Een maand geleden verklaarde Felipe González in het klooster van Sant Benet de Bages tegenover een groep directeuren van bedrijven: “De Europese Unie zet ons al te lang op het verkeerde spoor: we moeten ophouden met verdragen te wijzigen, want uit ervaring weten we dat iedereen de herziening ervan zomaar kan tegenhouden.” Hij had meer dan gelijk. De zoveelste hervorming doorvoeren terwijl de vorige nog nauwelijks is toegepast? Nog meer Ierse referendums? Nog meer Tsjechische chantages? Nog meer institutionele siësta’s? Wat lichtzinnig! Wat saai! Wat een tijdverlies! Wat een endogamie! Dit is aanzetten tot verlamming!

Een EMF oprichten, een fantastisch idee. Hiervoor en om te sanctioneren het verdrag [over de Europese Unie] te hervormen zou tijdverlies betekenen, of erger. Maar Berlijn en Parijs denken daar heel anders over. Ze menen een kleine hervorming op te kunnen leggen om de criteria van het stabiliteitspact van de euro te kunnen verruimen. Het is een zuiver theoretisch standpunt want ook over vereenvoudigde hervormingen moet worden gestemd. Of de EU-top van 28 en 29 oktober de nieuwe economische sancties wel of niet aanneemt: dat is geen enkel probleem, of het moet zijn dat ze niet geloofwaardig zijn. Of ze nu automatisch of niet worden genomen, niemand zal geloven dat ze ooit voor Frankrijk en Duitsland zullen gelden. Net zo min als vorige sancties zijn opgelegd toen de beide landen zich niet aan het bezuinigingsdictaat van 2003-2005 hebben gehouden.

Ongeloofwaardige economische sancties

De top is ook de gelegenheid om het Frans-Duitse voorstel te bestuderen om het verdrag te herzien en het reddingsfonds voor landen met een te zware schuldenlast (750 miljard euro) een blijvend karakter te geven. Dit fonds is in mei aangenomen en zou nu dan een echt Europees monetair fonds (EMF) moeten worden. Een fantastische, buitengewone noviteit. De top biedt eveneens de gelegenheid te debatteren over de sanctie die moet worden opgelegd aan degenen die zich niet aan de criteria van Maastrichthebben gehouden. Moet hen het stemrecht ontnomen worden? Dat klinkt discutabeler, omdat een economisch vergrijp immers om een financiële sanctie vraagt en niet een politieke.

Is er een reden om het verdrag te herzien om beide maatregelen te kunnen nemen? Ja, als het erom gaat het stemrecht om financiële redenen te ontnemen. Maar het is toch wel het toppunt dat het net Frankrijk is dat met dit voorstel komt, terwijl er in principe al tot sancties tegen dit land had moeten worden besloten wegens schending van de “eerbiediging van de mensenrechten, waaronder de rechten van personen die tot minderheden behoren” (artikel 2, verdrag betreffende de Europese Unie). Het land had ook het stemrecht moeten verliezen, zoals is bepaald in artikel 7, wegens “duidelijk gevaar voor een ernstige schending” van democratische “waarden”. Met andere woorden dat het verdrag herzien moet worden om een belangrijke, maar minder interessante waarde, zoals de budgettaire rechtzinnigheid, te behouden, is een futiliteit en tijdverlies.

Een dergelijke hervorming is niet noodzakelijk om een EMF op te richten. Nog voordat het tijdelijk reddingsfonds was opgericht, voor een tijdsduur van drie jaar, verzekerde Angela Merkel dat het instellen van een dergelijk fonds zonder wijziging van het verdrag onmogelijk was en dat het Federale constitutionele hof in Karlsruhe zich er tegen zou verzetten. Dat bleek dus niet zo te zijn, want artikel 122 van het verdrag van Lissabon (VWEU — verdrag betreffende de werking van de Europese Unie) staat het toe. Karlsruhe heeft vier uitspraken betreffende de Economische en monetaire unie (EMU) en de EU gedaan waarbij telkens de Europese vooruitgang werd bekrachtigd, ondanks enkele nationalistische beperkingen.

Op 12 oktober 1993 heeft ditzelfde hof het verdrag van Maastricht goedgekeurd op voorwaarde dat de soevereiniteit niet “van het wezenlijke ontdaan wordt door de overdracht van functies”. Op 31 maart 1998 heeft het de overgang naar de derde fase van de EMU geaccepteerd, want “dat valt niet onder de bevoegdheid van de rechtbank maar onder die van het Parlement”. Op 30 juni 2009 heeft het een blanco volmacht gegeven aan het verdrag van Lissabon, omdat het niet “voornamelijk de vaststelling van het type belasting of het bedrag ervan dat aan de burgers wordt opgelegd” aan de EU durfde over te dragen. Eveneens omdat het vasthield aan een “belangrijke kern” van “soevereiniteit voor de staten”. En op 7 mei jongstleden juichte het de redding van Griekenland toe “om de monetaire unie niet in gevaar te brengen” en omdat de financiële “last” die op Duitsland drukt “geen fundamentele schade zou brengen aan het algemeen belang”. Het is uiteindelijk mogelijk dat Karlsruhe deze lijn blijft volgen, allereerst schoorvoetend en vervolgens om Berlijn op de voet te volgen.

Waarom willen Angela en Nicolas ons dan koppig nutteloze inspanningen laten verrichten, en erger nog, leiden ze ons wellicht naar de afgrond?