Stylia Kampani deed alles goed en toch weet ze niet wat de toekomst voor haar in petto heeft. De 23-jarige studeerde internationale betrekkingen in haar geboorteland Griekenland en verbleef een jaar aan de universiteit van Bremen in Noord-Duitsland. Ze liep stage bij het ministerie van Buitenlandse Zaken in Athene en werkte voor de Griekse ambassade in Berlijn. Nu loopt ze onbetaald stage bij het prestigieuze Atheense dagblad Kathimerini. En hierna? “Goede vraag”, zegt Kampani. “Ik weet het niet.”

“Geen van mijn vrienden gelooft dat we een toekomst hebben of dat we ooit een normaal leven zullen leiden”, zegt Kampani. “Dat was vier jaar geleden bepaald niet het geval.”

Enorme weerslag op jongeren

Vier jaar geleden, dat was vóór de crisis. Sindsdien heeft de Griekse overheid een reeks bezuinigingsmaatregelen doorgevoerd die vooral op jongeren een enorme weerslag hebben gehad. Het percentage werkloze Grieken jonger dan 25 jaar is maandenlang boven de vijftig procent geweest. De situatie is bijna net zo dramatisch in Spanje, Portugal en Italië.

Volgens Eurostat, het bureau voor de statistiek van de Europese Unie, is het werkloosheidspercentage onder jonge volwassenen in de EU gestegen tot 23,5 procent. Een verloren generatie krijgt gestalte in Europa. En de Europese regeringen lijken zich geen raad met de dingen die mensen zeggen zoals de universitaire geschoolde Alexandros uit Athene: “We willen niet uit Griekenland vertrekken, maar we worden moe en neerslachtig van de constante onzekerheid.”

Voorkeur aan voortzetten ideologische strijd

In plaats van een effectief scholings- en trainingsprogramma in te voeren om de Zuid-Europese jeugd voor te bereiden op toetreding tot de arbeidsmarkt ná de crisis, geeft de politieke elite van het Europese continent er de voorkeur aan de oude ideologische strijd voort te zetten. De roep bij de Europese Commissie om traditionele economische stimuleringsprogramma’s wordt steeds luider. De regeringen van landen geteisterd door schulden zijn echter meer bezig met de status quo van hun voornamelijk oudere kiezers. Ondertussen verzetten de schuldeisende landen in het noorden zich tegen alles wat geld zou kunnen kosten.

Op deze manier heeft Europa kostbare tijd verspeeld, althans tot het begin van de maand toen de regeringen werden opgeschud door het nieuws over een verontrustend record: het werkloosheidspercentage in Griekenland onder jongeren tussen de vijftien en 24 jaar overstijgt de zestig procent.

Opeens haastte Europa zich om het probleem aan te pakken. De jeugdwerkloosheid staat inmiddels boven aan de agenda van de EU-top in juni. En de nieuwe Italiaanse premier Enrico Letto wil dat de strijd tegen jeugdwerkloosheid een 'obsessie' wordt voor de EU.

Grote beloftes, weinig resultaat

Er worden nu grote beloftes gedaan in de Europese hoofdsteden, maar ze hebben nog niet tot enig resultaat geleid. In februari heeft de Europese Raad bijvoorbeeld beloofd zes miljard euro extra opzij te zetten om tussen nu en 2020 de jeugdwerkloosheid aan te pakken, een maatregelenpakket dat aan een voornamelijk symbolische werkgarantie is verbonden. Maar aangezien de lidstaten het nog steeds oneens zijn over hoe het geld moet worden uitgegeven, kan het programma niet eerder dan in 2014 van start gaan.

Een recente Frans-Duitse poging blijft ook vaag. De regeringen in Berlijn en Parijs willen werkgevers in Zuid-Europa, met leningen van de Europese Investeringsbank (EIB), aanmoedigen jongeren aan te nemen en op te leiden. Dit voorstel wordt eind mei uit de doeken gedaan. De Duitse minister van Werkgelegenheid, Ursula von der Leyen, is de grootste voorstander van het project.

De Duitse inspanningen om de crisis te bestrijden zijn daarentegen beperkt gebleven tot het aannemen van opgeleide werknemers uit Griekenland, Spanje en Portugal. Maar nu realiseren politici zich dat een hoge werkloosheid in Athene en Madrid een bedreiging vormt voor de democratie en de doodsklap kan betekenen voor de eurozone.

