De reddingsacties voor Ierland, wanneer die ook plaatsvindt, is niet alleen een keerpunt in onze geschiedenis. Het is ook een bepalend moment voor de Europese Unie zelf. Uit de manier waarop de EU dit misdadige staatje behandelt, zal moeten blijken of de EU nog steeds een sociaal en politiek project is, gebouwd op de nalatenschap van de Tweede Wereldoorlog, of dat het slechts weer een vehikel is voor de beperkte belangen van de rijken.

Wat de regering ook zegt (en wie gelooft er nog iets uit die bron?), de kernvraag met betrekking tot de noodhulp is niet wanneer het zal gebeuren, maar op welke voorwaarden. Wat is het rentetarief? Hoe lang zal Ierland geld moeten terugbetalen en de mythische doelstelling van een begrotingstekort van 3 procent bereiken?

Deze kwesties lijken belastingstechnische vraagstukken te zijn. In feite zijn ze politiek en moreel van aard. Ze dringen door tot in de ziel van het Europese project. De EU bestaat vanwege een les die we op de meest gruwelijke manier hebben moeten leren: door de opkomst van barbaarsheid en het meest destructieve conflict uit de wereldgeschiedenis. Die les kan eenvoudig worden samengevat: het nationale belang van ieder Europees land is verbonden met het welzijn van alle andere Europese landen. Of, om het nog eenvoudiger te zeggen: niemand heeft er belang bij zijn buurman te zien imploderen.

Consequenties van een misdraging

Het land dat dit het beste weet is het land dat ons lot nu in handen heeft: Duitsland. De Duitsers hebben twee keer scherp contrasterende ervaringen kunnen opdoen met wat er gebeurt als je je misdraagt.

Na de eerste wereldoorlog werd er besloten dat ze gestraft moesten worden en een lesje moesten leren. Iedereen kent het resultaat: een krankzinnig en gevaarlijk Duitsland. Dus aan het eind van de Tweede Wereldoorlog, toen Duitsland zich nog afschuwelijker gedragen had, was de verleiding groot het land nog strenger te straffen. De eerste ingeving was om Duitsland de grond in te boren, inderdaad een gerechtvaardigde reactie. Maar herinnering en wijsheid kregen voorrang. Duitsland werd in plaats daarvan weer op de been geholpen.

Wij zijn te kwetsbaar voor een pak slaag. Wij hoeven dan ook niet gestraft te worden, we hebben hulp nodig. En Duitsland is zelf ook niet helemaal zonder zonde. De crisis is ongetwijfeld het resultaat van onze eigen, binnenlandse stommiteiten. Maar het waren de Duitse banken die ons in de gouden jaren enthousiast het meeste geld leenden. En Angela Merkel had ons veel ellende kunnen besparen als zij in september 2008 had gezegd wat ze vorige week zei over aandeelhouders die de pijn moeten delen. Duitslands ontdekking van de peperdure algemene reddingsplannen voor banken komt voor ons net te laat.

Redding onmogelijk zonder hervorming systeem en politieke cultuur

De kernvraag gaat echter veel verder dan het toespelen van de zwartepiet en raakt aan het basisidee voor de EU zelf. De fundamentele principes van verlicht eigenbelang, solidariteit, gelijkheid en rechtvaardigheid staan op het spel. Het Ierse volk straffen, en dan vooral het meest kwetsbare deel, degenen die het hardst getroffen worden door de afbraak van overheidsdiensten, zou economisch erg dom zijn. Maar het zou ook de aanspraken kunnen ondermijnen die de EU maakt op een moreel in plaats van louter pragmatisch fundament.

De andere kant van de deal is overigens net zo belangrijk. Het heeft geen zin om ons te redden als het enige effect daarvan is dat het systeem en de politieke cultuur die de ellende veroorzaakten, blijven voortbestaan. Ook al zou de EU onze schulden nu allemaal kwijtschelden, over 10 jaar zitten we weer in een crisis. Om het maar eens hard te zeggen: we zijn niet in staat onszelf te regeren met onze huidige instituten en houding.

Dus de andere kant van een eerlijke en rationele redding, met lage rentes en een 10-jarig tijdspad, is een revolutie binnen onze politieke instituten, publieke moraal en bestuurssystemen. De Duitse belastingbetaler heeft gelijk als hij concludeert dat als je mensen helpt die niets leerden van de gevolgen van hun eigen acties, ze ervan uit zullen gaan dat ze er keer op keer opnieuw mee wegkomen.

Dit is dus de andere vraag die de EU moet stellen: redden we een land, of redden we een uitgerangeerd systeem van vriendjespolitiek, absurditeit en star beleid?

Als het het eerste is, dan heeft de EU een belangrijke test doorstaan. Als het het laatste is, doen de Duitsers er wijs aan hun geld in hun zak te houden.