Europese leiders hebben weliswaar hun handen vol aan de crisis binnen de eurozone en de economische problemen, maar dat betekent nog niet dat de koers ten aanzien van de uitbreiding van de EU is veranderd. Op 1 juli 2013 wordt Kroatië de 28e lidstaat van de Europese Unie. De historische missie van de EU in haar achterland en grensgebieden kan echter niet verhullen dat het Europese project onder druk staat en dat de publieke opinie sceptisch is.

Na de laatste uitbreiding, begin 2007, bleek immers dat de nieuwe lidstaten zich onvoldoende hadden voorbereid. Roemenië en Bulgarije waren nog ver verwijderd van het gewenste niveau, vooral op het gebied van de rechtsstaat en de strijd tegen corruptie en de georganiseerde misdaad. De Europese Commissie heeft destijds ad hoc een "samenwerkings- en toetsingsmechanisme” in het leven moeten roepen om de achterstand met betrekking tot de verplichtingen in te lopen, maar ook vandaag de dag nog zijn Bulgarije en Roemenië niet klaar om tot de Schengenzone toe te treden.

EU heeft zaken anders aangepakt

Natuurlijk heeft de EU hieruit lering getrokken en in het geval van Kroatië de zaken anders aangepakt. Het aantal onderwerpen dat de basis vormde bij de toetredingsonderhandelingen is gestegen en Brussel heeft een "speciaal versterkt voortgangsbewakingsmechanisme” ingesteld. Het idee was om de Commissie in staat te stellen de naleving te toetsen van de verplichtingen die tijdens de onderhandelingen werden aangegaan. Bovendien is de toetreding van Kroatië tot de Schengenzone onderworpen aan speciale voorwaarden.

Als we het voortgangsrapport moeten geloven dat op 26 maart jongstleden werd gepubliceerd, is Kroatië klaar om tot de EU toe te treden. EU-staats- en regeringsleiders hebben al meer dan een jaar geleden hun zegen gegeven en het toetredingsverdrag van Kroatië wordt momenteel geratificeerd; negentien van de zevenentwintig lidstaten zijn hiertoe al overgegaan.

Toch vestigt het rapport de aandacht op de voortgang die Kroatië op het terrein van de werkzaamheid van de rechtsorde nog moet maken. Meer specifiek dient er op te worden aangedrongen dat de rechtsstaat en de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht moeten worden gerespecteerd. In Kroatië, net als overigens in Roemenië en in Hongarije, werden processen waarbij voormalige premiers betrokken waren namelijk niet altijd volgens de Europese juridische standaards gevoerd.

Stap in de richting van de rechtsstaat

Veelzeggend in dit verband is de zaak van Ivo Sanader, regeringsleider van Kroatië tussen 2003 en 2009. Zijn veroordeling wegens corruptie in een overname, waarbij het Hongaarse energiebedrijf MOL en banken uit Oostenrijk en Duitsland betrokken waren, werd begroet als een stap in de richting van de rechtsstaat.

Toch blijkt dat bepaalde deskundigenrapporten willekeurig overboord zijn gezet, zonder veel respect voor de procedure. Uiteindelijk is het vonnis gebruikt om het besluit van de verkoop van de nationale energiegigant aan een buitenlandse concurrent te veroordelen en niet als bewijs voor de beschuldiging van corruptie. We zijn dus nog ver verwijderd van een onafhankelijke rechterlijke macht in lijn met de Europese normen.

Meerdere landen in Midden- en Oost-Europa worden, in verschillende mate, gekenmerkt door een zwakke rechtsstaat; daarin klinken de praktijken door van de vroegere autoritaire regimes van Oost-Europa. Dit feit voedt het pessimisme bij een groot deel van de publieke opinie, die zo bijdraagt aan een enorme druk op het Europese project. De uitbreiding van de EU lijkt zinloos, dat wil zeggen líjkt betekenis en richting te ontberen.

Boemerangeffect

Dergelijke waarnemingen hebben een enorm boemerangeffect, vooral nu de crisis in de eurozone onbegrip of zelfs vijandigheid opwekt. Deze riskante cocktail zou het voornaamste doel van de EU-uitbreiding in gevaar kunnen brengen: een brede, pan-Europese Commonwealth, gebaseerd op een gemeenschappelijk idee van recht en rechtvaardigheid.

Voor iedere volgende uitbreiding moeten dan ook strenge voorwaarden gaan gelden wat betreft het instellen van wet- en regelgeving, zowel in theorie als in de praktijk. De ervaringen rond de toetreding van Kroatië zouden daarom moeten worden geïntegreerd in het door de Commissie gevoerde uitbreidingsbeleid. Daarbij moet een beroep worden gedaan op de Commissie om haar criteria aan te scherpen en er nog nauwkeuriger op toe te zien dat kandidaat-lidstaten (Servië en Macedonië) en potentiële kandidaten (overige republieken van het voormalig Joegoslavië en Albanië) die naleven.

Uiteindelijk is het voor de EU van wezenlijk belang om bij het uitbreidingsbeleid de rechtsstaat centraal te stellen en de rechtsorde uit te breiden tot de buurlanden. In het "Grote Europese Idee” klinkt het eeuwige vredesproject van Immanuel Kant door. Het zal in cultureel opzicht nog een hele opgave worden om vorm te geven aan een dergelijke confederatie van vrije republieken.