Een schandaal zonder weerga

Misschien moet je een bepaalde leeftijd hebben bereikt om het probleem te kunnen herkennen. “Wij hebben een programma nodig dat de jeugdwerkloosheid in Zuid-Europa uitbant. Barroso [de voorzitter van de Europese Commissie, red.] is er niet in geslaagd dit te doen”, zegt voormalig bondskanselier van Duitsland Helmut Schmidt, nu 94 jaar oud. “Dit is een schandaal zonder weerga.”

Ook economen menen dat het tijd is dat Europa eindelijk eens wat aan het probleem gaat doen. “Het vooruitzicht voor jongeren op de lange termijn is uitermate beroerd in de door de crisis getroffen landen. Dit leidt tot een verhoogd risico op radicalisering van een hele generatie”, waarschuwt Joachim Möller, directeur van het Duitse Instituut voor Onderzoek naar Werkgelegenheid, een arbeidsmarktdenktank.

Het Frans-Duitse voorstel om Zuid-Europese werkgevers te helpen is een goed voorbeeld. In het plan zou de zes miljard euro van het EU-jongerenhulpprogramma worden verdeeld door de EIB aan de bedrijven en zou het bedrag zich, bij toverslag, vermenigvuldigen. Uiteindelijk, zo speculeren de voorstanders van het plan, zal er tien keer zoveel geld in omloop kunnen worden gebracht waardoor er een eind komt aan de schuldenellende waar zoveel kleine bedrijven in Zuid-Europa onder lijden.

Er zijn echter twijfels over het nut van het injecteren van grote sommen geld in de economie. De eerste maatregelen uit Brussel hebben hun doel gemist en hebben nergens toe geleid. Afgelopen jaar beloofde de Europese Commissie aan de door de crisis getroffen landen dat zij nog niet uitgegeven geld uit de structurele fondsen konden gebruiken voor projecten om banen te creëren voor werkloze jongeren. Ongeveer zestien miljard euro werd er sinds het begin van dit jaar gebruikt, 780.000 jongeren zouden hierbij gemoeid moeten zijn. Maar de resultaten zijn teleurstellend en concrete successen zijn ver te zoeken.

Niet doodgaan aan onzekerheid

Uit een rapport van het Duitse kabinet dat in juni zal worden besproken, staat dat Duitsland de landen in crisis wil helpen met “het integreren van duaal onderwijs (beroepsonderwijs en -training) in hun respectievelijke onderwijssystemen”. De regering is van plan een nieuw ‘Centraal Bureau voor Internationale Onderwijssamenwerking’ als onderdeel van het Federale Instituut voor Beroepsonderwijs en -training op te zetten. Dit bureau zou, indien nodig, adviseurs naar de probleemlanden kunnen sturen. Tien arbeidsplaatsen voor de nieuwe organisatie zijn al goed gekeurd.

De oplossing in de strijd tegen jeugdwerkloosheid is de hervorming van de verdeelde arbeidsmarkt. Maar uit een intern rapport van de Duitse regering is gebleken dat de door de crisis getroffen landen nauwelijks enige vooruitgang op dit gebied hebben geboekt. Volgens het onderzoek heeft Portugal mogelijk “aanvullende productiviteitsreserves in het schoolsysteem”, terwijl Griekenland maar op een paar punten vooruit is gegaan, zoals met het plan om jonge werkloze vrouwen te helpen.

De problemen die gelieerd zijn aan een verdeelde arbeidsmarkt zijn vooral opvallend in Italië. Daar kunnen oudere werknemers hun baan houden omdat hun arbeidscontracten bijna niet kunnen worden ontbonden en jongere werknemers daardoor niet aan het werk komen. De woorden op een T-shirt van een demonstrant in Napels vat de stemming onder de jongeren goed samen: “Ik wil niet doodgaan aan onzekerheid”

In Athene overweegt de jonge universitaire geschoolde Stylia Kampani om helemaal overnieuw te beginnen. Ze denkt erover om naar Duitsland te verhuizen. En deze keer, voegt zij eraan toe, zal ze er misschien blijven.