Een kleiner Europa in een geglobaliseerde wereld? Dat is een historische evidentie. Jazeker, Europa – en daarmee ook het Westen – is kleiner geworden in een meer geglobaliseerde wereld. En toch is Europa immens.

Als we ervan uitgaan dat de volgende cijfers geen propagandistische statistieken zijn, dan staat in Europa in 2013 voor 500 miljoen inwoners, 4,5 miljoen vierkante kilometer en een bbp van 18.000 miljard dollar, dat hoger is dan dat van de Verenigde Staten en drie keer zo hoog als dat van China. Bovendien is er in de eurozone een spaartegoed beschikbaar van 12.000 miljard euro.

Hebben wij hier soms te maken met een Gulliver-Europa, dat door onbeduidende lilliputters – de lidstaten zelf, hun egoïsme en de rivaliserende nationale belangen – is vastgeketend, waardoor de opkomst van een verenigd en groot Europa wordt tegengehouden? Of gaat het om de som van alle particuliere, industriële en financiële belangen die Europa naar eigen goeddunken sturen, waardoor het in de netten van goed georganiseerde lobby´s verstrikt raakt?

De lilliputters van het Gulliver-Europa

De lijst van lilliputters die dit Gulliver-Europa aan de ketting leggen, is lang. En we zouden hem nog kunnen uitbreiden met de ´zondebokken´ die Europa in de loop van zijn geschiedenis telkens weer aandroeg om zijn eigen fouten en onvermogen te verbloemen. Maar wat als Europa´s zwakte, onmacht en falen nu eens voortvloeiden uit een grote samenzwering tegen Europa?

Een prachtige manier om Europa´s burgers, volkeren en publieke opinie te ontslaan van iedere verantwoordelijkheid voor het wegkwijnen van Europa

Ieder van ons is aan alles ten overstaan van allen schuldig; en ik ben het meer dan alle anderen”, zei Ivan Karamazov [in De gebroeders Karamazov van Dostojevski, red.]. De Europese hel – de lilliputters van Gulliver-Europa – dat zouden dus de anderen zijn! Een prachtige manier om Europa´s burgers, volkeren en publieke opinie te ontslaan van iedere verantwoordelijkheid voor het wegkwijnen van Europa.

Ik ben een heel andere mening toegedaan: dat Europa ondanks – of vanwege – zijn enorme financiële rijkdommen en zijn overvloed aan materiële en immateriële goederen bezig is van het wereldtoneel te verdwijnen, komt door de Europeanen zelf, en in het bijzonder door de generaties die nu aan de macht zijn: deze verwende naoorlogse kinderen die alleen maar vrede en welvaart hebben gekend en enkel op egoïstische wijze hun eigen geluk hebben nagejaagd.

In plaats van een bestaansminimum te garanderen, om hun integriteit en soevereiniteit op strategische gebieden veilig te stellen, besteden zij hun geld liever aan hun kleinburgerlijke comfort en verkwanselen ze datgene wat de Europese esprit bepaalt en wat Europa werkelijk kenmerkt: zijn authentieke humanisme en zijn diepgevoelde altruïsme.

Een hoorn van overvloed en welzijn

Dat het slecht gaat met Europa, dat Europa nu zo is weggekwijnd in een wereld die klaarblijkelijk volop in expansie is, dat komt nu juist omdat de Europeanen niet Europees meer zijn. 'Rome is niet meer te vinden in Rome', net als dat de Europese gedachte de Europeanen verlaten heeft.

We zouden het bij deze constatering kunnen laten, namelijk dat Europa geen project en geen identiteit heeft, en zich laat samenvatten door wat anderen ervan verwachten: een markt, een ruimte om te bevolken, een hoorn van overvloed en welzijn om ofwel te bezoeken ofwel leeg te plunderen.

Dit scenario is een mogelijkheid die wij onder ogen moeten zien, zoals we ook moeten kijken naar de mogelijkheid dat Europa zelf ten ondergaat. Misschien is Europa wel voorbestemd om plaats te maken voor de Nieuwe Wereld, in de hoop dat deze het beste van het Europese erfgoed overneemt.

Ik deel deze mening niet. Allereerst omdat de geschiedenis heeft geleerd dat Europa in tijden van regressie een dodelijk gevaar voor zichzelf en voor anderen vormde.

Vervolgens – voor degenen die geloven dat 'economische groei alle zonden vergeeft' -, omdat het onduidelijk is hoe het bijvoorbeeld met China goed zou kunnen gaan als de Europese Unie van het toneel zou verdwijnen of opnieuw in een recessie zou belanden. En tot slot kunnen we ons afvragen of de gigantische vernietiging van menselijk kapitaal die zich voltrekt doordat een op de drie jongeren in Europa werkloos is, zonder strubbelingen en gewelddadigheden kan verlopen.

Welke weg moeten we inslaan?

Anders geformuleerd: een Europese renaissance is geen aangenaam alternatief, maar een noodzaak voor de Europeanen zelf en voor de rest van de wereld. Het wederopleven van Europa is dus niet alleen een noodzaak, maar het is ook mogelijk. Dat zal het werk zijn van ten minste één generatie, maar net als dat oude naties nooit sterven, zou het ook niet raadzaam zijn om vooruit te lopen op de verdwijning van Europa. 'Het wonder is om levend te zijn in een wereld van doden.'

Hoe kunnen wij vaststellen welke wegen naar zo´n wederopstanding leiden en hoe kunnen we deze inslaan? Moet er een groot Frans-Duits initiatief komen? Of een nieuwe ´EGKS´, of een groot project, bijvoorbeeld op milieugebied, dat de verschillende generaties en Europese landen kunnen delen en dragen?

Of moeten we radicalere wegen inslaan en een ´Europese revolutie´ ontketenen, naar het voorbeeld van de Amerikaanse revolutie, onder het motto We, The People?