Als steden en dorpen ergens gekrompen zijn, dan is het wel in Oost-Duitsland na de val van de Muur. In Leipzig verdwenen 100.000 arbeidsplaatsen en evenveel bewoners. Rond 1900 was de wijk Plagwitz in Leipzig een van de grootste industriële centra van Europa. Vooral de textielindustrie tierde er welig. Nu staan er fabrieksskeletten en veralen woonblokken waardoor de stad verlaten en troosteloos oogt. Toch heeft een aantal fabrieksgebouwen heeft nieuwe bestemmingen gevonden: kleine bedrijvigheid, jongerenclubs, fitnesscentra. Het modelproject is de Katoenspinnerij waar beroemde internationale kunstenaars werken en exposeren.[…]

Tobias Habermann is wijkmanager. Hij moet er mede voor zorgen dat het geld uit Europese kanalen en uit Duitse stimuleringsfondsen goed terechtkomt. [...] Doel is onder meer om de leegstand en het verval van de oude woonblokken tegen te gaan. […] "De eigenaren wachten met investeren tot ze hogere huren kunnen krijgen. Wij zorgen voor tijdelijke gebruikers. Jonge ondernemers, studenten, kunstenaars.”

Aan de oostrand van Plagwitz is te zien hoe het kan worden. Daar ligt de wijk Schleussig. Jonge middenklassegezinnen bewonen er de gesaneerde oude panden, de tot lofts verbouwde fabrieksgebouwen en de gelikte nieuwe stadswoningen. Het is er vol, met als gevolg dat de yuppen nu naar Plagwitz aan de westelijke kant van het sfeervolle kanaal uitwijken.

Habermann heeft daar gemengde gevoelens over. Hij wil liever dat Plagwitz van de mensen blijft die er nu werken en wonen. Ook de armen onder hen. […] Voor Habermann is het belangrijkste dat de woon- en leefkwaliteit omhoog gaat. "De binnenhoven opknappen, meer groen in de wijk, scholen en openbare gebouwen saneren, het verenigingsleven versterken.” […]

De maatregelen van boven en de initiatieven van onderen lijken enig succes te hebben. Op de acht vierkante kilometer waar Habermann verantwoordelijk voor is, steeg het inwonertal sinds 2000 van 31.500 naar 38.000. Sociaal zwakken uit de westelijke flatwijken, middenklassers uit de oostelijke yuppiewijken en jonge creatieven uit heel Duitsland zorgden voor de groei.