De Europese verontwaardiging over de Amerikaanse afluisterpraktijken brengt Washington duidelijk in verlegenheid. Maar in New York, waar de grens tussen pragmatisme en cynisme flinterdun is, stuitte de weerklank van de diplomatische crisis onmiddellijk op de muren van Wall Street: de beurshandelaren en investment bankers, van wie velen aan de militaire academie van West Point hebben gestudeerd, bij de mariniers hebben gediend of voor de inlichtingendienst hebben gewerkt, voordat ze in de financiële wereld terechtkwamen, vinden de hetze tegen Amerika veelal niet alleen ‘nutteloos’ (er is geen regering ter wereld die niet de gangen van zijn buurlanden probeert na te gaan), maar zelfs ‘de zoveelste verdoezeling van de echte problemen in Europa’.

‘Waar zijn de Duitsers bang voor?’ vroeg een handelaar van een grote algemene beursmakelaar zich gisteren af. ‘Misschien vrezen ze dat, nadat eerst Merkels telefoongesprekken over de vooruitzichten van de euro zijn afgetapt, het Amerikaanse ministerie van Financiën ons nu opdraagt om onmiddellijk hun staatsobligaties van de hand te doen?’

Het is natuurlijk maar een grap. Maar achter dit cynisme schuilt een realiteit die, volgens ons, even zorgwekkend zou moeten zijn als het afluisterschandaal zelf: onder de grote portefeuillebeheerders van het Amerikaanse bankwezen, de speculanten, maar ook de economen en analisten van Wall Street, wortelt de overtuiging dat Europa ongecoördineerd te werk gaat, dat de eurozone de drijfveer voor de vorming van een politieke unie kwijt is en dat de geest van structurele veranderingen die het de landen in de periferie van Europa mogelijk maakte de weg van economische en institutionele modernisering in te slaan, aan het uitdoven is door een gebrek aan belangstelling.

Gemeenschappelijke markt op papier

Het is een bekende vergelijking: waar bestuursproblemen zijn, is de kans op winst altijd het grootst. Maar het punt is dat dit altijd ten koste gaat van de zwaksten. Een van de grootste problemen hierbij is dat het in dit spel, waarin regeringen en spaarders de inzet vormen, ontbreekt aan een jury die de regels vastlegt en een scheidsrechter die ervoor zorgt dat ze worden nageleefd.

In tegenstelling tot de Amerikaanse markt lijkt de Europese markt tegenwoordig een niemandsland waar alleen het recht van de sterkste geldt

In tegenstelling tot de Amerikaanse markt lijkt de Europese markt tegenwoordig een niemandsland waar alleen het recht van de sterkste geldt. Nemen we bijvoorbeeld de Tobintaks: slechts elf landen van de eurozone hebben besloten een belasting op financiële transacties in te voeren, waaronder Italië. Zo is de zoveelste concurrentiële ongelijkheid gecreëerd op een financiële markt die op papier een gemeenschappelijke markt wordt genoemd.

Speculeren op sterke euro

Maar we kunnen het ook over de euro hebben: aan de ene kant beweert het Amerikaanse bankwezen dat de euro in de zomer van volgend jaar opnieuw in moeilijkheden zal raken, maar aan de andere kant kunnen valutahandelaren door de ondersteunende maatregelen van de Fed en het Amerikaanse ministerie van Financiën voor de zwakke dollar met aanzienlijke winstkansen juist speculeren op de sterke euro, die kunstmatig hoog wordt gehouden ten opzichte van de toestand van de Europese economie en ten opzichte van de analyses die stellen dat Europa in een diepe politieke crisis verkeert. A

ls een systeem op springen staat, stort normaliter de munteenheid (of de schuld) in: in dit geval is het juist omgekeerd. Het verloop van de Amerikaanse T-bonds is een goede weerspiegeling van deze situatie: hoe meer er de afgelopen weken werd gesproken over een Amerikaans faillissement, des te sterker stegen de koersen van de Amerikaanse staatsobligaties, haast alsof het risico van een bankroet volstrekt geen invloed had.

Onbetrouwbare gesprekspartner

Het hoeft niet te verbazen dat de Europese markten een Luilekkerland zijn voor de meest gewetenloze speculanten, met dit scenario voor ogen en op de computerschermen. Maar het interessantst om te zien is hoe dit geheel van financiële verwikkelingen wordt vermengd met politieke en diplomatieke gebeurtenissen en vervolgens aan de Amerikaanse publieke opinie wordt voorgeschoteld: terwijl op de voorpagina’s van de Europese kranten de Verenigde Staten worden aangevallen vanwege het spionagesysteem van de CIA, is er op de voorpagina’s van de Amerikaanse kranten veel meer ruimte voor analyses die stuk voor stuk neerkomen op het feit dat de eurocrisis weer aanwakkert, dat het project voor een politieke unie strandt en uiteindelijk dat Europa onbetrouwbaar is als politieke en financiële gesprekspartner van de grote wereldeconomieën.

Het gevolg van deze zoveelste bestuursbreuk is niet alleen politiek maar ook financieel: het Duitse nee tegen het bankentoezicht, dat juist aan de vooravond van de nieuwe Europese stresstests komt, heeft de noodsignalen van de analisten van Wall Street over de wankele gezondheid van de Europese kredietwaardigheid onmiddellijk gerechtvaardigd.

Het is inmiddels voor iedereen duidelijk dat we ons op een toneel bevinden waar de mondialisering eenzijdige maatregelen onmogelijk maakt, maar waar uiteenlopende belangen tot verlamming leiden. Het oude systeem van regels en zekerheden staat op instorten, het nieuwe heeft nog niemand duidelijk voor ogen of durft men niet op te bouwen omdat alles verweven is met de crisis en de dreiging van een verslechtering van de financiële markten of de reële economie. Iedereen leeft bij de dag – beurshandelaren, regeringen en supranationale instellingen – en niemand durft een ontwerp te maken voor de toekomst.