Het Amerikaanse instituut Pew Research Center heeft onlangs een onderzoek naar het vertrouwen in de Europese Unie uitgevoerd. Wat blijkt? In de acht onderzochte landen staat bijna 45 procent van de ondervraagde burgers achter de EU. Een jaar daarvoor was dat nog 60 procent. In Frankrijk hangt de meest zwaarmoedige sfeer: het aantal eurosceptici nam daar in een jaar met 18 procent toe. 58 procent van de Fransen zegt geen vertrouwen te hebben in het hedendaagse Europa. Onze Poolse buren krikken het gemiddelde nog een beetje op: 69 procent van de ondervraagden steunt de EU. Bij onze Tsjechische buren is daarentegen het tegenovergestelde aan de hand.

Teleurstelling bij Europese verkiezingen

“Een van de belangrijkste redenen van de teleurstelling in de EU is de precaire economie, vooral in de eurozonelanden. Daar zien de inwoners ongetwijfeld een verband tussen de slechte economische situatie, de eenheidsmunt en de beslissingen die door de EU zijn genomen om de euro te redden”, meent Ramunas Vilpisauskas, directeur van het TSPMI, het instituut voor internationale betrekkingen en politieke wetenschappen van de Universiteit van Vilnius.

“In sommige landen, bijvoorbeeld in Litouwen, hebben de mensen minder vertrouwen in de nationale instellingen dan in die van de EU. Echter, het aantal landen waar het vertrouwen in zowel de nationale als de Europese instellingen in een vrije val is terechtgekomen, zijn talrijk. Griekenland is daar een extreem geval van. De mensen hebben hun teleurstelling geuit bij de parlementsverkiezingen, maar dit zal nog beter tot uiting komen tijdens de verkiezing voor het Europees Parlement volgend jaar”, vervolgt hij.

Positie van nationale elites

De deskundigen menen ook dat de positie van de nationale elites ten aanzien van de EU een niet te negeren factor is. De Poolse en Tsjechische voorbeelden, zo meent Kęstutis Girnius, tonen dat de machthebbende elite een rol van belang speelt. “In Polen hebben de leiders altijd de EU gesteund. Het land eist een belangrijke rol in de gemeenschap op, dat terwijl de voormalige Tsjechische president Vaclav Klaus, naar mijn mening en als het in zijn macht had gelegen, Tsjechië uit de EU heeft proberen te drijven. In Praag heeft de communistische partij nog veel invloed en is het algemeen bekend dat de socialisten de EU nauwlettend in de gaten houden”, legt deze hoogleraar politieke wetenschappen uit.

“Denk ook aan de toespraak van Radoslaw Sikorski [de Poolse minister van Buitenlandse Zaken, red.] in Berlijn [op 28 november 2011, red.]. Daarin spoorde hij Duitsland aan zich meer actief op te stellen om de crisis in de eurozone op te lossen en de EU richting verdere integratie te leiden. Deze Poolse machtsuiting is positief ontvangen door de meerderheid van de inwoners van het land. Daar moet wel bij worden aangetekend dat de Poolse economie sinds het begin van de crisis geen recessie heeft gekend, wat ook van invloed kan zijn op de publieke opinie”, meent Ramunas Vilpisauskas.

Polen gespaard, Fransen geïrriteerd

Wat betreft de Fransen, zij zijn geïrriteerd, mede vanwege de nieuwe herverdeling van het machtsevenwicht in de EU. “Tot aan het begin van de crisis heeft Frankrijk een belangrijke rol gespeeld in de Unie. En als we dat zo kunnen zeggen: er bestond een informele overeenstemming tussen Frankrijk en Duitsland dat laatstgenoemde de economische locomotief van de EU was. Frankrijk kon daarentegen talrijke belangrijke politieke beslissingen nemen. Maar dat is niet meer zo. Zelfs toen Merkozy (Angela Merkel en Nicolas Sarkozy) de teugels nog in handen hadden, begon er al een verandering in het evenwicht te komen en dat kunnen de Fransen niet waarderen”, meent Kęstutis Girnius.

En hoe is het in Litouwen? Als een dergelijk onderzoek zoals die van het Pew Research Center zou worden uitgevoerd in ons land, zouden de Litouwers dan op de Polen of de Tsjechen lijken?

Tegen invoering van de euro

Ramunas Vilpisauskas onderstreept dat de Litouwers momenteel vertrouwen hebben in de EU, ook al geldt dat niet voor alles en iedereen. “Zo is bijvoorbeeld een relatief groot aantal personen tegen de invoering van de euro. Dat is een bewijs van het scepticisme van de Litouwers ten opzichte van een verdere Europese integratie, in ieder geval op dit gebied. Dat heeft waarschijnlijk te maken met de prijsstijgingen, de daling van de koopkracht en de onzekerheden die bestaan in de eurozone”, onderstreept de directeur van het TSPMI.

Tijdens het voorzitterschap van Litouwen zal het, ondanks het feit dat de bevolking de EU ondersteunt, moeilijk zijn het beeld te verbeteren dat bestaat van de EU. “Voor de kleine staten is het moeilijk iets aan de beeldvorming rondom de EU te doen, vooral vanwege een gebrek aan middelen”, meent Kęstutis Girnius.

Critici mopperen over werkzaamheden

Daar komt volgens Ramunas Vilpisauskas nog bij dat de verantwoordelijken voor het Litouwse buitenland beleid zich vooral moeten bekommeren om de inwoners van Litouwen om niet onder vuur te komen van critici die menen dat ze meer aandacht hebben voor buitenlandse dan interne aangelegenheden.

Critici mopperen nu al over de grootschalige werkzaamheden in de straten, alsof het land zich voor de EU van zijn beste kant wil laten zien en alsof de middelmatige staat van het land moet worden verborgen. Het Litouwse voorzitterschap van de Europese Raad kan er welsiwaar voor zorgen dat er meer informatie komt voor burgers over Europese zaken. Maar of dat ook zal bijdragen aan een positief beeld over de EU? Dat is moeilijk te voorspellen.