de kapitein hen op het dichtstbijzijnde strand achterlaten, aldus de mannen.

In mei werden er zo’n 150 Senegalese mannen gevonden die werkzaam waren op een schip langs de kust van Sierra Leone. Ze moesten soms wel 18 uur per dag werken, ook ‘s nachts, en sliepen in ruimten die nog geen meter hoog waren. Het schip had een licentienummer voor de invoer van vis naar de Europese Unie, wat in principe inhoudt dat er strenge hygiënenormen worden nageleefd.

De EJF vond ook een aantal blijkbaar overtollige trawlers op zee met bemanning aan boord, waarvan sommigen zich al meer dan een jaar op het schip bevonden zonder radio of beveiligingsvoorzieningen. “Ik ben hierheen gestuurd door het bedrijf”, vertelde een visser op een trawler langs de kust van Guinea. “Het bedrijf stuurt een boot met proviand, zoals vis en garnalen. Niemand waagt het om hierheen te komen.

Geweld, salarisinhouding en inname van documenten

Uit de verhalen van de visser komt de menselijke tol naar voren die door de illegale visserij wordt geëist. Naar verluidt produceren deze activiteiten een vangst van ten minste 11 miljoen ton vis per jaar, met een waarde van meer dan 10 miljard dollar. Schepen blijven vaak maandenlang op zee, en om de paar weken komen er koelschepen om de vangst te lossen en de bemanning van proviand te voorzien. Aangezien ze ver op zee opereren, kunnen ze lange tijd uit het vizier van de autoriteiten blijven. De bemanning zit in feite gevangen: de meeste mannen kunnen niet zwemmen en de werkzaamheden van vele bemanningsleden die door de EJF zijn ondervraagd, voldoen aan de VN-definitie van dwangarbeid. Meldingen van geweld, salarisinhouding en inname van documenten zijn schering en inslag, aldus Copeland.

De onderzoekers vonden in 2006 een groep van 200 Senegalese mannen die langs de kust van Sierra Leone werkzaam waren. Ze verbleven in een noodstructuur die was gebouwd op het achterstuk van het schip, die was opgedeeld in vier etages met nog geen meter hoofdruimte en op elkaar gestapelde kartonnen dozen als matrassen. Het schip stond destijds niet op de officiële lijst met boten die over een visvergunning beschikten voor Sierra Leone. Uit de gegevens bleek dat de boot Las Palmas op de Canarische Eilanden had bezocht, wat het grootste distributiepunt is voor West-Afrikaanse vis in Europa en door hooggeplaatste EU-ambtenaren is bekritiseerd wegens het lakse inspectieregime.

Verontrustende conclusies

De oorspronkelijke interesse van de onderzoekers in de visbestanden leidde daarnaast tot verontrustende conclusies. Diverse door de EJF bezochte schepen zijn bodemtrawlers met een invoervergunning voor de EU, waarmee dure vis zoals garnalen, kreeft en tonijn wordt gevangen. Bodemtrawlers slepen zware kettingen over de zeebodem, waarmee alles op hun pad wordt weggeschraapt, ook koraal. In één geval had de bemanning van de boot meer dan 70 procent van de vangst vervolgens weer overboord gegooid.

De EJF denkt dat de meeste illegale visserij wordt uitgevoerd door schepen die onder een gelegenheidsvlag varen. Op grond van internationaal maritiem recht is het land waar een schip is geregistreerd verantwoordelijk voor zijn activiteiten. In sommige landen worden schepen van andere nationaliteiten voor amper een paar honderd dollar geregistreerd. Het is bekend dat de autoriteiten daar overtredingen door de vingers zien.

Illegale schepen kunnen in één visseizoen onder verschillende vlaggen varen en herhaaldelijk van naam veranderen. Ze worden vaak gesteund door fictieve bedrijven, zodat de echte eigenaren moeilijk op te sporen zijn en handhaving van de wetgeving uiterst problematisch is. De maximale boete voor illegale visserij bedraagt zo’n 100.000 dollar, wat volgens de EJF minder is dan de winst die in twee weken wordt opgestreken.

Factual or translation error? Tell us.