De doorbaak van de anti-europartij in Duitsland, de opmars van extreemrechts in Oostenrijk, de druk die de eurofoben van Nigel Farage op de Britse Conservatieven uitoefenen en de zware nederlaag die de Portugese regeringspartij bij de gemeenteraadsverkiezingen leed vanwege de bezuinigingen: al deze ontwikkelingen vormen de opmaat tot de campagne voor de Europese verkiezingen in mei 2014, die wel eens gedomineerd zou kunnen worden door partijen die vijandig staan tegenover de Brusselse orthodoxie.

Waren het bij vorige verkiezingen nog de traditionele anti-immigratie- en anti-Brussel-stemmen die het euroscepticisme aanwakkerden, nu komt daar een anti-Merkel- en anti-trojka-stem bij, die goed gedijt sinds de eurocrisis en de telkens terugkerende bezuinigingsplannen. Vaak overlappen de verschillende fronten van deze 'anti's' elkaar. De eurosceptici zijn bezorgd over de toenemende immigratie, terwijl de bezuinigingen de afwijzing van een liberaal Europa in de hand werken.

Terwijl de regeringspartijen zich eerder druk maken om hun nationale verkiezingen dan om de Europese stembusgang – die gekenmerkt wordt door een lage opkomst -, verwachten deze 'anti's' te kunnen profiteren van de Europese verkiezingen op 22 en 25 mei 2014 om hun invloed te doen gelden. Deze verschuiving doet zich voor net nu het Europees Parlement ruimere bevoegdheden krijgt, met name als het gaat om de benoeming van de voorzitter van de Commissie.

Explosief mengsel

De leider van de UK Independence Party (UKIP), Nigel Farage, heeft de Europese verkiezingen tot speerpunt gemaakt om het Verenigd Koninkrijk te doordringen van zijn standpunten en om de machtsverhouding in Brussel te veranderen. Dit is ook een prioriteit voor de Ware Finnen en het Franse Front National, net als voor Beppe Grillo, in Italië, en Syriza, de belangrijkste oppositiepartij in Griekenland.

Zij hopen de proteststemmen binnen te halen die bij deze verkiezingen gemakkelijker worden uitgebracht. “Europese verkiezingen zijn van oudsher gunstig voor partijen die buiten het politieke establishment vallen”, legt politicoloog Dominique Reynié uit. “Het zijn verkiezingen volgens het principe van evenredige vertegenwoordiging, en veel kiezers – vooral van het gematigde electoraat – gaan niet stemmen.”

De ingrediënten van de protestcocktail zijn bekend: immigratie, bureaucratie en bezuinigingen.

De ingrediënten van de protestcocktail zijn bekend: immigratie, bureaucratie en bezuinigingen. Soms lopen ze door elkaar, hetgeen een explosief mengsel kan opleveren. De polemiek die in Frankrijk over de Roma wordt gevoerd, laat al zien dat immigratie – zowel naar Europa als binnen de EU-lidstaten afzonderlijk – een van de campagnethema's zal zijn. Het is op dit punt dat extreemrechts goede zaken doet: van Denemarken tot Griekenland, en van Nederland en Oostenrijk tot Frankrijk.

Euroscepsis vaart wel bij de crisis

Het is ook een onderwerp dat de eurosceptici van de UKIP en de nieuwe anti-europartij Alternatief voor Duitsland (AfD) enthousiast omarmen. Een deel van de Europeanen die zenuwachtig zijn geworden door de crisis, beschouwt het vrij verkeer van werknemers als een bedreiging voor de werkgelegenheid. Roemeense en Bulgaarse arbeiders hebben de plaats ingenomen van de gevreesde Poolse loodgieter.

De euroscepsis vaart wel bij de crisis. Er is niet alleen kritiek op de Brusselse bureaucratie; men vindt ook dat de financiële problemen verkeerd worden aangepakt. “Sinds de schuldencrisis zijn de zuidelijke landen ervan overtuigd dat wat hun overkomt de schuld van Berlijn is, terwijl de noordelijke landen menen dat het de schuld van Brussel is dat zij geld aan het zuiden moeten geven”, aldus Alain Lamassoure, EP-lid voor de Fractie van de Europese Volkspartij (EVP).

De Ware Finnen zien financiële steun aan Griekenland als een rechtvaardiging voor hun euroscepsis, net als de Partij voor de Vrijheid (PVV) van Geert Wilders, die in de opiniepeilingen op dertig procent van de stemmen staat.

Anti-Merkel en anti-trojka

Afgezien van deze twee traditionele vormen van protest heeft de crisis ook tot een anti-Merkel- en anti-trojka-front geleid. Dit krijgt veel aanhang in Zuid-Europa, zowel onder linkse als onder extreemrechtse kiezers. In Griekenland verwachten Syriza en de populistische partij Onafhankelijke Grieken goed te scoren bij de Europese Parlementsverkiezingen door te profiteren van de weerstand die de door Brussel en het Internationaal Monetair Fonds (IMF) opgelegde maatregelen bij veel Grieken oproepen. In Spanje heeft de ´Indignados´-beweging toegezegd kandidatenlijsten op te stellen voor de Europese verkiezingen in mei.

“Het Europese project loopt een zeer groot risico”, erkent Anni Podimata, die vicevoorzitter is van Europees Parlement en als EP-lid de Griekse socialistische partij Pasok vertegenwoordigt. “Het anti-Europese sentiment neemt enorm toe. Daarom moeten de partijen de verantwoordelijkheid nemen om op te komen voor hun Europese boodschap.” Tot nu toe waren extreemrechts en de eurosceptische bewegingen erg verdeeld en hadden ze maar weinig zeggenschap in het Europees Parlement.

De EP-leden van het Franse Front National zijn niet-ingeschrevenen, terwijl andere bewegingen zijn opgegaan in de fractie Europa van Vrijheid en Democratie [EVD] rond Nigel Farage en leden van de Italiaanse Lega Nord. Het Front National droomt ervan een Europese fractie te vormen met de FPÖ, die bij de Oostenrijkse parlementsverkiezingen op 29 september meer dan twintig procent van de stemmen behaalde.

“Een kwart tot een derde van de EP-leden zal op alles ´nee´ stemmen [bij wetsvoorstellen], maar dat weerhoudt het Parlement er niet van te functioneren. Een goede verstandhouding tussen de EVP en de sociaaldemocraten zal des te meer noodzakelijk zijn”, betoogt Alain Lamassoure. Deze twee partijen hebben aangekondigd dat zij campagnes gaan voeren die de verschillen tussen rechts en links benadrukken. De start van de Europese campagne van de sociaaldemocraten valt echter samen met het besluit van de SPD om deelname aan de regering-Merkel te overwegen.