De crisis begon vijf jaar geleden. Werkloosheid, armoede en sociale uitsluiting nemen toe, sommige kinderen beginnen verschijnselen van ondervoeding te vertonen, tienduizenden gezinnen zijn hun huis uitgezet en de lonen blijven dalen terwijl goederen en diensten duurder worden. Iedereen heeft inmiddels begrepen dat deze situatie niet van voorbijgaande aard is en nog wel een paar jaar kan duren. Waarom komt het volk desondanks niet in opstand? Waarom explodeert het systeem niet? Hoeveel kan de Spaanse samenleving verdragen voordat er oproer uitbreekt?

Je kunt je nauwelijks een combinatie van omstandigheden voorstellen die meer aanleiding geeft tot opstand.

Ongebreideld bezuinigingsbeleid

In de eerste plaats zijn de gevolgen van de crisis verschrikkelijk. Hoe kan een volk met zes miljoen werklozen overleven? En die werkloosheid zal nog verder stijgen, want de binnenlandse vraag is ingestort. Het spaargeld en de steun waarmee velen het tot nu toe hebben kunnen uitzingen, beginnen op te raken. Wie nog werk heeft, verdient vaak niet meer dan een hongerloon in de ondergrondse economie.

In de tweede plaats leidt het ongebreidelde bezuinigingsbeleid van Spanje en de Europese Unie ertoe dat het land gesloopt wordt en het herstel steeds verder op zich laat wachten. In plaats van de dalende vraag van huishoudens op te vangen met consumptie en investeringen, bezuinigt de regering waar ze maar kan op overheidsuitgaven. Daardoor verergert de crisis niet alleen, maar worden ook de uitkeringen voor werklozen en bijstandstrekkers steeds lager. Het klinkt misschien wat cru, maar volgens de EU en de Spaanse regering komen we alleen uit de crisis als de meerderheid van de Spanjaarden armer wordt. Dat wordt bedoeld met “interne devaluatie”.

Geen oplossing voor huisuitzettingen

In de derde plaats overheerst steeds meer het gevoel dat de opofferingen zeer ongelijk zijn verdeeld. Het meest schrijnende geval, maar lang niet het enige, is dat van mensen die hun huis zijn uitgezet. De staat komt royaal over de brug en steekt zich gevaarlijk in de schulden om de banken te saneren, maar biedt geen enkele oplossing aan al die mensen die door de crisis hun hypotheek niet meer kunnen betalen. De ongevoelige houding van de overheid en de twee grote partijen in deze situatie heeft zeker bijgedragen aan de stijgende verontwaardiging van een groot deel van de bevolking.

In de vierde plaats heeft niemand nog hoop. Hoewel de regering beweert dat het herstel van de economie niet lang meer op zich zal laten wachten, heeft het volk begrepen dat we in een periode van langdurige stagnatie verkeren en dat ons moeilijke jaren te wachten staan.

En ten slotte zitten we opgescheept met een corrupte en verbazend inefficiënte regeringspartij. Het is niet te geloven maar in deze moeilijke periode staat de minister-president onder druk vanwege illegale financiering van zijn Partido Popular.

Ondanks al deze calamiteiten breekt er geen oproer uit. Wat is er aan de hand?

Ontwikkelde economieën zijn stabiel

Ten eerste zijn er geen alternatieven meer. Er is op dit moment geen enkele ideologie die met een betere oplossing komt op basis waarvan doeltreffend verzet kan worden georganiseerd. Mensen zijn vooral woedend, wat blijkt uit afwijzing en vervreemding van het economische en politieke systeem, maar die woede wordt niet omgezet in een beweging waar een collectieve dreiging van uitgaat.

Ten tweede blijft Spanje ondanks de groeiende armoede nog steeds een hoogontwikkeld land. En we weten dat ontwikkelde economieën buitengewoon stabiel zijn. Ze kunnen bijna alles hebben. Er doet zich een verbazingwekkende regelmatigheid voor: er is nog nooit een democratie ingestort waar het inkomen per hoofd van de bevolking hoger is dan dat van Argentinië in 1976.

In Spanje is het inkomen per hoofd van de bevolking zelfs veel hoger, ondanks de crisis van de afgelopen jaren. Daarom zijn wel spanningen en gewelddadige perioden te verwachten, maar geen grootschalige opstand. Deels omdat de staat oppermachtig is en elk protest de kop in kan drukken, en deels omdat mensen die hun huis hebben afbetaald of hun geld op de beurs hebben belegd niet bereid zijn zich in een avontuur te storten waarvan de afloop onzeker is. Ontwikkeling leidt op elk niveau tot meer politiek conservatisme.

Monetaire unie is muizenval gebleken

Dat de bevolking, hoe boos ook, geen risico’s wil nemen, blijkt nog wel het meest uit het feit dat in Spanje geen publieke discussie wordt gevoerd over de wenselijkheid van het lidmaatschap van de eurozone. Hoewel de monetaire unie een muizenval is gebleken, wil vrijwel niemand opdraaien voor de kosten die het verlaten van de eurozone op korte termijn met zich mee zou brengen.

Dat de bevolking haar beklag doet bij Spaanse partijen en instanties is al net zo vreemd, want de problemen worden voor een groot deel veroorzaakt door de regelgeving rond het functioneren van de euro en het beleid van de noordelijke lidstaten. Weliswaar is ook de waardering voor de Europese instellingen flink afgenomen, maar zonder al te veel gevolgen: de steun voor de euro blijft onverminderd groot. En die steun is doorslaggevend om te begrijpen waarom een opstand uitblijft.

Uiteindelijk blijven we gelaten een situatie verdragen die hoe je het ook bekijkt onverdraaglijk is.