“We moeten eerst weten hoe de Europese identiteit wordt gedefinieerd voordat we hiermee naar buiten treden”, zei de voor het debat uitgenodigde rechtsgeleerde Lorenzo Zucca, verbonden aan het King's College in Londen. “Zoals iedereen weet, is het heel problematisch om op Europees niveau te praten over godsdienst.” De huidige ophef over de Hongaarse regering, die publieke instellingen rooms-katholiek maakt, en het enorme debat over de verwijzing naar de 'joods-christelijke traditie' van Europa in de verworpen Europese grondwet, zijn daar voorbeelden van.

Robert-Jan Uhl, mensenrechtenadviseur van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa, raadt de EU aan om alles heel praktisch te houden. “Het gaat om basisrechten, dat mensen religieuze literatuur mogen importeren en verspreiden bijvoorbeeld en dat gevangenen maaltijden krijgen overeenkomstig hun godsdienstige wens." Hij vertelt dat in Polen boeddhisten in de gevangenis eerst geen vegetarische maaltijd konden krijgen. "De zaak is naar het Europees Hof voor de Rechten van de Mens verwezen. Dat stelde dat zulke maaltijden moeten worden verstrekt.”

Het recht om niet te geloven

Uhl wijst nog op een ander probleem, namelijk dat veel landen alleen een minderheidsgodsdienst willen beschermen als mensen zich eerst officieel registreren. “Dat is absurd. Je moet kunnen bidden met wie je wilt, zonder registratie vooraf. Daar kan de EU best wat van zeggen.”

Voor de richtlijnen, die waarschijnlijk in juni worden goedgekeurd door de EU-ministers, hebben twee Nederlandse Europarlementariërs hard gelobbyd. Peter van Dalen (ChristenUnie) en Dennis de Jong (SP) stelden het concept op, dat nu binnen de Europese Dienst voor Extern Optreden wordt uitgewerkt.

“Belangrijk is ook het recht om van godsdienst te kunnen veranderen of om niet-godsdienstig te worden. In sommige landen word je dan buitengesloten, maar vrijheid van godsdienst en levensovertuiging gaat evengoed over het recht om niet te geloven.”

EU gaat ook naar zichzelf kijken

Jean-Bernard Bolvin, van de Europese Dienst voor Extern Optreden, erkent dat er ook binnen Europa godsdienstige misstanden zijn. De Europese Commissie heeft bijna geen bevoegdheid op dit terrein, uitspraken van het Europese mensenrechtenhof laten vaak lang op zich wachten en worden niet altijd nageleefd. “Dat doet er niets aan af, dat we hier bij ons buitenlands beleid aandacht aan kunnen besteden. We gaan er echt niet op hameren dat alleen een seculiere staat zou deugen. Maar als bevolkingsgroepen worden gediscrimineerd of mensen worden opgehangen vanwege hun geloof, is het fijn voor onze mensen als ze weten met welke juridische argumenten ze dit ter sprake kunnen brengen.” Hij denkt bovendien dat die discussie ook binnen de Europese Unie zijn effect niet zal missen. “De EU-landen gaan hierdoor als vanzelf ook naar zichzelf kijken.”